PSKA: Samenvatting Social Development;Dit document bevat een samenvatting van het boek Social Development, van Clarke-Stewart, Alison & Parke, Ross D. Het gaat om de hoofdstukken 4 & 5, en 7 t/m 11. Deze zijn verplicht voor het tentamen bij het vak PSKA, bachelor 1 Pedagogische wetenschappen Universiteit Utrecht.
PSKA_Social Development
H.4 Attachment: Forming Close Relationships
Het vormen van hechte relaties is een belangrijk aspect van het vroege sociale leven van kinderen. Al
in de eerste maanden hechten ze zich aan belangrijke figuren in hun leven. Hechting is zo interessant
voor onderzoekers omdat het intens en dramatisch is, en omdat het een kader biedt voor het welzijn
en de sociale ontwikkeling van kinderen.
Attachment/hechting = Een sterke emotionele band die zich in de tweede helft van het eerste jaar
van het kind vormt tussen de zuigeling en de verzorger.
Theories of Attachment
Verschillende theorieën benadrukken verschillende mechanismen die ten grondslag liggen aan
hechting. Ook maken ze verschillende assumpties over de factoren die belangrijk zijn voor de
ontwikkeling van hechting.
Psychoanalytic Theory
Volgens Freud hechten kinderen zich aan hun moeder omdat zij haar linken aan hun instinctieve drift
van orale stimulatie. Deze uitleg klopt echter niet.
Learning Theories
Volgens sociale leertheorieën hechten kinderen zich aan hun moeder omdat zij in eerste instantie
honger van het kind vermindert. Volgens de operante conditionering is echter niet het voeden zo
belangrijk, maar de visuele en auditieve stimulatie die kinderen ontvangen van hun verzorgers.
Hechting is niet automatisch maar ontwikkelt zich over tijd, als resultaat van bevredigende interacties
met responsieve volwassenen. Deze uitleg is correct maar incompleet, het kan niet uitleggen waarom
een kind hecht met een mishandelende ouder.
Cognitive Developmental Theory
Cognitieve ontwikkelingstheorieën kijken naar andere componenten van de hechting. Een
component is het vermogen van een kind om onderscheid te maken tussen mensen die hij kent en
mensen die hij niet kent. Een ander component is het besef dat mensen altijd voort blijven bestaan,
zelfs wanneer je ze niet kan zien. Dit heet object permanentie. Ook Piaget stelt dat hechting
verandert over leeftijd. Wanneer kinderen ouder worden is fysieke nabijheid bijvoorbeeld minder
belangrijk.
Ethological Theory
De meest complete uitleg van hechting komt van John Bowlby. Lorenz heeft
Bowlby beïnvloedt: imprinting. → stelde dat de basis van hechting liggen in
overeenkomstige instinctieve responsen die belangrijk zijn voor het beschermen
en overleven van de soort. Kinderen zijn biologisch voorbereid om te reageren op
geluiden en verzorging van ouders, en ouders zijn biologisch voorbereid om te
reageren op de signalen van kinderen. Zo ontstaat een wederzijdse hechting
waarbij de ouder fungeert als veilige basis. Hechting is dus gelinkt aan exploratie.
Opvallend bij de theorie van Bowlby is dat het kind een actieve rol speelt door
bijvoorbeeld te lachen en huilen. Daarnaast focust het op wederkerige hechting,
en stelt Bowlby dat hechting een relatie is, en niet enkel gedrag.
PSKA_Social Development
Imprinting = Vogels en andere dieren ontwikkelen een voorkeur voor en volgen de persoon of het
voorwerp waaraan ze voor het eerst worden blootgesteld tijdens een korte, kritieke periode na de
geboorte.
Secure base = Een veiligheidszone waar het kind zich kan terugtrekken voor comfort en geruststelling
als het gestrest of bang is tijdens het verkennen van de omgeving.
Maternal bond = Gevoel van gehechtheid van een moeder aan haar kind, misschien beïnvloed door
vroeg contact met het kind.
How Attachment Develops
De hechting van kinderen ontwikkelt zich geleidelijk, ingedeeld in fases.
Formation and Early Development of Attachment
De ontwikkeling van de hechting van kinderen kan in 4 fases verdeeld worden:
Fase Leeftijd Beschrijving
- Preattachment 0-2 maanden Ongedifferentieerde sociale
responsiviteit: geen
onderscheid maken tussen
bekenden en onbekenden. - Attachment in the making 2-7 maanden Herkenning van bekende
mensen. - Clear-cut attachment 7-24 maanden Scheidingsprotest;
waakzaamheid bij vreemden;
doelbewuste communicatie. - Goal-corrected partnership 24+ maanden Relaties zijn tweezijdig;
kinderen begrijpen de
behoeftes van ouders.
What It Means to Be Attached
Hechting uit zich in stress wanneer een belangrijke persoon weggaat, en blijdschap wanneer die
terugkomt.
Separation distress/separation protest = De stressreactie van een zuigeling op het gescheiden zijn
van het hechtingsobject, meestal de moeder, die meestal een hoogtepunt bereikt op de leeftijd van
ongeveer 15 maanden.
Attachment to Whom?
De moeder is doorgaans het eerste object van hechting, omdat moeders ook de primaire verzorger
is. Daarnaast hechten kinderen zich aan hun vader en andere familieleden.
The Nature and Quality of Attachment
De meeste kinderen hebben een veilige hechting met hun ouders. Dit betekent dat kinderen
vertrouwen hebben in de beschikbaarheid, responsiviteit en betrouwbaarheid van hun ouders. Niet
alle kinderen ontwikkelen echter een veilige hechting met hun ouders.
PSKA_Social Development
Secure attachment = Baby’s zijn in staat om nieuwe omgevingen te verkennen, worden minimaal
gestoord door korte scheidingen van hun moeder, en worden snel getroost door haar als ze
terugkomt.
Different Types of Attachment Relationships
Ainsworth heeft onderzoek gedaan naar veilige en onveilige hechting bij kinderen. Haar onderzoek
heette Strange Situation (SS). Naar aanleiding van deze onderzoeken heeft Ainsworth een classificatie
van hechting opgesteld.
Strange Situation (SS) = Een onderzoeksprocedure waarbij ouder en kind worden gescheiden en
herenigd, zodat onderzoekers de aard en de kwaliteit van de hechting van
de ouder/infant kunnen beoordelen.
Ainsworth’s Classification of Attachment Types
Type hechting 1 jaar oud 6 jaar oud
B: Secure attachment Bij reünie, na een korte
scheiding van de ouder zoekt
het kind naar lichamelijk
contact, nabijheid, interactie;
vaak probeert het lichamelijk
contact te onderhouden.
Gemakkelijk gekalmeerd door
de ouder en keert terug naar
de verkenning en het spel.
Bij reünie, kind initieert
gesprek en aangename
interactie met de ouder of is
zeer gevoelig voor de opening
daarvan van de ouders. Kan
subtiel bewegen in de buurt
van of in fysiek contact met de
ouder, meestal met een reden
zoals het zoeken naar een stuk
speelgoed. Blijft de hele tijd
rustig.
A: Insecure-avoidant
attachment
Bij reünie, kind vermijdt en
negeert actief ouder, kijkt weg
en blijft bezig met speelgoed.
Kan afstand nemen van de
ouder en negeert de
inspanningen van de ouders
om te communiceren.
Kind minimaliseert en beperkt
de mogelijkheden voor
interactie met ouder op
reünie, kijkt en spreekt alleen
als dat nodig is en blijft bezig
met speelgoed of activiteiten.
Kan op subtiele wijze afstand
nemen van de grondgedachte,
zoals het ophalen van een stuk
speelgoed.
C: Insecure-ambivalent
attachment
Hoewel het kind nabijheid en
contact lijkt te willen, is de
ouder niet in staat om het leed
van het kind na een korte
scheiding effectief te
verlichten. Het kind kan
subtiele of openlijke tekenen
van boosheid vertonen, op
zoek naar nabijheid en zich er
dan tegen verzetten.
In beweging, houding en toon
van de stem, lijkt het kind te
proberen om zowel intimiteit
als afhankelijkheid van de
ouder te vergroten. Kan
zoeken naar nabijheid, maar
lijkt ongemakkelijk,
bijvoorbeeld, liggend in de
schoot van de ouders, maar
kronkelend en kronkelend.
Toont subtiele tekenen van
PSKA_Social Development
vijandigheid.
D: Insecure-disorganized
attachment
Kwam er later pas bij.
Kind vertoont tekenen van
desorganisatie (bijv. huilen om
ouder bij de deur en dan snel
weglopen als de deur
opengaat; nadert ouder met
het hoofd naar beneden) of
desoriëntatie (bijv. lijken te
bevriezen voor een paar
seconden).
Kind lijkt ouderlijke rol bijna te
adopteren met ouder, probeer
het gedrag van de ouder te
controleren en te sturen ofwel
door de ouder te beschamen
of door vernedering, of door
het tonen van extreme
enthousiasme voor reünie of
overmatig vragend gedrag ten
opzichte van de ouder.
Insecure-avoidant attachment = Baby’s lijken geen last te hebben van de korte afwezigheid van hun
moeder, maar vermijden haar juist als ze terugkomt en worden soms zichtbaar overstuur.
Insecure-ambivalent attachment = Baby’s hebben de neiging om erg overstuur te raken bij het
vertrek van hun moeder en vertonen inconsequent gedrag bij de terugkeer van de moeder, soms
zoeken ze contact, soms duwen ze hun moeder weg. (Dit wordt soms aangeduid als onzekerresistente of angstig-ambivalente gehechtheid).
Insecure-disorganized attachment = Baby’s lijken ongeorganiseerd en gedesoriënteerd als ze na een
korte scheiding met hun moeder worden herenigd.
Other Strategies For Assessing Attachment
Naast het indelen van kinderen in verschillende hechtingstypes, focust een andere methode voor het
beoordelen van hechting juist op het coderen van gedrag van het kind. De verschillende schalen zijn
zoeken van contact, behouden van contact, vermijding en weerstand. Deze manier van beoordelen
blijkt stabieler te zijn over tijd en kunnen hechtingsgedrag makkelijker verklaren door middel van
statistiek. Twee instrumenten die vaak worden gebruikt zijn de Attachment Q-Set (90 kaartjes met
gedragsbeschrijvingen) en de California Attachment Procedure (hoe kinderen moeder als veilige basis
gebruiken).
Attachment Types and the Brain
De aard van de hechting lijkt ook gerelateerd te zijn aan verschillen in de hersenen. Veilig gehechte
kinderen laten meer activiteit zien aan de positieve linkerkant van de hersenen, en onveilig gehechte
kinderen laten meer activiteit zien aan de negatieve rechterkant. Ook worden er neurologische
correlaties gevonden, maar hier moet in de toekomst nog meer onderzoek naar worden gedaan.
Parent’s Role in Infants’ Attachment Development
Hechting is een relatie die zich ontwikkelt uit de interactie tussen twee mensen.
Biological Preparation
Ouders worden biologisch voorbereid op het verschaffen van zorg die een baby nodig heeft om zich
te kunnen hechten. Dit gebeurt bijvoorbeeld door hormonale veranderingen en ervaringen die ze
meemaken met kinderen. Na de geboorte hangt de ontwikkeling van veilige hechting af van de zorg
die de baby ontvangt:
Powered by https://learnexams.com/search/study?query=aqa