{"id":125135,"date":"2023-11-11T22:56:09","date_gmt":"2023-11-11T22:56:09","guid":{"rendered":"https:\/\/learnexams.com\/blog\/?p=125135"},"modified":"2023-11-11T22:56:11","modified_gmt":"2023-11-11T22:56:11","slug":"comva-samenvatting-luister-je-wel-naar-mij","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/2023\/11\/11\/comva-samenvatting-luister-je-wel-naar-mij\/","title":{"rendered":"COMVA: Samenvatting Luister je wel naar m\u00edj?"},"content":{"rendered":"\n<p>Dit is een samenvatting van het volledige boek Luister je wel naar m\u00edj? van Delfos (20e druk).<\/p>\n\n\n\n<p>Delfos \u2013 Luister je wel naar m\u00edj?<br>H.1 Inleiding: Luister je wel naar m\u00edj?<br>Vraag van volwassenen is vaak een vraag naar gehoorzaamheid, die van kinderen een smeekbede dat<br>er naar zijn\/haar verhaal geluisterd wordt. De start van leren communiceren met kinderen is in feite<br>heel eenvoudig: de houding.<br>1.1 De dominantie van taal<br>Taalontwikkeling verloopt bij jongens vaak trager. Kinderen zijn sensitief ingesteld op hun omgeving<br>en begrijpen situaties van daaruit, lang voordat er woorden bij horen. Ze ontvangen de woorden uit<br>hun omgeving vanuit deze sensitiviteit voor situaties en koppelen hun begrip van de situatie aan de<br>woorden die ze horen. Er is een sensitieve periode voor taal waarbinnen het kind op taal gericht is en<br>waarin het deze taal vloeiend leert beheersen (geboorte-7 jaar). Daarna is er een sensitieve periode<br>voor het verfijnen van de taal, vooral in grammaticaal opzicht en voor het leren lezen en schrijven (7-<br>10 jaar). Volwassenen maken vaak de vergissing dat wanneer een kind in staat is om de woorden van<br>een taal uit te spreken, het ook in staat is om de vragen te formuleren die hem of haar bezighouden<br>(tot 10 jaar niet het geval). Kinderen kunnen vanuit hun gebrek aan het onder woorden kunnen<br>brengen van wat ze willen vragen, repeteervragen stellen. Volwassenen interpreteren dat als<br>onoplettendheid. Het kan inderdaad dat het kind slecht luistert. Maar het zal vaker een kind zijn dat<br>probeert een bepaald antwoord te bewerkstelligen zonder in staat te zijn de juiste vraag daarbij te<br>formuleren. Bij jonge kinderen loopt het begrip (passieve woordenschat) voor op de productie<br>(actieve woordenschat) van taal. Dit kan leiden tot frustraties bij het kind wanneer volwassenen het<br>kind niet begrijpen.<br>1.2 Leercapaciteit en leerbereidheid van kinderen<br>Maria Montessori (1950) stelt dat volwassenen meer respect zouden moeten tonen voor het kind dat<br>helemaal zelf een taalsysteem weet te ontwikkelen \uf0e0 gebrek aan respect bv te zien in de wijze<br>waarop volwassenen op school het kind het alfabet aanleren, voorbijgaand aan de grote eigen<br>leercapaciteit van het kind dat al zelfstandig een taal geleerd heeft. Ook de leerbereidheid van<br>kinderen is heel groot. Wanneer ze iets beheersen treedt er normalisatie op (het gevoel weer<br>helemaal tot zichzelf te komen). Jonge kinderen zitten minder vast aan bepaalde patronen, zijn goed<br>in staat om iets vanuit verschillende perspectieven te benaderen en zijn minder bevooroordeeld dan<br>volwassenen. In eerste instantie neemt het kind vooral waar met de zintuigen, ervaringen worden<br>niet\/nauwelijks in woorden vastgelegd. Volwassenen hebben een vastomlijnde, talige wijze waarop<br>ze de wereld beschrijven \uf0e0 kinderen grote druk om zich hieraan aan te passen. Reggio-benadering is<br>erop gericht de intellectuele ontwikkeling van het kind te bevorderen door zich systematisch te<br>richten op symbolische uitdrukkingswijzen. Door middel van creativiteit blijken jonge kinderen ons<br>veel duidelijk te kunnen maken en spreekt hun \u2018kunst\u2019 dermate tot de verbeelding dat het werk van<br>de kinderen van Reggio Emilia als expositie onder de naam \u2018De honderd talen van kinderen\u2019<br>wereldwijd grote indruk maakte. Werkwijze van Reggio kan gezien worden als een verdere<br>ontwikkeling van het denken van Montessori. Gerichtheid op kinderen zelf en hun<br>ontwikkelingsmogelijkheden staan centraal, maar is geformuleerd in het brede scala van<br>uitdrukkingsmogelijkheden (tekenen, vertellen, samenwerking en interactie met andere kinderen).<br>1<\/p>\n\n\n\n<p>Delfos \u2013 Luister je wel naar m\u00edj?<br>1.3 Betrouwbaarheid en suggestibiliteit<br>Tot voor kort werd gesteld dat de getuigenissen van jonge kinderen niet betrouwbaar zouden zijn. Er<br>werd uitgegaan van een grote be\u00efnvloedbaarheid van (jonge) kinderen, ze zouden gevoelig zijn voor<br>suggestie. Tot 3 jaar blijken kinderen echter weinig gevoelig als het om een stressvolle gebeurtenis<br>gaat die hen is overkomen. Suggestibiliteit neemt af van 4-8 jaar en meet weer licht toe vanaf een<br>jaar of 13. Er bestaat een samenhang tussen de mate van suggestibiliteit en het niveau van morele<br>ontwikkeling. Kinderen blijken gemiddeld niet oneerlijker te zijn dan volwassenen en niet minder<br>betrouwbaar als getuige. 5-6 jarigen kunnen zelfs beter getuigen zijn dan volwassenen \uf0e0 minder<br>schema\u2019s over een gebeurtenis en dus minder bevooroordeelde kijk. Wat de betrouwbaarheid van<br>de gebeurtenissen van deze kinderen verkleint is dat zij op deze leeftijd nog erg be\u00efnvloedbaar zijn en<br>openstaan voor suggestieve vragen (zeker bij details). Zij gaan er vanuit dat de volwassenen serieus is<br>en hen niet om de tuin wil leiden \uf0e0 uitlatingen van volwassenen niet ter discussie stellen.<br>Volwassenen zijn ook gevoelig voor suggestieve vragen. Suggestiviteit kan onbewust een vraag<br>binnensluipen als vooroordeel van de spreker, maar is vaak ook een bewuste poging tot manipulatie<br>van de luisteraar. Redenen waarom kinderen van 5-6 jaar betrouwbaar zijn:<br>\uf0b7 Kind minder bepaald en beperkt door taal: beheerst de taal voldoende en heeft nog niet de<br>confrontatie op school gehad waar het merkt dat het de taal toch nog weinig beheerst<br>\uf0b7 Kind meer zelfvertrouwen dan 1 of 2 jaar later, wanneer het onzeker wordt door het falen op<br>leertaken op school en het onder de indruk is van alle kennis van de leerkracht. Groeiende<br>onzekerheid doet het kind aanpassen aan volwassenen<br>\uf0b7 Integratie van hersenen zorgt ervoor dat kinderen vanaf een jaar of 7 een gebeurtenis meer<br>in een samenhangende context kunnen plaatsen \uf0e0 vormen schema\u2019s die<br>bevooroordeeldheid kunnen vorderen. Ze zijn zich ook meer bewust van het belang van<br>verbale communicatie voor volwassenen en begrijpen iets meer van de kenmerken van deze<br>communicatie en de verschillende belangen die daarmee samenhangen.<br>Suggestibiliteit = De mate waarin iemand er door een ander toe gebracht kan worden te geloven dat<br>iets is gebeurd of iemand eruit ziet op een wijze die niet in overeenstemming is met de werkelijkheid<br>en met de herinnering.<br>1.4 Fantasie en werkelijkheid<br>In tegenstelling tot Piaget geven huidige onderzoekers aan dat het kind wel onderscheid kan maken<br>tussen fantasie en werkelijkheid (2,5 jaar). Er zijn wel verschillen tussen volwassenen en kinderen in<br>de omgang met fantasie.<br>\uf0b7 Capaciteit tot fantasie van kinderen is groter dan van volwassenen<br>\uf0b7 Kinderen hebben een kleine neiging om het waarheidsgehalte van een uitspraak te<br>communiceren \uf0e0 voor volwassen moeilijk om te achterhalen of het kind het verschil tussen<br>werkelijkheid en fantasie kan maken<br>1.5 Verschillen tussen jongens en meisjes<br>\uf0b7 Jongens kijken de eerste dag na hun geboorte langer naar voorwerpen, meisjes langer naar<br>gezichten \uf0e0 voorkeursgedrag<br>\uf0b7 Jongens rijpen in het algemeen langzamer dan meisjes en vertonen meer problemen in hun<br>ontwikkeling.<br>2<\/p>\n\n\n\n<p>Delfos \u2013 Luister je wel naar m\u00edj?<br>\uf0b7 Jongens hebben meer neiging tot probleemoplossend gedrag, meisjes meer tot veiligheid en<br>steunzoekend gedrag, vooral wanneer een probleem voordoet.<br>\uf0b7 Jongens zijn geneigd te externaliseren, meisjes internaliseren wanneer een probleem<br>voordoet<br>\uf0b7 Meisjes (en vrouwen) zijn meer talig gericht dan jongens (en mannen). Wanneer het gesprek<br>spanning oproept, zullen kinderen de neiging hebben deze spanning weg te laten vloeien<br>door middel van bewegen \uf0e0 gesprek beter onder actieve omstandigheden voeren.<br>Met deze eigenschappen rekening houden bij gespreksvoering met kinderen.<br>1.6 Vraaggericht werken<br>Als gevolg van de beperktheid van de literatuur wordt een model van gespreksvoering met kinderen<br>gepresenteerd, dat weliswaar deels op de literatuur gebaseerd is, maar vooral op de ervaring die in<br>het spreken met kinderen is opgedaan. Het model is leeftijdsgewijs opgebouwd. Vraaggericht werken<br>wordt gebruikt om het aanbod op hulpvragen en behoeften van kinderen te verbeteren. Het open<br>vraaggesprek met kinderen is bedoeld om hen te vragen naar hun mening en gevoelens met<br>betrekking tot bepaalde onderwerpen. Thomas Gordon (1989) heeft \u2018luisteren\u2019 tot kern van zijn<br>model gemaakt. Zijn methode richt zich op de communicatie tussen volwassenen en kinderen,<br>waarbij acceptatie fundamenteel is. In de communicatie is het belangrijk te onderscheiden bij wie<br>het probleem ligt, bij de volwassene of het kind, op grond daarvan wordt de communicatie<br>vormgegeven. Belangrijk in de methode is het spreken in de vorm van ik-boodschappen. Het model<br>van Gordon is beperkt in die zin dat het zich vooral richt op de wijze waarop problemen<br>bespreekbaar kunnen worden gemaakt en minder op de open communicatie met kinderen. De bij<br>vraaggericht werken essenti\u00eble methodiek van doorvragen binnen het referentiekader van het kind<br>ontbreekt bij Gordon. Kinderen zijn wanneer ze jong zijn weinig gericht op het communiceren van<br>datgene wat hen bezighoudt. Hun egocentrisme zorgt er tot ong. 8 jaar voor dat zij niet altijd in de<br>gaten hebben dat volwassenen niet op de hoogte zijn van wat er in hen omgaat. Bij kinderen met<br>autisme is sprake van een onderontwikkelde en traag verlopende ik-anderdifferentiatie. In een<br>gesprek liggen de prioriteiten van de gesprekspartners altijd verschillend. Gezien het machtsverschil<br>tussen volwassenen en kinderen betekent dit dat de prioriteiten van volwassenen al snel voorrang<br>zullen krijgen boven die van kinderen \uf0e0 gespreksvoering met kinderen snel hachelijk zodra we op<br>informatie uit zijn en zodra we over moeilijke of gevoelige onderwerpen communiceren.<br>Vraaggericht werken = Ontwikkeld door WESP. Het voeren van open vraaggesprekken en interviews<br>op basis van actief luisteren door middel van doorvragen, je afvragen waarom iemand iets zegt, en<br>rekening houden met de beleving en behoeften van de ander.<br>1.7 Het gesprekskader<br>Kwaliteit van de gespreksvoering met kinderen is afhankelijk van de kennis die het kind heeft over de<br>aard van het gesprek. Bieden van duidelijkheid over het kader van het gesprek is van groot belang<br>voor de kwaliteit van de gespreksvoering met jonge kinderen. Tot zo\u2019n jaar of 8 is het voor kinderen<br>echt niet altijd duidelijk wat de sociale codes zijn die aan een gesprek ten grondslag liggen. Kind leert<br>bijvoorbeeld nauwelijks dat de regels hiervoor wederzijds zijn. Gespreksvoering tussen kinderen en<br>volwassenen verloopt moeizamer als een volwassenen ervan uitgaat dat het kind een onvolwaardige<br>gesprekspartner is.<br>3<br>Powered by <a href=\"https:\/\/learnexams.com\/search\/study?query=aqa\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">https:\/\/learnexams.com\/search\/study?query=aqa<\/a><\/p>\n\n\n\n<div data-wp-interactive=\"core\/file\" class=\"wp-block-file\"><object data-wp-bind--hidden=\"!state.hasPdfPreview\" hidden class=\"wp-block-file__embed\" data=\"https:\/\/learnexams.com\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/11\/COMV-Samenvatting-Luister-je-wel-naar-miji.pdf\" type=\"application\/pdf\" style=\"width:100%;height:600px\" aria-label=\"Embed of COMV-Samenvatting-Luister-je-wel-naar-miji.\"><\/object><a id=\"wp-block-file--media-73195582-4e14-42af-9959-19c1dbd9621a\" href=\"https:\/\/learnexams.com\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/11\/COMV-Samenvatting-Luister-je-wel-naar-miji.pdf\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">COMV-Samenvatting-Luister-je-wel-naar-miji<\/a><a href=\"https:\/\/learnexams.com\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/11\/COMV-Samenvatting-Luister-je-wel-naar-miji.pdf\" class=\"wp-block-file__button wp-element-button\" aria-describedby=\"wp-block-file--media-73195582-4e14-42af-9959-19c1dbd9621a\" download target=\"_blank\" rel=\"noopener\">Download<\/a><\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Dit is een samenvatting van het volledige boek Luister je wel naar m\u00edj? van Delfos (20e druk). Delfos \u2013 Luister je wel naar m\u00edj?H.1 Inleiding: Luister je wel naar m\u00edj?Vraag van volwassenen is vaak een vraag naar gehoorzaamheid, die van kinderen een smeekbede dater naar zijn\/haar verhaal geluisterd wordt. De start van leren communiceren met [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"site-sidebar-layout":"default","site-content-layout":"","ast-site-content-layout":"default","site-content-style":"default","site-sidebar-style":"default","ast-global-header-display":"","ast-banner-title-visibility":"","ast-main-header-display":"","ast-hfb-above-header-display":"","ast-hfb-below-header-display":"","ast-hfb-mobile-header-display":"","site-post-title":"","ast-breadcrumbs-content":"","ast-featured-img":"","footer-sml-layout":"","ast-disable-related-posts":"","theme-transparent-header-meta":"","adv-header-id-meta":"","stick-header-meta":"","header-above-stick-meta":"","header-main-stick-meta":"","header-below-stick-meta":"","astra-migrate-meta-layouts":"default","ast-page-background-enabled":"default","ast-page-background-meta":{"desktop":{"background-color":"","background-image":"","background-repeat":"repeat","background-position":"center center","background-size":"auto","background-attachment":"scroll","background-type":"","background-media":"","overlay-type":"","overlay-color":"","overlay-opacity":"","overlay-gradient":""},"tablet":{"background-color":"","background-image":"","background-repeat":"repeat","background-position":"center center","background-size":"auto","background-attachment":"scroll","background-type":"","background-media":"","overlay-type":"","overlay-color":"","overlay-opacity":"","overlay-gradient":""},"mobile":{"background-color":"","background-image":"","background-repeat":"repeat","background-position":"center center","background-size":"auto","background-attachment":"scroll","background-type":"","background-media":"","overlay-type":"","overlay-color":"","overlay-opacity":"","overlay-gradient":""}},"ast-content-background-meta":{"desktop":{"background-color":"var(--ast-global-color-5)","background-image":"","background-repeat":"repeat","background-position":"center center","background-size":"auto","background-attachment":"scroll","background-type":"","background-media":"","overlay-type":"","overlay-color":"","overlay-opacity":"","overlay-gradient":""},"tablet":{"background-color":"var(--ast-global-color-5)","background-image":"","background-repeat":"repeat","background-position":"center center","background-size":"auto","background-attachment":"scroll","background-type":"","background-media":"","overlay-type":"","overlay-color":"","overlay-opacity":"","overlay-gradient":""},"mobile":{"background-color":"var(--ast-global-color-5)","background-image":"","background-repeat":"repeat","background-position":"center center","background-size":"auto","background-attachment":"scroll","background-type":"","background-media":"","overlay-type":"","overlay-color":"","overlay-opacity":"","overlay-gradient":""}},"footnotes":""},"categories":[25],"tags":[],"class_list":["post-125135","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-exams-certification"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/125135","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=125135"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/125135\/revisions"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=125135"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=125135"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=125135"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}