{"id":125141,"date":"2023-11-11T23:00:36","date_gmt":"2023-11-11T23:00:36","guid":{"rendered":"https:\/\/learnexams.com\/blog\/?p=125141"},"modified":"2023-11-11T23:00:38","modified_gmt":"2023-11-11T23:00:38","slug":"samenvatting-imc-alle-artikelen","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/2023\/11\/11\/samenvatting-imc-alle-artikelen\/","title":{"rendered":"Samenvatting IMC: Alle artikelen"},"content":{"rendered":"\n<p>Dit document bevat een samenvatting van alle artikelen die gelezen moeten worden voor het vak Inleiding in Media en Communicatie, voor de bachelor Communicatie en Informatiewetenschappen. Ik heb dit zelf als keuzevak gekozen in bachelor 3 Pedagogische Wetenschappen. De artikelen: \u2022 Hoeken (2017, pp. 3-17) \u2022 Van den Broeck, Vansteenkiste, De Witte, Lens, &amp; Andriessen (2009) \u2022 Craig (1999) \u2022 Brasfield (2006) \u2022 Nabi &amp; Clark (2008) \u2022 Tukachinsky (2008) \u2022 Weisser (2013) \u2022 Sundar &amp; Limperos (2013) \u2022 Karniel &amp; Lavie-Dinur (2011) \u2022 Hoeken (2019)<\/p>\n\n\n\n<p>Inleiding Media en Communicatie \u2013 Samenvatting artikelen<br>H. Hoeken (2017) Communicatie in de 21e<br>eeuw<br>Communicatie- en Informatiewetenschappen (CIW) beschrijft de relaties tussen de doelen van<br>communicatiepartners, de vorm en inhoud van communicatie en de mogelijkheden die media<br>bieden, en vanuit die beschrijving probeert CIW de bedoelde en onbedoelde gevolgen te verklaren.<br>Anders gezegd: CIW beschrijft en verklaart communicatie en mediagebruik vanuit een functioneel<br>kader. Communicatie en mediagebruik zijn vormen van doelgericht gedrag. Communicatiedoelen:<br>\uf0b7 Het verzoek: communicatie gericht op het be\u00efnvloeden van het gedrag van de ander. Er ligt<br>een duidelijk eigenbelang ten grondslag aan dit communicatiedoel.<br>\uf0b7 Informeren: Je vertelt iets waarvan je denkt dat de ander het nog niet weet maar wel zou<br>willen weten. Deze vorm van communicatie is even frequent als bijzonder. Je hebt er immers<br>geen baat bij om de ander iets te vertellen dat die persoon nog niet weet. Dat is in het belang<br>van de ander, niet in het jouwe.<br>o Verklaring voor dit ogenschijnlijk altru\u00efstisch gedrag: directe wederkerigheid (de ene<br>dienst is de andere waard &amp; indirecte wederkerigheid (werkt alleen als iedereen in<br>de groep zich er aan houdt: ik help een mij onbekend groepslid omdat een ander<br>groepslid mij weer zal helpen).<br>\uf0b7 Sharing: het construeren en delen van groepsnormen door middel van verhalen.<br>Behalve dat media ons in staat stellen om in contact te komen met mensen die in tijd en ruimte van<br>ons gescheiden zijn, vervullen ze ook andere communicatiedoelen. Media vormen belangrijke<br>informatiebronnen \u00e9n ze bieden vermaak. Daarmee nemen ze deels de rol over die in vroegere tijden<br>door onze groeps- en gespreksgenoten werd vervuld. Net als bij mensen geldt voor media dat ze je<br>aandacht willen. Voor mensen betekent meer aandacht, een hogere plaats in de hi\u00ebrarchie. Voor<br>media betekent meer aandacht, meer geld. Als je communicatie en mediagebruik wil verklaren<br>vanuit een functioneel perspectief, dan vormt de uses and gratifications benadering een interessante<br>benadering. Bij uses and gratifications wordt mediagebruik \u2013 de uses &#8211; verklaard vanuit de beloning &#8211;<br>de gratifications &#8211; die dat mediagebruik ons oplevert. Een grove driedeling in doelen die we<br>nastreven met mediagebruik bestaat uit:<br>\uf0b7 Kennis \uf0e0 onze behoefte om zicht te hebben op de relevante ontwikkelingen om ons heen<br>\uf0b7 vermaak \uf0e0 onze behoefte aan verhalen, die ons vrolijk maken of juist tot nadenken<br>stemmen<br>\uf0b7 Sociale gratificaties \uf0e0 onze behoefte om in contact te staan met anderen<br>Waaraan merken we nu dat ons communicatiegedrag of mediagebruik wordt beloond? Daarvoor<br>vormen de idee\u00ebn over well being &#8211; welbevinden \u2013 een interessant kader. Ryan en Deci (2001)<br>onderscheiden twee vormen van welbevinden. E\u00e9n vorm staat bekend als hedonistisch welbevinden<br>\u2013 en gaat over de verhouding tussen de positieve en negatieve gevoelens. We voelen ons beter<br>naarmate het aandeel positieve gevoelens, zoals blijdschap, tevredenheid, groter is dan het aandeel<br>negatieve gevoelens, zoals verveling, verdriet. Naarmate de negatieve gevoelens overheersen, is het<br>omgekeerde het geval. Communicatie en mediagebruik kunnen gevolgen hebben voor deze vorm<br>van welbevinden: we kijken een comedy om ons op te vrolijken en spelen een game om de verveling<br>te verdrijven. Maar er is ook een andere vorm van welbevinden: eudaimonisch welbevinden. Deze<br>vorm van welbevinden treedt op als we het gevoel hebben te groeien als mens door onze talenten te<br>ontwikkelen en die in te zetten voor wezenlijke doelen. Kortom: een beter en wijzer mens te worden.<br>1<\/p>\n\n\n\n<p>Inleiding Media en Communicatie \u2013 Samenvatting artikelen<br>Volgens Ryan en Deci (2001) spelen bij die persoonlijke groei drie basisbehoeften een rol. De eerste<br>basisbehoefte is autonomie: we willen controle hebben over ons gedrag \u2013 het gevoel hebben om tot<br>op zekere hoogte te kunnen beslissen wat we doen. In de tweede plaats competentie: het gevoel<br>hebben om op een adequate wijze te kunnen opereren in de sociale en fysieke omgeving. En in de<br>derde plaats verbondenheid: de behoefte om je een gewaardeerd en gerespecteerd lid van een<br>groep te voelen. Activiteiten die leiden tot het gevoel dat ze onze autonomie, competentie of<br>verbondenheid versterken, leiden daarmee ook tot een groter welbevinden.<br>CIW wil communicatie en mediagebruik beschrijven<br>en verklaren vanuit een functioneel kader. De<br>communicatiedoelen die mensen nastreven, hebben<br>betrekking op verzoeken, waarbij we het gedrag van<br>anderen proberen te be\u00efnvloeden, op informeren<br>waarbij we elkaar op de hoogte brengen van<br>relevante informatie, en op sharing waarmee we<br>onze groepsnormen bevestigen. Die groepsnormen<br>zorgen ervoor dat we elkaars verzoeken inwilligen<br>en elkaar voorzien van relevante informatie. Je kunt<br>het ook vanuit een Uses &amp; Gratifications bril<br>bekijken: dan voorziet informeren in onze behoefte aan kennis, en sharing in onze behoefte aan<br>vermaak omdat we bij sharing vaak verhalen vertellen. Media spelen een rol omdat ze ons laten<br>communiceren met mensen die niet in onze directe nabijheid zijn maar ook omdat ze als bronnen<br>van informatie en vermaak fungeren. Ons gevoel van welbevinden bepaalt of we tevreden zijn over<br>onze communicatie of mediagebruik \u2013 waarbij dat welbevinden in twee smaken komt: een goede bui<br>\u00f3f het gevoel te kunnen groeien doordat aan onze behoeften aan autonomie, competentie en<br>verbondenheid wordt voldaan.<br>Welke factoren bepalen nu of onze communicatie \u2013 of ons mediagebruik \u2013 ons welbevinden<br>verhoogt?<br>\uf0b7 De boodschap<br>o Retorische \uf0e0 beschrijvingen en verklaringen van algemene fenomenen waarbij<br>gebruik wordt gemaakt van categorisatie en logica. De kernelementen bestaan uit<br>analyses, logisch bewijs en redelijke argumenten.<br>o Narratieve \uf0e0 gaat juist n\u00edet over het algemene, maar over het particuliere. Over<br>menselijke doelen en menselijk handelen, en over de consequenties van dat<br>handelen. Dit gaat dus over verhalen als een fundamenteel genre.<br>o Hoeveel van onze communicatie verloopt nog uitsluitend via taal? Is een puur talige<br>boodschap niet een zeldzaamheid en is de norm niet eigenlijk: \u2018multimodaliteit\u2019, de<br>combinatie van taal en (bewegende) beelden.<br>\uf0b7 De voorkennis, waarden en cognitieve vaardigheden van degene die die boodschap<br>verwerkt.<br>o Perspectief van het publiek: Welke beloning levert die interactie op? Zijn ze in een<br>betere stemming \u2013 of worden ze chagrijnig? Voelen ze zich competenter, autonomer<br>en sterker verbonden met anderen?<br>2<\/p>\n\n\n\n<p>Inleiding Media en Communicatie \u2013 Samenvatting artikelen<br>o Perspectief van de ontwerper van de boodschap. Want die heeft een doel. Heb ik<br>mijn publiek overtuigd? Is mijn boodschap begrepen? Is mijn verhaal vermakelijk en<br>bevestigen we daarmee opnieuw dat wij dezelfde normen delen?<br>o Inzicht in hoe boodschap- en publiekskenmerken op elkaar inwerken, kan helpen om<br>boodschappen zo te ontwerpen dat ze mensen helpen om hun eigen belangen te<br>behartigen.<br>\uf0b7 Het medium<br>o Sundar en Limperos (2013) hebben een voorstel ontwikkeld waarbij ze media<br>beschrijven aan de hand van vier dimensies:<br>\uf0a7 Modaliteit: welke zintuigen worden geprikkeld? Gaat het hier om uitsluitend<br>tekst, is er een auditief signaal, is er beeld? De relevantie van deze dimensie<br>is onmiddellijk duidelijk bij de berichtgeving over de nieuwe 4Dx bioscopen<br>die geur, wind en bewegingen gaan toevoegen aan de filmbeleving.<br>\uf0a7 Agency: zijn wij passieve ontvangers of stelt het medium ons in staat om z\u00e9lf<br>te bepalen, te reageren en te participeren? Maar ook: versterkt het medium<br>onze agency? Biedt het medium behalve de mogelijkheid om te reserveren<br>bij een restaurant, ook informatie over de ervaringen van andere gasten?<br>\uf0a7 Interactiviteit: we interacteren met een medium en via een medium met<br>anderen. Daarbij kunnen we die interactie vaak aanpassen aan onze wensen.<br>Van eenvoudige zaken als de lettergrootte tot de keuze welke<br>nieuwsbronnen we doorgestuurd krijgen.<br>\uf0a7 Navigeerbaarheid: in welke mate stelt een medium ons in staat een digitaal<br>gebied te verkennen?<br>o Belangrijker dan de vraag of deze vier dimensies de enige of de beste zijn, is het idee<br>dat erachter ligt. Hoe kunnen we de elkaar snel opvolgende media beschrijven op<br>een abstracter niveau waardoor vergelijkingen en patronen zichtbaar worden.<br>Hoe be\u00efnvloeden mediumkenmerken nu het welbevinden van de gebruiker? Daarvoor is een tweede<br>concept van belang: de zogenaamde affordances. De unieke kenmerken van een medium stellen<br>gebruikers in staat om dat medium op een bepaalde manier te gebruiken. Affordances worden door<br>Evans, Pearce, Vitak en Treem (2017) gedefinieerd als de wijze waarop het medium de<br>mogelijkheden van de gebruiker vergroot, of beperkt, om bepaalde doelen te bereiken.<br>De mate waarin we onze communicatie of ons mediumgebruik als bevredigend ervaren, komt dus<br>voort uit een samenspel van<br>\uf0b7 inhoud en vorm van de multimodale boodschap<br>\uf0b7 de kennis, waarden en voorkeuren van het publiek<br>\uf0b7 de kenmerken van het medium.<br>Maar dan zijn we er nog niet. Deze interactie tussen factoren speelt zich af in een kader dat veel van<br>deze factoren in sterke mate bepaalt: cultuur. Cultuur bepaalt waarover we communiceren. En met<br>wie. Wat een redelijk verzoek is. En wat je \u00e9cht niet van iemand kan vragen. Welke toon je kunt<br>aanslaan, en welke toon te hoog is \u2013 of te scherp. En of we langsgaan, bellen of appen. En omdat we<br>dat zo gewend zijn \u2013 want iedereen doet dat tenslotte zo &#8211; voelt het alsof cultuur er niet is, het valt<br>pas op als je afwijkt. Cultuur valt het duidelijkst op als je communiceert met iemand uit een andere<br>cultuur die een andere taal spreekt. Communicatie en media be\u00efnvloeden op hun beurt cultuur. Als<br>3<\/p>\n\n\n\n<p>Inleiding Media en Communicatie \u2013 Samenvatting artikelen<br>we in gesprek gaan met onze koning, zullen we hem met \u201cu\u201d aanspreken. Onze perceptie van hoe de<br>machts-verhoudingen liggen in combinatie met de mogelijkheden die het Nederlands ons biedt,<br>leiden tot die keuze. Tegelijkertijd bevestigen en versterken we met het gebruik van \u201cu\u201d dit verschil<br>in macht. Dat is een bekend \u2013 en eenvoudig voorbeeld van hoe cultuur en communicatie elkaar<br>versterken. De relatie tussen media enerzijds, en cultuur als een systeem van normen en waarden<br>anderzijds, gaat nog dieper. Verhalen gaan over mensen die doelen nastreven en daarvoor obstakels<br>moeten overwinnen. Die doelen zijn waardevol en de manieren waarop je ze nastreeft kunnen meer<br>of minder eervol zijn. Daarmee dragen verhalen waarden en normen over: wat is de moeite waard?<br>Welk gedrag wordt bewonderd? Ook hier is sprake van tweerichtingsverkeer: welke verhalen zorgen<br>voor de plezierigste ervaring? Dat zijn toch vaak de verhalen die onze normen en waarden<br>bevestigen: waar het goede wordt beloond en het kwade bestraft. En wat dat goede is, hangt af van<br>onze cultuur. Maar tegelijkertijd v\u00f3rmen verhalen die normen en waarden.<br>In mijn visie richten het onderwijs en het onderzoek binnen Communicatie- en<br>Informatiewetenschappen zich op het beschrijven en verklaren van communicatie en mediagebruik<br>vanuit een functioneel kader. De mate waarin mensen tevreden zijn over hun communicatie of<br>mediagebruik, leiden ze af uit hun welbevinden. Dat welbevinden is het resultaat van een complexe<br>interactie tussen de inhoud en vorm van vaak multimodale boodschappen, de kennis en waarden van<br>het publiek, de mogelijkheden die het medium biedt en dat alles in de bijna onzichtbare, maar o zo<br>belangrijke cultuur die ons communicatie- en mediagedrag be\u00efnvloedt, en waarbij communicatie en<br>media op hun beurt die cultuur be\u00efnvloeden.<br>Verhalende commercials lijken te werken door het vertellen van een goede grap. De positieve<br>gevoelens die ze daarmee oproepen, leiden tot een hogere waardering van de commercial en die<br>hogere waardering leidt weer tot een positievere waardering van het aangeprezen product. Maar<br>wat gebeurt er dan bij zo\u2019n commercial als die van Monuta? Roept die ook negatieve gevoelens op?<br>En als dat zo is, wat betekent dat dan voor de waardering van die commercial? Wordt die minder<br>gewaardeerd omdat hij ons verdrietig maakt \u2013 of medelijden oproept? \uf0e0 onderzoek uitgevoerd,<br>vooral gemengde gevoelens. En dit is een indicatie voor eudaimonisch welbevinden. Een andere<br>indicatie daarvoor zijn de traan in de ooghoek en een brok de in keel. Hedonistisch welbevinden gaat<br>juist gepaard met ontspanning en een glimlach. Ook die ervaringen hebben we bevraagd. Dan blijkt<br>de humoristische commercial vooral een glimlach op te roepen en helemaal geen traan in het oog.<br>Voor de Monuta-commercial vinden we het omgekeerde; de commercial roept geen glimlach op,<br>maar wel een brok in de keel en traan in het oog. Beide commercials worden behoorlijk goed<br>gewaardeerd. Was er dan geen verschil? Jawel: bij de humoristische commercial hing de waardering<br>voor de commercial vooral af van de mate waarin mensen vonden dat de commercial ontspanning<br>bood en een glimlach op hun gezicht toverde. De traan in de ooghoek en de brok in de keel deden er<br>niet toe. Bij de Monuta-commercial lag dat anders: hier nam de waardering toe naarmate de traan<br>groter was. Om verschillende redenen vind ik dit onderzoek interessant. Het laat zien dat<br>communicatie die gericht is op overtuigen soms geen argumenten geeft maar verhalen vertelt. Het<br>gaat om multimodale boodschappen waarbij met behulp van taal en beeld complexe verhalen<br>worden verteld en daarbij een groot beroep doen op de cognitieve vermogens van het publiek. Door<br>in te spelen op onze culturele waarden slagen ze erin emoties op te roepen die verder gaan dan een<br>glimlach; ze kunnen ook verdriet, somberheid en melancholie oproepen. En dat leidt dan t\u00f3ch<br>tot een overtuigende boodschap.<br>4<br>Powered by <a href=\"https:\/\/learnexams.com\/search\/study?query=aqa\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">https:\/\/learnexams.com\/search\/study?query=aqa<\/a><\/p>\n\n\n\n<div data-wp-interactive=\"core\/file\" class=\"wp-block-file\"><object data-wp-bind--hidden=\"!state.hasPdfPreview\" hidden class=\"wp-block-file__embed\" data=\"https:\/\/learnexams.com\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/11\/Samenvatting-IMC-Alle-artikelen.pdf\" type=\"application\/pdf\" style=\"width:100%;height:600px\" aria-label=\"Embed of Samenvatting-IMC-Alle-artikelen.\"><\/object><a id=\"wp-block-file--media-d3e80722-2847-4e54-914b-1a4e9580faa0\" href=\"https:\/\/learnexams.com\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/11\/Samenvatting-IMC-Alle-artikelen.pdf\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">Samenvatting-IMC-Alle-artikelen<\/a><a href=\"https:\/\/learnexams.com\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/11\/Samenvatting-IMC-Alle-artikelen.pdf\" class=\"wp-block-file__button wp-element-button\" aria-describedby=\"wp-block-file--media-d3e80722-2847-4e54-914b-1a4e9580faa0\" download target=\"_blank\" rel=\"noopener\">Download<\/a><\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Dit document bevat een samenvatting van alle artikelen die gelezen moeten worden voor het vak Inleiding in Media en Communicatie, voor de bachelor Communicatie en Informatiewetenschappen. Ik heb dit zelf als keuzevak gekozen in bachelor 3 Pedagogische Wetenschappen. De artikelen: \u2022 Hoeken (2017, pp. 3-17) \u2022 Van den Broeck, Vansteenkiste, De Witte, Lens, &amp; Andriessen [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"site-sidebar-layout":"default","site-content-layout":"","ast-site-content-layout":"default","site-content-style":"default","site-sidebar-style":"default","ast-global-header-display":"","ast-banner-title-visibility":"","ast-main-header-display":"","ast-hfb-above-header-display":"","ast-hfb-below-header-display":"","ast-hfb-mobile-header-display":"","site-post-title":"","ast-breadcrumbs-content":"","ast-featured-img":"","footer-sml-layout":"","ast-disable-related-posts":"","theme-transparent-header-meta":"","adv-header-id-meta":"","stick-header-meta":"","header-above-stick-meta":"","header-main-stick-meta":"","header-below-stick-meta":"","astra-migrate-meta-layouts":"default","ast-page-background-enabled":"default","ast-page-background-meta":{"desktop":{"background-color":"","background-image":"","background-repeat":"repeat","background-position":"center center","background-size":"auto","background-attachment":"scroll","background-type":"","background-media":"","overlay-type":"","overlay-color":"","overlay-opacity":"","overlay-gradient":""},"tablet":{"background-color":"","background-image":"","background-repeat":"repeat","background-position":"center center","background-size":"auto","background-attachment":"scroll","background-type":"","background-media":"","overlay-type":"","overlay-color":"","overlay-opacity":"","overlay-gradient":""},"mobile":{"background-color":"","background-image":"","background-repeat":"repeat","background-position":"center center","background-size":"auto","background-attachment":"scroll","background-type":"","background-media":"","overlay-type":"","overlay-color":"","overlay-opacity":"","overlay-gradient":""}},"ast-content-background-meta":{"desktop":{"background-color":"var(--ast-global-color-5)","background-image":"","background-repeat":"repeat","background-position":"center center","background-size":"auto","background-attachment":"scroll","background-type":"","background-media":"","overlay-type":"","overlay-color":"","overlay-opacity":"","overlay-gradient":""},"tablet":{"background-color":"var(--ast-global-color-5)","background-image":"","background-repeat":"repeat","background-position":"center center","background-size":"auto","background-attachment":"scroll","background-type":"","background-media":"","overlay-type":"","overlay-color":"","overlay-opacity":"","overlay-gradient":""},"mobile":{"background-color":"var(--ast-global-color-5)","background-image":"","background-repeat":"repeat","background-position":"center center","background-size":"auto","background-attachment":"scroll","background-type":"","background-media":"","overlay-type":"","overlay-color":"","overlay-opacity":"","overlay-gradient":""}},"footnotes":""},"categories":[25],"tags":[],"class_list":["post-125141","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-exams-certification"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/125141","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=125141"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/125141\/revisions"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=125141"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=125141"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.learnexams.com\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=125141"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}