- / 3
Inhoud
- Observatie, introductie, hypothese....................................................................................................3
- Nader onderzoek................................................................................................................................6
- Conclusie en debat...........................................................................................................................13
1.1 Observatie....................................................................................................................................3 1.2 Introductie....................................................................................................................................4 1.3 Hypothese.....................................................................................................................................6
2.1 Gedeeld leiderschap.....................................................................................................................6 2.2 De formeel leider in gedeeld leiderschap.....................................................................................8 2.3 Motivatie....................................................................................................................................10
3.1 Conclusie....................................................................................................................................13
3.1.1 Gedeeld leiderschap............................................................................................................13
3.1.2 De formeel leider in gedeeld leiderschap............................................................................13
3.1.3 Motivatie.............................................................................................................................14
3.2 Debat..........................................................................................................................................15 Bronnen................................................................................................................................................17 2 / 3
- Observatie, introductie, hypothese
Koninklijke X (hierna te noemen X) is een landelijke organisatie voor onderwijs en zorg aan mensen die doof, slechthorend of doofblind zijn of een taalontwikkelingsstoornis hebben. X wil als high performance organization snel en wendbaar inspelen op de klantvraag. De Raad van Bestuur (RvB) vindt de samenwerking tussen onderwijs en zorg belangrijk en streeft naar gedeeld (onderwijskundig) leiderschap. De RvB vraagt haar leidinggevenden om de randvoorwaarden voor gedeeld (onderwijskundig) leiderschap, samenwerking en kennisuitwisseling tussen teams te realiseren en te optimaliseren. Die vraag geldt ook voor mij als x op een van de X scholen voor speciaal onderwijs. De afgelopen jaren heb ik de term ‘leidinggevende functie’ met een flinke dosis ervaring kunnen vullen. Die ervaring leert dat de hiërarchische positie van een formeel leidinggevende vaak ongevraagd afstand creëert in de samenwerking. Dat leid ertoe dat ik er de laatste tijd voor kies om meer samen met teamleden te werken aan onderwijskundige processen. Dit vanuit de gedachte dat gezamenlijk verantwoordelijk zijn krachtig werkt. Deze samenwerkingservaringen wekken mijn interesse voor gedeeld (onderwijskundig) leiderschap.
Gedeeld leiderschap wordt in dit essay gezien als:
Een dynamisch, interactief proces tussen leiders en volgers, die de (schoolse) situatie beïnvloeden en elkaar vanuit eigen leiderschap, kwaliteit en verantwoordelijkheid leiden naar het succesvol volbrengen van organisatiedoelen.Vrij naar De Koning (2011), Hulsbos, Andersen, Kessels en Wassink (2012) en Stubbe (2013).
1.1 Observatie In het overleg van vorige week spreek ik de staf van de school. De staf verzorgt inhoudelijke en organisatorische beleidsvoorbereiding en werkt via gedeeld leiderschap aan (een deel van) de schoolontwikkeling, zoals onderwijskwaliteit en opbrengstgericht werken. De motivatie en het aanstekelijk werkgedrag van de stafleden hebben een positief effect op de motivatie van leraren in de school. Ik vraag de stafleden wat maakt dat zij zo gemotiveerd zijn voor deze processen. Enkele uitspraken: “In zijn eentje krijgt niemand ooit zoveel voor elkaar als wij samen.” “Met onze expertise kunnen we er samen voor zorgen dat er hoogwaardig onderwijs gegeven wordt.” “Ik wil samen met collega’s bijdragen aan het realiseren van de schoolplan doelen.” En “Wij kunnen een aantal processen beter vormgeven dan een x in zijn eentje en we weten precies wie we in onze school kunnen benaderen voor een specifieke taak of vraag.” Ik vraag aan de stafleden of hun motivatie anders is dan vroeger? De antwoorden zijn bevestigend. “Vroeger zag ik het verband niet tussen de losse taken die we door de x toebedeeld kregen. Ik begrijp nu beter hoe alles samenhangt. Dat maakt me gemotiveerder om het werk tot een goed einde te brengen”. “Nu ik met collega’s uit andere functies verantwoordelijkheid kan nemen, ben ik me bewuster geworden van het effect van de schoolontwikkeling op ieders werk. Die bredere kijk motiveert me veel meer dan het uitvoeren van een op zichzelf staande opdracht van de x.” De dag daarna spreek ik het expeditie team: medewerkers uit onderwijs en zorg, met verschillende hiërarchische functies. Zij kiezen ervoor zich aan een viertal projecten voor de organisatie te verbinden. Ook in dit team is gedeeld leiderschap de norm. Wekelijks is er een korte meeting waarin geboekte resultaten en te behalen mijlpalen door worden genomen. We bespreken potentiële obstakels en bedenken daar preventieve acties op. In deze meetings is hoge motivatie zichtbaar. Ik vraag de expeditieleden waardoor zij zo gemotiveerd zijn om via gedeeld leiderschap te werken?Enkele antwoorden: ”Ik vind het belangrijk dat deze projecten slagen voor de leerlingen én voor de
- / 3