lO Mo A RcPS D| 26 6 83 34 1 / 4
lO MoA RcP S D|2 6 68 33 4 Inhoud Voorwoord.............................................................................................................................................3
- Inleiding..........................................................................................................................................5
- Beleid, context en achtergrond......................................................................................................7
- Theoretisch Kader...........................................................................................................................9
- Onderzoeksresultaten...................................................................................................................15
- Conclusie & Aanbevelingen..........................................................................................................23
1.1 AANLEIDING..............................................................................................................................5 1.2 DOELSTELLING..........................................................................................................................5 1.3 CENTRALE VRAAG.....................................................................................................................5 1.4 ONDERZOEKSVRAGEN...............................................................................................................5 1.5 WETENSCHAPPELIJKE- EN MAATSCHAPPELIJKE RELEVANTIE....................................................6 1.6 LEESWIJZER...............................................................................................................................6
2.1 VAN VERZORGINGSSTAAT NAAR PARTICIPATIESAMENLEVING................................................7
3.1 RELATIE PARTICIPATIESAMENLEVING EN INFORMELE ZORG....................................................9 3.2 INFORMELE ZORGVERLENERS: MANTELZORGERS..................................................................10
5.1 Bevindingen mantelzorgers....................................................................................................15 5.2 Bevindingen hulpbehoevenden..............................................................................................18 5.3 Analyse van bevindingen........................................................................................................22
6.1 Conclusie.................................................................................................................................23 6.2 Discussie.................................................................................................................................24 Literatuurlijst........................................................................................................................................26 Bijlage 1. Semi-gestructureerde interviewvragen mantelzorgers.........................................................30 Bijlage 2. Semi-gestructureerde interviewvragen hulpbehoevende.....................................................32 Bijlage 3. Gegevens respondenten.......................................................................................................34 2 / 4
lO MoA RcP S D|2 6 68 33 4 Voorwoord n het kader van het vak Bestuurskundig Practicum zijn wij uitgedaagd tot het doen van een wetenschappelijk empirisch onderzoek. Wij hebben dit als een leerzame taak ervaren, waarbij we onze wetenschappelijke competenties hebben getest en kunnen ontwikkelen. Wij verwachten in onze toekomstige academische carrière nog veel gebruik te kunnen maken van de ontwikkelde wetenschappelijke competenties. I Graag willen wij de heer x hartelijk danken voor zijn advies, feedback en het zijn van een geschikte overlegpartner, waardoor wij dit onderzoek naar een hoger niveau hebben kunnen tillen.Ten slotte bedanken wij alle respondenten die aan dit onderzoek hebben meegewerkt, zonder hen was er geen empirische (sociale) werkelijkheid waar te nemen voor dit onderzoek. 3 / 4
lO MoA RcP S D|2 6 68 33 4
- Inleiding
In dit hoofdstuk komt de aanleiding van dit onderzoek aanbod. Verder zijn de doelstelling, hoofdvraag, deelvragen, wetenschappelijke - en maatschappelijke relevantie beschreven en toegelicht.
1.1 AANLEIDING
De traditionele zorgverlening in Nederland is aan het veranderen, de traditionele verzorgingsstaat is aan het verschuiven naar een participatiemaatschappij. De overheid neemt hierbij geen of enkel een faciliterende functie in en burgers zorgen met en voor elkaar. Informele zorg, het verlenen van hulp aan familie en bekenden, heeft hierin een belangrijke rol. Het verlenen van informele zorg aan chronisch zieke hulpbehoevenden is een voorbeeld van verantwoordelijkheid nemen en participeren binnen de samenleving. (Sociale Vraagstukken, 2022).In een recent onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) bleek dat het verlenen van informele zorg gevolgen heeft voor de productiviteit op de werkvloer. Informele verzorgers zijn vaker afwezig en dit heeft negatieve gevolgen voor de werkgevers (Volkskrant, 2021). Daarnaast kan mogelijke overbelasting bij informele zorgverleners leiden tot ontspoorde zorg en mogelijk schadelijke gevolgen voor hulpbehoevende (Movisie, 2022).Dit onderzoek zal zich richten op de gevolgen die het verlenen van informele zorg heeft voor de verleners, maar ook hoe de hulpbehoevende de verleende informele zorg beleven. Het onderzoek een bijdrage leveren aan de maatschappelijke discussie over de participatiesamenleving en een link leggen tussen de transitie naar de participatiemaatschappij en de gevolgen die dit heeft informele verzorgers en de hulpbehoevende.
1.2 DOELSTELLING
Het doel van dit onderzoek is het onderzoeken van de gevolgen van de inzet van informele zorg in de regio Xop zelfredzaamheid en (maatschappelijke) participatie van hulpbehoevende en wat het verlenen van deze zorg doet met de ervaren belasting van de (informele) zorgverleners. Hieruit volgen aanbevelingen voor het informele zorgbeleid.
1.3 CENTRALE VRAAG
Om het doel van dit onderzoek te realiseren is de volgende hoofdvraag opgesteld: “Wat zijn de gevolgen van de inzet van informele zorg in de regio X op de zelfredzaamheid en (maatschappelijke) participatie van hulpbehoevenden en wat voor gevolgen heeft het verlenen van deze zorg op de ervaren belasting van de zorgverleners?”
1.4 ONDERZOEKSVRAGEN
De volgende onderzoeksvragen zijn opgesteld in het kader van het beantwoorden van de
hoofdvraag:
-Wat betekent en kenmerkt informele zorg?
- / 4