Samenvatting + oefenvragen Basisboek Geschiedenis Sociaal Werk in Nederland Maarten van der Linde
9789088506802 / 1
e editie
- 78 oefenvragen met antwoorden
- 55 belangrijkste kernbegrippen uitgelegd
- 50 belangrijkste data samengevat 1 / 4
- / 4
Geschiedenis samenvatting
Hoofdstuk 1: Motieven voor sociaal werk
Helpen is zo oud als de wereld. Sinds in de jaren tachtig van de twintigste eeuw het begrip ‘zorgzame samenleving’ is geïntroduceerd door Elco Brinkman, destijds minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur, staan deze vormen van hulp weer volop in de aandacht.Gedachte achter WMO (Wet op de Maatschappelijke Ondersteuning = januari 2007) is: mensen moeten voor elkaar zorgen.
Motieven waarom een samenleving zich bekommert om kwetsbare groepen:
1.Vanuit een godsdienstige overtuiging: barmhartigheid en gerechtigheid.
2.Vanuit medemenselijkheid: filantropia en humanitas.
3.Vanuit het eigenbelang en de openbare orde.
4.Uit sociale angst: angst voor een opstand.
5.In stand houden van arbeidsreserve.
6.Vanuit schuldgevoel en verontwaardiging.
7.Emancipatie en ontplooiing.
8.Vanuit het professionele motief.Er bestaan grote verschillen tussen gelovige mensen in de mate waarin zij sociale hulp kunnen of willen bieden. Bij veel geloven verkleinen goede daden het risico van eeuwig lijden in de hel.
Een korte omschrijving per geloof:
Het oude Egypte In hoofdstuk 125 van het Egyptische dodenboek gaat het over een dode die tegen de rechter vertelt over zijn goede daden naar de armen toe> honderden jaren later bijna hetzelfde ook toegeschreven aan Jezus van Nazareth.Het Jodendom
-Geloof in één god: monotheïsme.
-Oudste nog levende geloofsgemeenschappen ter wereld.-Het basisboek heet: Tenach (bij christenen wordt dit het oude testament genoemd).-Centraal thema joodse geloof: god heeft het volk uit de slavernij in Egypte bevrijd.(Exodus genoemd= uittocht) > legt joden de plicht op anderen niet te onderdrukken en mensen die het moeilijk hebben, te helpen.-Wanneer men zich houdt aan de leefregels die in de joodse boeken zijn voorgeschreven, gaat het de mens goed. Het verrichten van goede daden is een van de belangrijkste geboden die in de Tenach aan joden wordt opgelegd.
Kernwoorden joodse traditie:
-Barmhartigheid (chesed in Herbreeuws)= liefdevol zijn.-Gerechtigheid (Tedaka in Herbreeuws)= het recht van de armen.
-1 voorbeeld armenrecht: Van iemand die arm is, mag je geen rente voor een
geldlening vragen. Winst maken op voedsel mag ook niet.-Maimonides (1135-1204)= beroemd joods geleerde werkte praktijk Tsedaka
uit: hij onderscheidde 8 gradaties. (blz. 15 basisboek)
-Joods Maatschappelijk Werk (JMW) : sinds 1946 sociale zorg. 3 / 4
Het christendom -Ontstaan uit Jodendom.
-Grootste wereldgodsdienst: ca 2 miljard aanhangers.
-Het geschiedenisverhaal begint met Abraham
-Basisboek: de Bijbel (Oude Testament en Nieuwe Testament)
-In jonge beweging van volgelingen Jezus van Nazareth lag grote nadruk op
dienende liefde: de caritas. (Teksten in Nieuwe Testament inspiratie voor
caritasactiviteiten, zoals steun aan weduwen, zieken, armen etc. )> Weduwen met
respect behandeld: vaak taak als gemeentezuster= ziekenbezoeken, uitleg
geloofsleer aan andere vrouwen.
-Opvallend: hulp aan iedereen(!) niet alleen binnen de eigen
kring. Bekend: de naastenliefde: de werken van barmhartigheid.
1.Ik had honger en jullie gaven mij te eten.
2.Ik had dorst en Jullie gaven mij te drinken 3.Ik was een vreemdeling en jullie namen mij op.
4.Ik was naakt en jullie kleedden mij.
5.Ik was ziek en jullie bezochten mij.
6.Ik zat gevangen en jullie kwamen naar mij toe.
7.Het begraven van de doden. (Later toegevoegd) Jezus zei, dat alles wat mensen voor anderen deden, dat deden zij voor Jezus zelf.-Bekend verhaal: Het verhaal van de barmhartige Samaritaan. Dit verhaal inspireert mensen al eeuwen tot sociaal werk en tot beeldende kunst. In dit verhaal is de Samaritaan (een bij joden niet graag geziene buitenlander) de persoon die het beroofde slachtoffer helpt. Hij gaf het goede voorbeeld: de priester& tempeldienaar lieten het afweten.-Grootste christelijke organisatie= Leger des Heils. In 1865 opgericht in arme wijk Londen door William Booth. ‘Doen’ staat centraal. Uitgangspunt: christelijke
identiteit+ centrale waarden: rechtvaardigheid, gerechtigheid, solidariteit.
De islam
-Islam betekend: ‘overgave’ of ‘onderwerping’.
-Ca. 613 na Chr. Gesticht door Arabier Mohammed.-Heilige boek Islam: de Koran, heilige stad: Mekka.-In Koran staan vele voorschriften over medemenselijkheid en vrijgevigheid.-In Koran drie plichten van de gelovige genoemd: God gelast: billikheid, wel- handelen, begiftigen van de verwant.-5 fundamentele religieuze verplichtingen: vijf zuilen van de islam: 1.Geloofsbelijdenis.
2.De rituele gebeden.
3.Het geven van aalmoezen. (Zakat) 4.Het vasten tijdens de ramadan.
5.De Pelgrimstocht naar Mekka.-Zakat = financiële plicht, geen liefdadigheid. =recht van de armen= uitgewerkt tot in het belastingsysteem.-Iedere moslim die meer bezit dan hij op één dag nodig heeft, moet dan ieder jaar een vastgesteld bedrag vermenigvuldigd met het aantal gezinsleden, weggeven, voor zover hij deel uitmaakt van een gezin.-Concept van de Maslaha= ‘momenten van inzet’: gevraagd om het leven, menselijke waardigheid en het geloof en het verstand te beschermen en om armoede te bestreden/ zich te bekommeren om het lot van kinderen.
- / 4