Arrondissementsparket Amsterdam Sector straf
Parketnummer : 1234567-13
Zitting: 21 november 2013
Pleitnotitie van Mevrouw A. Jans
Inzake:
Verdachte Damian Holweg Geboren 3 september 1995
Tegen:
Openbaar Ministerie
- / 2
Inleiding Edelachtbaar college, geachte officier van justitie,
We zijn hier vandaag voor mijn cliënt, Damian Holweg, welke op 6 september 2013 zijn 18 e
verjaardag heeft gevierd. Het had een feest moeten worden om nooit te vergeten, maar helaas is deze bewuste dag uitgelopen op een drama voor alle partijen.
Het feestje begon aanvankelijk erg leuk, er werd het nodige gegeten en gedronken en de sfeer zat er goed in. Totaal onverwacht nam één van de vrienden van Damian een ongenode gast mee, genaamd Michael Hendriks (het latere slachtoffer). Deze jongen deed de sfeer op het feestje totaal omslaan en Damian vond Michael maar een rare gozer. Op een gegeven moment begon Michael de vriendin van Damian te versieren in zijn bijzijn, uiteindelijk resulteerde dit in het voeren van snoepjes. Op dat moment sloegen bij Damian de stoppen door, hij liep naar de keuken en stak vervolgens Michael met een mes in zijn zij. Er ontstond grote paniek en Damian was helemaal over de rooie toen hij zich realiseerde dat hij Michael had neergestoken.
De hoofdvraag die uw rechtbank dient te beantwoorden, is of er sprake is van opzet in de zin van de artikelen 287 jo 302 Sr. Mijns inziens is daar geen sprake van en daarom zal ik uw rechtbank, aan het einde van mijn pleidooi, verzoeken om cliënt vrij te spreken.
Ontbreken van het element opzet Het Openbaar Ministerie zal hoogstwaarschijnlijk de constructie van voorwaardelijk opzet gebruiken, waarbij het gaat om het willens en wetens aanvaarden van de aanmerkelijke kans dat een bepaald gevolg zal intreden. Het gaat hierbij in alle gevallen om een kans die naar ervaringsregels aanmerkelijk te noemen is. Op deze kans en met name op de aanvaarding, wil ik mijn betoog richten.Allereerst wil ik betogen dat Damian, Michael niet bewust op een bepaalde plek heeft geraakt, aangezien de handeling in één vloeiende beweging is uitgevoerd. Hij stond op van de bank, liep naar de keuken, pakte een mes en stak Michael daarmee. Wat er precies is gebeurd kan hij zich niet meer herinneren, gezien deze hevige en plotselinge gemoedsbeweging. Hij heeft zelfs van anderen moeten horen dat hij Michael had gestoken. Damian heeft op geen enkel moment bewust aanvaard dat hij Michael dood zou steken of zeer zwaar zou verwonden en heeft zoals uit het onderstaande stuk zal blijken de gevolgen niet op de koop toegenomen.
Bepaalde gedragingen kunnen volgens de Hoge Raad naar hun uiterlijke verschijningsvorm worden aangemerkt als zo zeer gericht op een bepaald gevolg dat het, behoudens contra- indicaties, niet anders kan zijn dat Damian de aanmerkelijke kans op het gevolg heeft aanvaard 1 . Ook in deze zaak zijn er sterke aanwijzingen voor belangrijke contra-indicaties.
1 HR 25 maart 2003, NJ 2003, 552 (HIV I).
- / 2