Begrippenlijst kraamzorg A A teme = benaming voor kind geboren tussen 37 en 42 weken Aanleggen = de baby aan de borst leggen om te drinken Abortus = afbreking van de zwangerschap AMK = advies en meld punt kindermishandeling organisatie die Central rol spelt bij de bestrijding van kindermishandeling Apgarscore = Totaal aan punten die een pasgeborene wordt toegereikt aan de hartslag de ademhaling de spierspanning en de reflexen en de kleur B Babymassage = methode van wrijven en strelen van de baby met een ontspannende werking voor ouders en kind Banden pijn = en moe en pijnlijk gevoel in de lendenstreek dat ontstaat door de kracht van het toenemend gewicht van de baarmoeder op de banden en spieren Baringskanaal = de weg die het kind in het lichaam van de moeder moet gaan om geboren te worden Bedklossen = piramide vormige metalen voorwerpen die door onder het bed van de zwangere worden geplaatst en zo het bed verhogen met ongeveer 30 centimeter ook wel Eifel torentjes genoemd Bekken instabiliteit = fysiologische verwerking van de symfyse en bekken gewrichten dit wordt ook fysiologische genoemd Beroepsgeheim = plicht tot geheimhouding van informatieve die je weet over de zorgvragers Besnijdenis = handeling van een regieleuze achtergrond bij jongentjes wordt de voorhuid weg gehaald bij meisjes varieert de besnijdenis van een sneetje in de clitoris tot weg snijden van de schaamlippen meisjes besnijden is een Vorm van kindermishandeling Bevruchting = samensmelting van eicel en zaadcel ook definitief genoemd Bijwerkingen = bijverschijnselen, neveneffecten een andere werking van een medicijn dan werd verwacht Bilirubine = giftige stof die vrijkomt bij de afbraak van rode bloedcellen waardoor de huid geel kan zien 1 / 3
BKEV = basiskwaliteit kraamzorg formulering in termen van kwaliteit waar de kraamzorg aan moet voldoen Blije doos = Cadeau pakket gericht op jonge ouders samengesteld door bedrijven met als doe bekend maken met jun producten Borstontsteking = ontsteking als gevolg van een verstopt melkkanaaltje of langdurige stuwing dit word ook wel mastitis genoemd Borststuwing = pijnlijke gezwollen borsten bij de kraamvrouw voorafgaand de melkproductie normale stuwing houdt ongeveer 3 dagen aan en neemt dan af Borstvoeding = natuurlijke voeding van moeder aan de baby Borstvoeding certificaat = bewijs dat wordt uitgereikt aan organisatie die zich houden aan de eisen bij het bijdragen aan het welslagen van de borstvoeding Colostrum = de eestte moedermelk na de geboorte deze melk is plakkerige en dik gelig en bevat veel antistoffen het geeft een beschermlaagje aan de darmwand is licht verteerbaar waar door het meconium sneller wordt uitgescheiden Combinatietest = onderzoek waarbij wordt gekeken of de baby het syndroom van down heeft het wordt een combinatie onderzoek genoemd omdat het onderzoek bestaat uit een bloedonderzoek tussen de 9 en de 14 weken zwangerschap een nek plooimeting tijdens de echo tussen de 11 en 14 weken Combinatie voeding = is een situatie waarbij de baby zowel fles als borstvoeding krijgt Consultatiebureau = instituut binnen de jeugdzorggezondheidszorg dat de medische basis zorg en preventie bij alle kinderen van 0 tot 4 jaar verzorgt waaronder het vaccineren het uitvoeren van de algemene controles en het volgen van de ontwikkeling Couveusenazorg = gespecialiseerde kraamzorg aan moeder en baby bij thuiskomst van een baby die langdurig in de couveuse heeft gelegen Crisis koffer = een koffer die de verloskundige mee heeft bij een thuisbevalling met materialen om bij complicaties de eerste zorg te kunnen verlenen Cupfeeding = methode om afkoelde melk toe de dienen aan de baby uit een plastickopje 2 / 3
Curettage = ziekenhuisbevalling waarbij de baarmoeder onder verdoving wordt schoongemaakt na een miskraam D DD/JGZ = digitaal dossier bij jeugdzorggezondheid een digitaal document waarin alle medische en opvoedkundige gegevens van het kind van 0 tot 18 jaar worden verzameld Donor = iemand die eigen menselijke weefsel als organen, ogen, zaad of eicellen beschikbaar stelt Doorsnijden = situatie tijdens de bevalling waarbij het hoofdje van de baby geboren wordt Downsyndroom = een combinatie van een verstandelijke handicap en lichamelijke symptomen veroorzaakt door extra chromosoom (trisomie) 21 Draag moeder = vrouw die voor een andere vrouw een zwangerschap volbrengt en een kind baart Dectus botalli = verbinding tussen aorta en longslagader in de bloedcirculatie van het ongeboren kind Dysmatuur = benaming voor het kind dat minder ontwikkeld is dan op de grond van de duur van de zwangerschap mag verwachten Echo = echografie onderzoek waarbij met ultrasone trillingen en weefsel in het lichaam op beeld zichtbaar worden Eclampsie = is een levens dreigende aandoening bij vrouwen die zich kenmerkt door een hoge bloeddruk en stuiptrekkingen Eigen bijdrage = dat is een bedrag wat je zelf moet betalen voor het ontvangen van zorg Ejeulaat = substantie die bij seksuele gemeenschap of masturbatie door de man wordt uitgestoten en bestaat uit zaadcellen en vocht Embryo = een menselijk ongeboren vrucht tot en met 3 maanden de periode waarin alle belangrijke lichaamsstructuren worden aangelegd Embryo selectie = het uitsluiten van terugplaatsing van bevruchte eicellen op grond van bepaalde criteria Endometritis = ontsteking van het baarmoederslijmvlies Episiotomie = knip in de perineum om de geboorte uitgang voor de baby te vergroten en de geboorte te bespoedigen F
- / 3