bestuur en politiek sociale vraagstukken
hoorcollege 7: polarisation and discontent
niveaus van polarisatie party level: gaat over hoe groot de ideologische afstand is tussen politieke partijen, vaak gemeten op een links/rechts schaal waarbij de afstand wordt gewogen obv stempercentage
mass level: gaat over burgers en hoe zij elkaar zien; inhoudelijk en emotioneel
soorten polarisatie ideologische: inhoudelijke beleidsverschillen; mensen verschillen van mening over beleid maar niet per se over de identiteit van de ander; dus blijft binnen politieke arena’s affectieve: burgers zien aanhangers van andere partijen als outgroup; wantrouwen, afkeer en sociale afstand politieke voorkeur wordt onderdeel van iemands identiteit ontologische/reality: groepen raken het zelf niet meer eens over feiten en realiteit (bv klimaatfeiten, covid) past binnen het idee van ‘post-truth society’ sociologische modellen van stemgedrag – klemtoon ligt op identiteit; mensen stemmen vanuit groepsbinding (klasse etc) en sociale identificatie vormt politieke voorkeuren belang van polarisatie
positieve effecten:
- hogere politieke betrokkenheid; politieke tegenstellingen worden opvallender/scherper
- meer duidelijke keuzemogelijkheden voor burgers; duidelijke verschillen tussen partijen
- verhoogde representativiteit als partijen heldere posities innemen; betere herkenning
negatieve effecten:
- maatschappelijke verdeeldheid; sterke polarisatie kan groepen tegenover elkaar zetten
- moeilijk bestuurbare landen; samenwerking tussen partijen lastig
- burgers kunnen zich vervreemd voelen als oppositie aan de macht komt
- hogere ideologische polarisatie op party level; kleine partijen kunnen zetels behalen dus
- nieuwe cleavages kunnen makkelijker worden opgevangen via nieuwe partijen; door lage
- meer fragmentatie van het partijsysteem; doordat nieuwe partijen makkelijk betreden
- lagere ideologische partijdige polaraisatie (minder partijen) MAAR juist hogere polarisatie
verkiezingssystemen en polarisatie PR-systems (NL): veel partijen en proportionele zetelverdeling – gevolgen:
minder de prikkel om naar het midden te schuiven waardoor ze scherpere, ideologische standpunten kunnen innemen
kiesdrempel en proportionele zetelverdeling kunnen nieuwe partijen eenvoudig betreden waardoor nieuwe maatschappelijke tegenstellingen snel politiek vertegenwoordigd worden
majoritarian systems (VK/VS): ‘winner-takes-all’, twee dominante partijen – gevolgen:
onder burgers (mass); burgers vallen eerder in twee grote blokken die elkaar als rivalen zien cleavages en verandering van het politieke landschap cleavages: maatschappelijke breuklijnen die politieke conflictstructuren bepalen – vb: centrum vs periferie & kerk vs staat & arbeider vs kapitaal & stad vs platteland & kosmopolitisch vs nationalistisch (nieuwe culturele cleavage) in PR-systems kunnen nieuwe groepen (cleavages) zich makkelijker organiseren in nieuwe partijen, wat zorgt voor meer polarisatie en fragmentatie
1 1 / 2
bestuur en politiek sociale vraagstukken case study – Pim Fortuyn en het Nederlandse politieke landschap Nederlandse politiek werd gekenmerkt door lage polarisatie tussen partijen (kartel partijen), er waren 3 dominante breuklijnen; economisch, ethisch en communitair – Fortuyn introduceerde nieuwe culturele cleavage: migratie en nationale identiteit, dit veranderde het partijlandschap blijvend moord op Fortuyn wordt gezien als een extreem voorbeeld van massale affectieve polarisatie en dreigingspercepties affectieve polarisatie – tribalisme twee elkaar versterkende mechanismen; ingroup favoritism & outgroup derogation eerst altijd gevoel van ingroup voordat er een gevoel van outgroup gecreëerd kan worden politieke identiteiten kunnen sterke in- en outgroups creëren affectieve polarisatie – aanwijzingen (cues) en stereotypes vaak geeft informatie over partisans aanwijzingen over de ‘citizen behind the partisan’; we hebben vooropgezette beelden van welk soort persoon op welke partij stemt -> zowel politiek als niet, kan alles betreffen = stereotypering visuele signalen zijn sterke indicatoren van hoe we de politieke identiteit van anderen waarnemen; we verwijzen ernaar zelfs als we geconfronteerd worden met niet politieke informatie; we vragen impliciet ‘lijkt deze persoon op mij?’ affectieve polarisatie – geïntegreerde dreigingtheorie
het gevolg van verhoogde affectieve polarisatie zou kunnen zijn: toename van de
dreigingsperceptie van buitenstaanders kan leiden tot nadelige gevolgen voor democratische gezondheid, aangezien wantrouwen (passief) wordt omgezet in angst (actief)
- realistische dreiging: bedreigingen voor je persoonlijke omstandigheden
- symbolische dreiging: bedreigingen voor je manier van leven
hoorcollege 8: party system transformation and varieties of populism
politieke partijen: centrale bemiddelaars tussen de sociale sfeer – functies:
- werving van politiek personeel
- responsiviteit door belangenarticulatie, vertegenwoordiging en aggregatie
- regeringsvorming en oppositiewerk
- beleidsvorming
- mobilisatie en integratie van kiezers en leden
- er moeten meerdere partijen zijn
- er moet sprake zijn van wederzijdse beïnvloeding
- er moeten patronen van stabiliteit zijn in hoe partijen met elkaar concurreren
- / 2
party system – Sartori: geheel van interacties tussen politieke partijen – 3 voorwaarden:
verklaring van verschillen tussen party systems Duverger’s law; de grootte van een party system hangt af van de interactie tussen sociale factoren (cleavages) en institutionele factoren (kiesstelsels) sociale verdeeldheid creëert de vraag naar politieke partijen en electorale instellingen bepalen vervolgens in hoeverre de vraag word omgezet in partijen die stemmen winnen (verkiezingspartijen) en partijen die zetels winnen (parlementaire partijen)