• wonderlic tests
  • EXAM REVIEW
  • NCCCO Examination
  • Summary
  • Class notes
  • QUESTIONS & ANSWERS
  • NCLEX EXAM
  • Exam (elaborations)
  • Study guide
  • Latest nclex materials
  • HESI EXAMS
  • EXAMS AND CERTIFICATIONS
  • HESI ENTRANCE EXAM
  • ATI EXAM
  • NR AND NUR Exams
  • Gizmos
  • PORTAGE LEARNING
  • Ihuman Case Study
  • LETRS
  • NURS EXAM
  • NSG Exam
  • Testbanks
  • Vsim
  • Latest WGU
  • AQA PAPERS AND MARK SCHEME
  • DMV
  • WGU EXAM
  • exam bundles
  • Study Material
  • Study Notes
  • Test Prep

Biologie Leerdoelen Hoofdstuk 4

Class notes Dec 27, 2025 ★★★★★ (5.0/5)
Loading...

Loading document viewer...

Page 0 of 0

Document Text

Biologie Leerdoelen Hoofdstuk 4 – Voortplanting & Hoofdstuk 5 – Erfelijkheid §4.1 – Nieuw leven

Leerdoel 1: Je beschrijft het ontstaan van een zygote en de

ontwikkeling van embryo tot foetus.Na de ovulatie ontwikkelt zich in een van beide ovaria (eierstokken) een eicel. Deze cel groeit flink in de eerste twee weken.De eicel bevindt zich dan in de eileider en kan hier ook bevrucht worden door een zaadcel. De zaadcel gaat eerst door een doorzichtige laag rond de eicel (zona pellucida). Deze wordt gedeeltelijk afgebroken waardoor ze de eicel kunnen bereiken. De zaadcel die als eerste contact maakt met het celmembraan van de eicel fuseert met de cel en levert DNA af.De zona pellucida wordt meteen een ondoordringbare laag, zodat maar 1 zaadcel versmelt met de eicel. De bevruchting is dan afgerond, er is een zygote gevormd.De stappen van de bevruchting op een rijtje kun je zien in de afbeelding.De eerste delingen van de cel zijn klievingsdelingen, de dochtercellen groeien niet. Na

  • dagen zijn het er zo’n
  • honderd, het klompje cellen is dan een soort blaasje (blastula).Trilharen in de eileider vervoeren de blastula naar de baarmoeder, waar het (na een week) gaat innestelen. De buitenkant van de blastula heet de trofoblast, hier gaan zich uitstulpingen aan vormen die vlokken heten. Via deze vlokken gaan er voedingsstoffen en zuurstof naar de embryoblast. Hierdoor kan de embryoblast zijn cellen laten delen en specialiseren, dan ontstaat er een embryo. Deze begint als een platte schijf, de kiemschijf. Tussen deze kiemschijf en de trofoblast wordt de hechtsteel gevormd, het begin van de navelstreng. 1 / 4

Ook ontstaat er een dooierblaasje, met extra voedingsstoffen. Deze verdwijnt al snel en alleen de amnionholte blijft over. Het vruchtwater hierin beschermt het embryo voor schokken en stoten. De 2 vruchtvliezen: amnion (van amninonbaasje) en chorion (van trofoblast) omringen het embryo.Pas na 8 weken heeft het embryo al zijn organen goed ontwikkeld. Vanaf dit moment is de baby een foetus.

Leerdoel 2: Je legt het belang uit van de placenta en de invloed

van de leefstijl van de moeder op de groei van het kind.Tussen de baby en de moeder ontstaat de placenta. Via hier kan de baby stofwisseling doen met het bloed van de moeder, de vlokken zijn dus niet meer nodig.Het gaat wel gescheiden, de stofwisseling gaat via membranen en niet via het bloed zelf.De bloedsomloop van het (nog) embryo bevat de navelstreng die naar de placenta loopt. Deze heeft 2 slagaders en 1 ader. De ader neemt zuurstofrijk bloed weer mee terug vanaf de placenta.De leefstijl van de moeder heeft invloed op de baby. Als de baby nog een embryo is, heeft het voldoende voedingsstoffen nodig om alle organen te maken en ontwikkelen. In deze periode is de baby heel kwetsbaar voor medicijnen, alcohol en drugs.Als de moeder rookt komen deze stoffen ook bij de baby en zal het ondergewicht krijgen bij de geboorte.

Leerdoel 3: Je beschrijft de ontwikkeling, bouw en werking van

de voortplantingsorganen en de vorming van secundaire geslachtskenmerken.Een embryo met een X en een Y chromosoom groeien uit tot man en die met 2 X chromosomen tot een vrouw. Het SRY-gen activeert onder andere het Y chromosoom en als deze niet werkt groeit een persoon met XY toch uit tot een vrouw. De primaire geslachtskenmerken ontstaan ook. Jongens krijgen een penis en balzak (met testes) en meisjes schaamlippen en een vagina. 2 / 4

In de puberteit groeien de voortplantingsorganen van een meisje tot een volwassen bouw. Iedere maand ontwikkelt een eicel vanuit een van de ovaria. Is er binnen 24 uur na de eisprong geen bevruchting, sterft de eicel af. Het baarmoederslijmvlies is in deze tijd ter voorbereiding op zwangerschap gegroeid en laat los als er geen zwangerschap is. Dit is menstruatie.De vagina heeft een slijmvlies met een pH van 3,8 tot 4,5 om bacteriën en schimmels te voorkomen. De buitenste schaamlippen beschermen de vagina. Tussen de binnenste schaamlippen zit de clitoris, deze zwelt op bij opwinding.De ingang van de vagina heeft ook een soepel randje weefsel, het maagdenvlies Ook bij jongens groeien de voortplantingsorganen, onder andere de balzak, de testes en de penis. De testes zijn sterk gekronkelde zaadbuisjes, hier ontstaan de zaadcellen. Deze worden opgeslagen in de bijballen. Zonder zaadlozing worden de zaadcellen afgebroken na ongeveer een maand. Bij een zaadlozing worden de zaadcellen door de zaadleider geduwd. De prostaatklier en zaadblaasjes voegen vocht toe (samen is het sperma) en vervolgens gaat het door de urineleider naar buiten.Bij opwinding vullen de zwellichamen zich op met bloed en is er een erectie. De eikel is het gevoeligste deel.Bij kou trekken de spieren in de balzak de teelballen tegen het warme lichaam aan, bij hogere temperaturen ontspannen deze spieren. Zo blijft de temperatuur in de teelballen ongeveer 2°C lager dan de lichaamstemperatuur voor optimale productie.Het groeien van de geslachtsorganen zijn secundaire geslachtskenmerken van beide geslachten.Bij jongens neemt ook de spiermassa toe, de stembanden groeien, er ontstaat beharing in het gezicht, oksels, schaamstreek en op andere plekken.Bij meisjes groeien ook de borsten, verbreden de heupen, komt er meer vetweefsel en ontstaat er beharing onder de oksels en op de schaamstreek.

Leerdoel 4: Je licht toe wat tertiaire geslachtskenmerken zijn, hoe

seksuele geaardheid kan verschillen en wat ongewenste intimiteiten zijn.Je verandert ook geestelijk, dit zijn de tertiaire geslachtskenmerken. Deze komen vaak voor bij 1 bepaald geslacht, maar zijn niet kenmerkend voor dat geslacht aangezien dit bij beide geslachten kan voorkomen. 3 / 4

Zo hebben mensen andere seksuele voorkeuren. Val je op het andere geslacht ben je heteroseksueel, val je op hetzelfde geslacht ben je homoseksueel of lesbisch, val je op beide geslachten ben je biseksueel en val je op geen enkel geslacht ben je aseksueel.Je kunt je ook niet thuis voelen in je biologische geslacht, dan ben je transgender. Mensen die zich zowel mannelijk als vrouwelijk voelen zijn intersekse.Ongewenste intimiteiten komen voor. Er is sprake van ongewenst seksueel gedrag.Aanranding is het gewongen ondergaan van seksuele handelingen zoals aanraken van lichaamsdelen.Verkrachting is het ongewenst seksueel binnendringen.

  • / 4

User Reviews

★★★★★ (5.0/5 based on 1 reviews)
Login to Review
S
Student
May 21, 2025
★★★★★

I was amazed by the practical examples in this document. It helped me ace my presentation. Truly superb!

Download Document

Buy This Document

$1.00 One-time purchase
Buy Now
  • Full access to this document
  • Download anytime
  • No expiration

Document Information

Category: Class notes
Added: Dec 27, 2025
Description:

Biologie Leerdoelen Hoofdstuk 4 – Voortplanting & Hoofdstuk 5 – Erfelijkheid §4.1 – Nieuw leven Leerdoel 1: Je beschrijft het ontstaan van een zygote en de ontwikkeling van embryo tot foetus...

Unlock Now
$ 1.00