1
Boek Samenvatting Spijkerzwijgen – Simon van der Geest
Overzicht van het Boek
Titel: Spijkerzwijgen
Auteur: Simon van der Geest
Pagina's: 244
Uitgave Jaar: 2023
Genre: Jeugdboek
Oorspronkelijke taal: Nederlands
Onderwerpen: Oer-Hollandse levensverhalen, Familie.
Korte Samenvatting van het Boek:
Het boek gaat vooral over het twaalfjarige meisje, Vonkie van der Veer, die bij haar opa gaat logeren. Al aan het begin van het verhaal wordt uitgelegd dat Vonkie’s ouders ruzie hebben.Omdat het al een tijd niet goed gaat, besluiten ze dat ze een week nodig hebben om alles op een rij te zetten. Zonder Vonkie. Eerst wil Vonkie helemaal niet bij opa blijven. Het liefst wil ze weten of het allemaal goedkomt met papa en mama. Ze wil er niet aan denken dat haar ouders besluiten om te scheiden. Aan het begin kan ze alleen daaraan denken.Maar dan begint opa verhalen te vertellen over zijn jeugd. Opa had maar liefst zes broers!Vroeger viel er zat te doen op de boerderij, leert Vonkie. Eigenlijk valt er nog steeds zat te doen. Als je maar goed rondkijkt. Opa’s verhalen zijn spannend en draaien vooral rondom zijn lievelingsbroer Gijsbert. “We noemden hem Buts,” zegt opa. “Omdat hij altijd een buts of een bult of een blauwe plek had. Hij haalde gevaarlijke dingen uit. Dan viel hij weleens.” “Had jij ook een bijnaam?” vraagt Vonkie.“Spijker,” zegt opa. “Omdat ik zo eigenwijs was als een kromme spijker. Probeer maar een kromme spijker recht te slaan. Dan weet je wat ik bedoel.” De verhalen dat opa vertelt zijn niet alleen spannend. Ze leiden Vonkie af van haar zorgen en maken plaats voor een echt mysterie. Vonkie komt te weten dat opa al jaren niet meer met Buts praat! Er is iets gebeurd tussen de twee broers, waardoor ze niet meer met elkaar praten. Opa wil niet vertellen wat er is gebeurd. En dan, dan is er nog iets vreemds aan de hand. Er beweegt iets in de verlaten molen. Opa heeft Vonkie verboden om te gaan kijken.Waarom? Wat is er in de molen? Wat is er tussen opa en Buts gebeurd? Opa doet koppig Spijkerzwijgen. Dus moet Vonkie er werk van maken. Deze week wordt nog spannend!
Lange Samenvatting van het Boek:
Let op! Er zijn notities gemaakt: Dit zijn aantekeningen, die vaak niet in het boek zelf staan.Notities zijn bedoeld om je helpen, zodat je het verhaal beter kan volgen.
Zondag Mama scheurt als een gek over de weg in de auto. Vonkie vindt het zo spannend, dat ze haar buikpijn vergeet. Even ervoor was er weer ruzie thuis. Mama had het aquarium van papa kapotgeslagen. Vonkie weet niet waar de ruzie over ging. Ze hoorde opeens een geweldig gekletter en rende naar beneden. Mama stond in het midden van de keuken. In haar handen had ze een koekenpan. Daarmee had ze papa’s aquarium stukgeslagen. Op de vloer was er een grote plas water, gebroken glas en spartelende vissen. Vonkie snapte er niets van. Papa zei niks. Ook al was hij duidelijk boos. Voorzichtig begon hij zijn vissen op te rapen. Vonkie ging snel een emmer met water vullen voor de vissen, maar mama zei dat ze met haar mee moest komen. Papa zou zelf opruimen.Nu zijn mama en Vonkie op weg naar opa. Papa en mama willen tijd met elkaar om dingen op een rijtje te zetten. En daar kunnen ze Vonkie niet bij gebruiken. Dus, moet Vonkie voor het eerst in haar leven een hele week bij opa logeren. Zo gaat dat.
Notitie: Vonkie maakt duidelijk dat haar familie bestaat uit papa, mama en zijzelf. 1 / 3
2
Mama en Vonkie komen aan op de boerderij. Vonkie loopt helemaal scheef door het gewicht van haar logeertas. Ze lopen langs de stallen en schuren en het nieuwe rode huis van Pako.Dat is een neef van mama. Hij runt de boerderij nu. Opa woont in het oude woonhuis.“Moet ik echt hier een hele week blijven?” vraagt Vonkie.“Ja, tot zondag,” zegt mama. “Dat moet toch lukken?” Vonkie haalt de schouders op. KLENG! De deur van het rode huis klapt open. Opa loopt kwaad het huis uit. “Ik hoef het niet te weten, zeg ik toch!” Heeft hij ook al ruzie?Oom Dirk loopt met zijn wandelstok achter hem aan. Dat is de oudste broer van opa. Pako komt ook aangelopen. Pako is de zoon van oom Dirk. Dan zien ze Vonkie en haar moeder staan. Alle boosheid is verdwenen en opa komt ze blij begroeten. Misschien lacht opa, maar Vonkie kan het niet zien door zijn grote snor. Ze helpen Vonkie met haar zware tas de trap op naar de logeerkamer. Mama en opa praten stilletjes met elkaar. Vonkie kan het niet echt volgen, maar even erna moet ze afscheid nemen van mama. Vonkie blijft op het erf staan, terwijl ze mama uitzwaait. Ze hoopt dat papa en mama een goed gesprek hebben en dat ze haar dan snel komen ophalen. Liefst voordat het weer zondag is.
Opa laat Vonkie de boerderij zien. Vonkie loopt op haar laarzen, opa loopt op zijn klompen.Hij laat haar de koeien en jonge kalfjes zien. Opa is goed met koeien. Hij is hier geboren en opgegroeid met zijn broers. Zijn vader en moeder waren de boer en boerin. Opa zelf is nooit boer geworden, want de oudste broer nam de boerderij over. Oom Dirk. En daarna nam de zoon van oom Dirk, Pako, de boerderij van hem over.Pako komt net de stallen binnengelopen. Hij begroet Vonkie. “Moj!” zegt Pako.Het kalfje naast Vonkie stapt net in een plas met stront en het spettert op haar broek.“Helemaal niet mooi,” moppert Vonkie. “Moet je mijn broek zien!” “Hij zegt niet ‘mooi’, maar ‘hoi’,” zegt opa.“O,” zegt Vonkie. “Ook hoi.” Pako vertelt dat zijn zoon Sven morgen komt. Sven is ongeveer dezelfde leeftijd als Vonkie.Sven’s ouders zijn gescheiden, dus doet hij soms bij zijn moeder verblijven en soms bij zijn vader. Vonkie heeft hem al jaren niet gezien, dus ze kan zich weinig over hem herinneren.Opa laat Vonkie de rest van de boerderij zien. Ze lopen langs de tractoren en ze zien Oom Dirk net wegrijden. Ze zwaaien hem uit. “Dirk woonde vroeger toch hier?” vraagt Vonkie.“Klopt,” zegt opa. “Tot er een trekker over zijn voet reed. Toen kon ie niet meer goed lopen en is hij naar het dorp verhuisd en kwam ik hier terug wonen.” Aan de voorkant van het oude woonhuis loopt een hoge dijk. Opa en Vonkie klimmen het trapje op en kijken uit over de vaart en uitgestrekte weilanden met koeien. Vonkie telt vier molens. Drie ver weg en eentje dichtbij. Opa zegt dat die molen oud en kapot is. Vonkie is nieuwsgierig. Ze heeft nog nooit een molen van binnen gezien, maar opa zegt dat de molen op instorten staat. “Als je geen balk op je hoofd wil krijgen, moet je uit de buurt blijven.”
Notitie: De boerderij van familie van der Veer bevindt zich in een polder. Een polder is een laaggelegen, door de mens drooggelegd land. Het wordt omringt door waterkanalen, die de waterstand reguleren. Een waterkanaal wordt ringvaart of vaart genoemd. Het water wordt constant weggewerkt door poldermolens. Het drooggelegde land kan als weilanden gebruikt worden. Weilanden zijn stukken open grasland die gebruikt wordt om vee te laten grazen.
Die avond ligt Vonkie in de logeerkamer. Slapen lukt niet echt. Vonkie moet telkens aan huis denken. Ze mist haar eigen kamer. Deze kamer is oersaai. Boven de deur hangt een kruisbeeld met Jezus die kijkt alsof hij doodgaat van de verveling. Vonkie vraagt zich af hoe ze het een week lang gaat volhouden. Ze roept opa. Al gauw zit opa bij Vonkie. Ze ziet een oude familiefoto hangen en vraagt wie er allemaal op staan. Opa pakt het portret van de muur af en veegt het stof ervan af. Dan begint hij te vertellen. Op de foto staan zijn vader, zijn moeder en zijn zes broers. “Bijna iedereen had een bijnaam. Dirk is de oudste, maar omdat hij altijd de baas speelde, noemden we hem Directeur en daarna alleen Teur. Tenk noemden we Tenk, omdat hij zo breed en sterk was. Hij kon je zo platwalsen. En Sleutel was altijd aan het knutselen en sleutelen. Hij kon alles wel repareren.” 2 / 3
3
Dat waren de drie oudste broers op een rij. De grote drie hadden elkaar. Die deden goed met elkaar opschieten. Daarna kwam Buts. Hij heette eigenlijk Gijsbert. “Maar,” zegt opa.“We noemden hem Buts omdat hij altijd een buts of een bult of een blauwe plek had. Hij haalde gevaarlijke dingen uit. Dan viel hij weleens.” “Had jij ook een bijnaam?” vraagt Vonkie.“Spijker,” zegt opa. “Omdat ik zo eigenwijs was als een kromme spijker. Probeer maar een kromme spijker recht te slaan.” De twee jongste broers waren een tweeling. Thijs en Tommy. Zij waren nog te jong om mee te doen met alle streken. Vonkie kijkt goed naar de foto. Zelfs op de foto heeft Buts een bult op zijn voorhoofd. Opa kijkt goed naar de foto. “Je hebt gelijk.” “Hoe kwam hij daaraan?” “Hij was op de vlucht, omdat hij had gewonnen.” Vonkie snapt er niets van. “Vertel nou.” Opa grijnst en begint te vertellen.
Notitie: Tot nu toe vertelt Vonkie het verhaal van het boek vanuit haar perspectief. Dus in de ik-vorm van Vonkie. Wanneer opa een verhaal vertelt, verandert de vertelvorm van het boek.Er wordt in ik-vorm van opa verteld. Het voelt alsof opa zelf het verhaal vertelt. Dat is leuk.
Opa vertelt: Het verhaal van de Kippencowboys
Een jaar of acht zal ik geweest zijn. Pa was naar de kaasmarkt gegaan. Teur en Tenk waren klaar met maaien. Ze werkten zoveel mogelijk mee op de boerderij. Tenk zat op te scheppen dat hij de meeste kippen kon vangen. Daar wilde hij zelfs een mars reep (chocoladereep) om wedden. Al snel deed Sleutel mee, en ik haalde Buts erbij. Vaak vonden de Grote Drie mij en Buts te klein om mee te doen, maar deze keer maakte het niet uit. Iedereen deed mee. Je had ons moeten zien: overal dwarrelende veren en kippen die rondfladderen en gekakel en gelach. De kippen die we hadden gevangen, deden we in lege kalktonnen. Ieder had zijn eigen ton. Het leek erop dat Teur zou winnen. Maar Buts had een slim plan. “Jij geeft jouw kippen stiekem aan mij en als ik win, delen we die mars.” Dat vond ik goed.Toen Teur de laatste kip in zijn ton stopte, zei hij dat hij de beste kippencowboy was, want hij had er acht. Maar Buts zei dat hij er negen had. Dus had Buts gewonnen.De Grote Drie geloofden er niets van en dat werd ruzie. Buts snoof, trok een klomp uit en smeet het naar ze. De klomp raakte Tenk en al gauw renden ze allemaal achter Buts aan.Buts rende langs het buitenwater (= ringvaart of ook brede waterkanaal, die gebruikt wordt om het water uit de polder af te voeren.) Toen rende Buts de springplank op. Sleutel had die zomer een duikplank geknutseld. Buts rende en sprong verder dan ooit. Het leek alsof hij zweefde. Hij kwakte neer op de slootkant aan de overkant van het water. Dat deed niemand hem na. Tenk gooide de mars reep naar hem toe. Hij had hem verdiend.En ja, de kippen, die waren we helemaal vergeten. Pas de volgende avond dachten we aan.We renden naar de tonnen, maar de kippen waren allemaal gestikt. Pa was woest. Hij wilde weten die dat had gedaan, maar de broers zwegen. En nog wekenlang aten we kippensoep.
Vonkie kijkt opa met grote ogen aan. “Dat is zielig.” “Voor ons was het ook zielig,” zegt opa. “Wekenlang elke dag kippensoep. Dat was onze straf, Het kwam m’n neus uit.” Vonkie moet ervan grinniken. “Net goed.” Opa zegt dat Vonkie moet proberen te slapen en gaat naar de woonkamer. Het duurt nog lang voordat Vonkie in slaap valt. Dan heeft Vonkie een enge droom, waarvan ze wakker schrikt. Het is pikdonker in de logeerkamer. Vonkie staat op en knipt het bedlampje aan.Omdat ze moet plassen, besluit ze naar de wc te gaan. Voorzichtig loopt ze de trap af, en blijft halverwege staan. De deur van de woonkamer staat open. Vonkie gluurt naar binnen.Is opa nog wakker? Opa zit met de rug naar haar toe. In zijn handen heeft hij een brief.Opeens scheurt hij de envelop aan stukken. Vonkie begrijpt er niets van. “Opa?” Opa kijkt geschrokken om. “Moet jij niet slapen?” “Moet jij niet eerst lezen?” vraagt Vonkie en wijst naar de gescheurde brief.
- / 3