- / 4
- / 4
- / 4
Dit is een compacte samenvatting met veel opsommingen; kort en bondig. Als je iets meer uitgebreid zoekt, meer ‘vertellend’ is deze samenvatting misschien niet voor jouw. Hij laat alleen de belangrijkste kernzaken en -begrippen zien.Hoofdstuk 1 Missie sociaal werk Het doel van sociaal werk is om ervoor te zorgen dat ieder mens de kans krijgt om volwaardig mee te doen in de samenleving, zowel als individu als als burger. Sociaal werkers helpen mensen om tot hun recht te komen door hen te ondersteunen bij persoonlijke en maatschappelijke vraagstukken.
1.1 Sociaal werk richt zich op
Sociaal werk bevordert drie belangrijke pijlers:
Participatie: actief meedoen in de samenleving, bijvoorbeeld door werk, vrijwilligerswerk of buurtactiviteiten.
Autonomie: zelf beslissingen kunnen nemen en grip hebben op je eigen leven.
Zelfredzaamheid: het vermogen om zelfstandig problemen aan te pakken en oplossingen te vinden.Social Work opleiding De opleiding tot sociaal werker is landelijk afgestemd. Studenten in heel Nederland leren volgens dezelfde richtlijnen en eindkwalificaties. Zo wordt duidelijkheid gecreëerd over wat men van een afgestudeerde sociaal werker mag verwachten.Het werk speelt zich af op 3 niveaus
Sociaal werkers zijn actief op drie verschillende niveaus:
Directe leefomgeving: werken met individuen in hun thuissituatie.
Netwerk: samenwerken met familie, vrienden en informele hulpbronnen.
Gemeenschap: inzetten op sociale samenhang in buurten en wijken.
Formeel netwerk Het formele netwerk bestaat uit professionals zoals maatschappelijk werkers, huisartsen, jeugdzorgmedewerkers en andere hulpverleners. Zij leveren professionele ondersteuning wanneer het informele netwerk tekortschiet.Informeel netwerk Tot het informele netwerk behoren familieleden, vrienden, buren en vrijwilligers. Zij bieden vaak eerste hulp of emotionele steun, zonder dat daar een officiële functie aan verbonden is.Landelijk opleidingsdocument In dit document staan de kerntaken en competenties die elke sociaal werker aan het eind van zijn of haar opleiding moet beheersen. Dit vormt de basis voor het beroep in de praktijk.
- / 4