- / 3
- / 3
Hoofdstuk 1 Communicatieve competentie
Communicatieve competentie bestaat uit drie pijlers:
een breed en flexibel repertoire aan communicatievormen en -stijlen, zowel verbaal als non-verbaal; het vermogen om in een specifieke situatie de juiste keuzes te maken uit dit repertoire; een intrinsieke motivatie om zorgvuldig en doelgericht te communiceren (Van der Meulen, 2023).
1.1 Een communicatiemodel Communicatie kan worden omschreven als het uitwisselen van boodschappen tussen twee of meer personen, altijd met een bepaald doel voor ogen (De Vries & Van Ruler, 2022).Zender: degene die de boodschap formuleert en overdraagt. Deze brengt informatie over, representeert mogelijk een organisatie en onthult impliciet hoe hij of zij de relatie met de ontvanger ziet.Ontvanger: de persoon die de boodschap interpreteert. In interacties wisselen deze rollen doorgaans voortdurend.
Verbale communicatie: gesproken of geschreven boodschappen in woorden.
Non-verbale communicatie: signalen via lichaamshouding, gebaren, mimiek, beeld en symbolen.Volgens recent onderzoek onderscheiden we in elke boodschap vier gelijktijdige aspecten (Schramm, 2024):
het referentiële aspect: de feitelijke inhoud en wat daarover wordt gezegd;
het appellerende aspect: het doel dat de zender wil bereiken;
het expressieve aspect: wat de boodschap onthult over de persoonlijkheid, waarden en overtuigingen van de zender; het relationele aspect: de manier waarop de zender de verhouding tot de ontvanger neerzet.Effectieve communicatie vraagt dat de zender een strategische balans vindt tussen deze aspecten, terwijl de ontvanger de boodschap langs dezelfde dimensies moet duiden om adequaat te reageren (Ten Thije & Reus,
2023).
1.2 Het appellerende aspect Een boodschap beoogt altijd invloed uit te oefenen op kennis, overtuigingen of gedrag van de ontvanger, vaak met dieperliggende strategische doelen (Noordzij, 2024).
1.2.1 Communicatiedoelen van zenders
Afhankelijk van de gewenste beïnvloeding zijn de doelen van de zender te onderscheiden in: Type doelDe zender wilInvloed op de ontvanger Informatiefinformeren kennis en feiten Instructiefinstrueren vaardigheden Persuasiefovertuigen houdingen, overtuigingen Motiverendaanzetten intenties, gedragingen Affectiefemoties oproepengevoelens, beleving Communicatie heeft vrijwel altijd één hoofddoel dat ondersteund wordt door subdoelen (Bakir & Hox,
- / 3