Nederlands
hoofdstuk 1 t/m 6: Lezen
Hoofdstuk 1 en 2 Vaste tekststructuren aspectenstructuur inleiding onderwerp middenstuk diverse aspecten van het onderwerp slotsamenvatting verleden/heden(/toekomst)structuur inleiding onderwerp middenstuk situatie vroeger situatie nu slotconclusie of situatie in de toekomst voor- en nadelenstructuur inleiding onderwerp, vraag of stelling middenstuk voor- en nadelen slotafweging en conclusie vraag/antwoordstructuur inleiding vraag middenstuk antwoord(en) slotsamenvatting of conclusie argumentatiestructuur inleiding stelling, standpunt(eventueel als vraag) middenstuk argumenten voor de stelling tegenargumenten (+weerlegging) slotherhaling stelling(of beantwoord vraag) probleem/oplossingstructuur inleiding probleem middenstuk gevolgen(waarom is het een probleem?) oorzaken oplossingen slotde beste oplossing verklaringsstructuur inleiding bepaald verschijnsel middenstuk kenmerken / voorbeelden verklaring(en) / oorzaak / reden(en) slotsamenvatting
- / 1