ILS – Rechtshandhaving in domeinoverstijgend perspectief Literatuur en jurisprudentie samenvatting Week 1 Literatuur F.C.M.A. Michiels, ‘Handhavingsrecht en handhavingsbeleid’.Kabinetsnota over de uitgangspunten bij de keuze van een sanctiestelsel (Kamerstukken I 2008/09, 31 700 VI, D).B. van der Vorm, 'Bespiegelingen over de keuze tussen bestuursrecht en strafrecht’.J.H. Crijns, ‘Strafrecht als ultimum remedium. Levend leidmotief of archaïsch desideratum?’ Week 2 Literatuur Afdeling Advisering van de Raad van State, Advies W03.15.0138/II, 13 juli 2015.Nader rapport bestuurlijke boetestelsels, bijlage bij Kamerstukken II 2017/18, 34775- VI, nr. 102.T. Barkhuysen & M.L. van Emmerik, ‘De repressieve samenleving en het bestuursrecht: worstelend op zoek naar een betere balans tussen wetteloosheid en rechteloosheid’ hoofdstukken 1, 2, 4 en 5.J.H. Crijns, ‘Op zoek naar consistentie. Bestraffing buiten de rechter om in strafrecht en bestuursrecht’.N.G.H. Verschaeren, ‘Het Kabinetsstandpunt 2018 over de verhouding tussen het strafrecht en het punitieve bestuursrecht naar aanleiding van het ongevraagde advies van de AARvS nader beschouwd’.Jurisprudentie oT. Barkhuysen & M.L. van Emmerik, ‘Öztürk. Punitieve sancties en EVRM- waarborgen.oEHRM 23 november 2006 (Jussila t. Finland), AB 2007/51.oABRvS 2 februari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:285 (Harderwijk), AB 2022/120.oHvJ-EU 4 mei 2023, ECLI:EU:C:2023:371 (MV-98), AB 2024/88.oABRvS 24 december 2024, ECLI:NL:RVS:2024:5293, AB 2025/142.oABRvS 26 maart 2025, ECLI:NL:RVS:2025:1284, AB 2025/215.Week 3 Literatuur T.N. Sanders, Handboek toezicht, handhaving en invordering.J.H. Crijns en M.L. van Emmerik, ‘Samenloop tussen strafrecht en punitief bestuursrecht. Zoeken naar evenredige bestraffing’.A.P.W. Duijkersloot, ‘Recente ontwikkelingen met betrekking tot het una via- beginsel’.
1 1 / 4
Jurisprudentie oABRvS 29 maart 2017, AB 2017/190, m.nt. T. Barkhuysen en M.L. van Emmerik (Marktvergunningen).oHR 3 maart 2015, NJ 2015/256, m.nt. B.F. Keulen (Alcoholslotprogramma).oHR 6 oktober 2015, NJ 2016/130, m.nt. J.M. Reijntjes (Una via-beginsel).oHR 9 februari 2016, NJ 2016/143, m.nt. T. Kooijmans (Hetzelfde feit).oHR 15 maart 2022, NJ 2022/196 m.nt. N. Keijzer (Ne bis in idem bij sanctionering natuurlijke persoon en rechtspersoon).oEHRM 15 november 2016 (A. en B. tegen Noorwegen), AB 2017/188, m.nt. T.Barkhuysen & M.L. van Emmerik.oEHRM 1 oktober 2020 (Prina t. Roemenië), AB 2021/81 m.nt. T. Barkhuysen & M.L.van Emmerik (Bestuurlijke disciplinaire boete aan ambtenaar geen ‘criminal offence’).oHvJ EU 20 maart 2018, C-524/15, EHRC 2018/123 m.nt. F. Tan (Menci).Week 4 Literatuur M.J. Borgers, ‘Normering van ‘lichte’ opsporingshandelingen’.J.J. Oerlemans en Y.E. Schuurmans, ‘Internetonderzoek door bestuursorganen’.M.W. Venderbos, ‘Normering van bestuurlijk toezichts- en controleonderzoek’.C. Taylor Parkins-Ozephius & D. van Toor, ‘Tweefactorauthenticatie. Post-Landeck- normering van het onderzoek aan smartphone’.Jurisprudentie oHR 1 juli 2014, NJ 2015/114, m.nt. Van Kempen (De ‘stille’ sms).oCRvB 15 maart 2016, AB 2016/329, m.nt. Barkhuysen & Van Emmerik (Waarneming met peilbaken, intrekking uitkering, art. 8 EVRM).oHR 24 februari 2017, AB 2018/27, m.nt. Barkhuysen & Van Emmerik (ANPR, automatische kentekenregistratie en naheffing belasting, art. 8 EVRM).oCRvB 15 augustus 2017, AB 2018/103, m.nt. Venderbos (Stelselmatige observatie, intrekking uitkering, art. 8 EVRM).oCRvB 5 februari 2018, AB 2018/375, m.nt. Barkhuysen & Van Emmerik (Opvragen reisgegevens, terugvordering studiefinanciering, art. 8 EVRM).oABRvS 23 januari 2019, Gst. 2019/105, m.nt. Kraaijeveld en Van Mil (Inzet mystery guest bij toezicht naleving Drank- en Horecawet).oCRvB 5 november 2019, AB 2020/178, m.nt. Venderbos (Vordering advertentiegeschiedenis Marktplaats in het kader van fraudeonderzoek bijstandsuitkering).oHvJ-EU 4 oktober 2024, ECLI:EU:C:2024:830, NJ 2025/115, m.nt. Reijntjes (Bezirkshauptmannschaft Landeck).oHR 18 maart 2025, ECLI:NL:HR:2025:409, NJ 2025/116, m.nt. Reijntjes (Post- Landeck).
2 2 / 4
Week 1 Literatuur F.C.M.A. Michiels, ‘Handhavingsrecht en handhavingsbeleid’ Het eerste hoofdstuk van Handhavingsrecht en handhavingsbeleid legt de basis voor het begrijpen van handhaving en de rol die het speelt binnen het bestuursrecht en bredere juridische context. Het gaat zowel in op begrippen en instanties, als op de verhouding tussen naleving, overtreding, sancties, toezicht en de politieke en beleidsmatige keuzes die aan handhaving verbonden zijn.
Handhaving: betekenis en reikwijdte
Handhaving is een centraal begrip dat in de literatuur en bestuurspraktijk niet altijd eenduidig wordt ingevuld. In de meest ruime zin omvat handhaving alle handelingen die gericht zijn op de naleving van rechtsregels en het beëindigen van overtredingen. Daaronder vallen niet alleen sancties en toezicht, maar ook preventieve activiteiten zoals voorlichting. In enge zin wordt handhaving vaak beperkt tot toezicht en het opleggen van sancties.De Algemene Rekenkamer definieert handhaving als “het zorgdragen voor de naleving van rechtsregels voor zover die zorg bestaat uit het uitoefenen van toezicht en/of het toepassen van een sanctie.” In beleidsstukken wordt handhaving zelfs vaak synoniem gebruikt voor het opleggen van sancties en maatregelen. Het is dus belangrijk altijd goed te begrijpen in welke betekenis een auteur of instantie het begrip gebruikt.Het boek richt zich vooral op bestuursrechtelijke handhaving – dit is de handhaving van publiekrecht door bestuursorganen. In mindere mate komt strafrechtelijke en privaatrechtelijke handhaving aan bod.Publiekrecht, privaatrecht en handhaving Bestuursrechtelijke handhaving gaat over de verhouding tussen overheid en burger. Denk aan vergunningen, subsidies, sancties en interbestuurlijk toezicht. Kenmerkend is dat de overheid exclusieve bevoegdheden heeft om rechtsposities bindend vast te stellen.Het privaatrecht daarentegen regelt de relaties tussen burgers onderling, maar de overheid kan ook via het privaatrecht optreden (bijvoorbeeld door als gemeente grond te kopen).Handhaving van publiekrecht vindt dus primair plaats via bestuursrechtelijke wegen, maar kan in bepaalde situaties ook via privaatrechtelijke procedures verlopen.Naleving en overtreding Naleving betekent handelen (of nalaten) in overeenstemming met rechtsregels. Dit kan vrijwillig gebeuren (‘compliance’) of afgedwongen worden door de overheid. Compliance houdt in dat burgers of bedrijven vrijwillig en gestimuleerd door de overheid de regels naleven, vaak via overleg, voorlichting of subsidies.
3 3 / 4
Wanneer regels niet worden nageleefd, ontstaat een overtreding. Het bestuursrecht spreekt van een overtreding zodra gehandeld wordt in strijd met wettelijke voorschriften, zoals het niet naleven van een vergunning. In het strafrecht verwijst ‘overtreding’ naar een lichtere categorie strafbare feiten.Toezicht Toezicht is een essentieel onderdeel van handhaving en kan verschillende vormen aannemen: 1.Toezicht op naleving – toezichthouders controleren of regels worden nageleefd en proberen overtreders tot naleving te bewegen.
2.Uitvoeringstoezicht – toezicht op de uitvoering van publieke taken door zelfstandige organisaties, bestuursorganen en stichtingen met een publieke taak.
3.Interbestuurlijk toezicht – toezicht tussen bestuursorganen, waarbij de ene overheid controleert of een andere overheid wettelijke verplichtingen nakomt.Daarnaast is er toezicht door markttoezichthouders zoals de NMa en de AFM, die regels stellen en de naleving daarvan handhaven. Toezicht kan variëren van informeel contact tot formele maatregelen en sancties.Sancties en maatregelen Sancties zijn er in zowel bestuursrecht als strafrecht. In het bestuursrecht worden sancties
meestal opgelegd via besluiten van bestuursorganen, bijvoorbeeld:
Bestuursdwang: het feitelijk ingrijpen door de overheid om een illegale situatie te beëindigen.
Dwangsom: een geldbedrag dat een overtreder moet betalen als de overtreding
voortduurt.
Ordemaatregelen: tijdelijke maatregelen, zoals een gebiedsverbod.
In het strafrecht worden sancties opgelegd door de rechter, vaak na een vordering van het OM. Er bestaan echter ook buitengerechtelijke mogelijkheden zoals een transactie of sepot.
Er wordt onderscheid gemaakt tussen:
Herstelsancties: gericht op het beëindigen van de overtreding.
Bestraffende sancties: gericht op het straffen van de dader.
Rechtsbescherming Tegen sanctiebesluiten van bestuursorganen kunnen burgers bezwaar maken, beroep instellen bij de bestuursrechter en soms in hoger beroep of cassatie gaan. De belangrijkste bestuursrechtelijke instanties zijn de rechtbanken, de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, het College van Beroep voor het bedrijfsleven en de Centrale Raad van Beroep.Ook in het strafrecht bestaat rechtsbescherming via hoger beroep en cassatie. Dit garandeert dat de overheid niet willekeurig of onrechtmatig handelt en dat sancties en besluiten getoetst kunnen worden.Gedogen en handhavingstekorten
- / 4