Insuline en bloedglucose
Naam student:
Soort bewijs: uitwerking protocol
Relatie met de competentiegebieden: zorgverlener, de reflectieve EBP- professional, organisator en communicator Zorgverlener Competentie De verpleegkundige indiceert en voert verpleegtechnische (voorbehouden) handelingen uit op basis van zelfstandige bevoegdheid of functionele zelfstandigheid zoals beschreven in de wet BIG.Gedragscriteria -Je past protocollen, richtlijnen en standaarden van de instelling toe Communicator Competentie De verpleegkundige communiceert op persoonsgerichte en professionele wijze met de zorgvrager en diens informele netwerk, waarbij voor optimale informatie-uitwisseling wordt gezorgd.Gedragscriteria -Je toont initiatief in de communicatie met de zorgvrager -Je herkent non-verbale communicatie en emoties bij de zorgvrager -Je maakt (indien mogelijk) gebruik van elektronische patiënten/zorgdossiers De reflectieve EBP-professional Competentie De verpleegkundige reflecteert voortdurend en methodisch op haar eigen handelen in de samenwerking met de zorgvrager en andere zorgverleners en betrekt hierbij inhoudelijke, procesmatige en moreel-ethische aspecten van haar keuzes en beslissingen.Gedragscriteria -Je stelt je kwetsbaar op ten aanzien van je leerproces -Je bent in staat om op je eigen gedrag te reflecteren en corrigeert dit (indien nodig) Competentie De verpleegkundige handelt vanuit een continu aanwezig onderzoekend vermogen leidend tot reflectie, evidence based practice (EBP) en innovatie van de beroepspraktijk.Gedragscriteria -Je maakt kennis eigen en zoekt antwoorden op vragen, bijvoorbeeld door informatie op te zoeken (literatuur), vragen te stellen aan collega’s, experts of zorgvragers Organisator Competentie De verpleegkundige neemt verantwoordelijkheid voor de veiligheid van zorgvragers en medewerkers binnen de organisatie.Gedragscriteria -Je past de wetgeving rondom bevoegd- en bekwaamheid toe in je handelen 1 / 3
-Je houdt je aan afspraken die gelden ten aanzien van veiligheid De professional en kwaliteitsbevorderaar Competentie De verpleegkundige levert een bijdrage aan kwaliteitssystemen binnen de organisatie en is betrokken bij het lokaal toepasbaar maken en uitvoeren van standaarden, richtlijnen, protocollen en zorgtechnologie, signaleert het ontbreken en draagt bij aan de ontwikkeling hiervan.Gedragscriteria -Je benoemt het belang van het gebruik van richtlijnen, protocollen en standaarden Gezondheidsbevorderaar Competentie De verpleegkundige bevordert de gezondheid van de zorgvrager of groepen zorgvragers door het organiseren en toepassen van passende vormen van preventie die zich ook richten op het bevorderen van het zelfmanagement en het gebruik van eigen netwerk van de patiënt.Gedragscriteria -Je herkent verschillende vormen van preventie
Feedback op authenticiteit en inhoud:
Het verslag doorgelezen, Romy heeft alles goed uitgewerkt Een paar punten aan Romy doorgegeven die ik miste.Verder heeft ze het duidelijk uitgelegd.
Feedback op bewijskracht:
Reflectie EBPEigen handelen
2 4 Bewijskracht (0, 2, 4) Bewijskracht (0, 2, 4)
Rol van de feedbackgever: Begeleider, verzorgende IG
Naam en datum gezien door werkvelddeskundige: 2 / 3
Inhoud Diabetes Mellitus type 2........................................................................................................................4 Oorzaken...........................................................................................................................................4 Symptomen.......................................................................................................................................4 Opsporing..........................................................................................................................................4 Vaststellen.........................................................................................................................................4 Behandeling.......................................................................................................................................4 Hypoglycemie....................................................................................................................................5 Hyperclycemie...................................................................................................................................5 Soorten insuline.....................................................................................................................................5 Insuline toedienen.................................................................................................................................6 Bloedglucose meten..............................................................................................................................8 Cliënten met diabetes mellitus..............................................................................................................9 Reflectie CanMEDS rollen....................................................................................................................10 Zorgverlener....................................................................................................................................10 Communicator.................................................................................................................................10 De reflectieve EBP-professional.......................................................................................................10 Organisator......................................................................................................................................10 De professional en kwaliteitsbevorderaar.......................................................................................10 De gezondheidsbevorderaar............................................................................................................10 Bijlagen................................................................................................................................................11 Bijlagen 1: subcutaan injecteren met insulinepen (versie 5)...........................................................11 Bijlagen 2: Bloedglucosewaarde meten via vingerprik.....................................................................13 Bibliografie...........................................................................................................................................15
- / 3