Kennisclips tentamen 3
WEEK 1
Kennisclip module 12: Sampling (Steekproeftrekking) in
kwalitatief onderzoek Kennisclip 1 Steekproeftrekking (Sampling)
In kwalitatief onderzoek is sprake van:
Doelgerichte steekproeftrekking (Purposive sampling) Kwalitatieve onderzoeksvraag • Exploratie en begrijpen van sociale mechanismes, sociale omgevingen, ervaringen en leefwerelden • Nooit gesloten vragen (geen ja/nee vragen) • Open vragen die beginnen met ‘hoe’, ‘op welke manier’, ‘wat’. (meer exploratief van aard) Kennisclip 2 & 3 Purposive sampling (doelgericht steekproeftrekking) -Selectie van onderzoeksobjecten (units of analysis) vanwege hun relevantie in het kader van de onderzoeksvraag.
-Representativiteit niet zo relevant. Wel: of/hoe ‘iets’ bij de
respondenten/in de context voorkomt.-Wat is er nog meer van invloed?
Bewust kiezen voor: focus of variatie.
(criterion sampling; maximum variation sampling)
-Selectie van units (eenheden), op verschillende niveaus:
Contexten Setting Afdelingen Mensen(participanten) Documenten Vormen van purposive sampling (doelgerichte steeproeftrekking) -General purposive sampling (algemene doelgerichte steekproeftrekking) 1 / 2
-Theoretical sampling (doel: ontwikkelen en verfijnen van
theoretische concepten) Inductief & iteratief Theoretical saturation (theoretische verzadiging) -Snowball sampling (sneeuwbal methode) Het is moeilijk om bepaalde groepen te onderzoeken dus je vraagt aan 1 iemand of zij nog andere mensen kennen die voldoen aan jou onderzoekcriteria.Relevantie ihkv de onderzoeksvraag...
Doelgerichte selectie. Overwegingen:
Waarom deze case/context? Waarom deze individuen? Wat wil je ervan leren?-Typical case (exemplifying) – Typisch geval (vergelijkbaar met andere gevallen) -Extreme case – Extreem geval
(uiterste: ‘als het zelfs hier geldt, dan ook in andere situaties’)
-Deviant/unique case – Uniek geval (op zichzelf staand) -Critical/revelatory case – Bijzonder geval (hier gebeurt iets bijzonders waarbij je heel gericht je theorie kunt testen)
(revelatory: iets waar je voorheen geen toegang toe had om te
bestuderen) Zie ook p70; p41109
FASES IN ONDERZOEKSPROCES EN SAMPLING
Keuzes die je kunt maken VÓÓR START DATAVERZAMELING:
-Extreme of bijzonder verhelderende gevallen beschrijven Extreme/deviant case sampling -Een case selecteren dat laat zien wat "typisch" is voor het onderzochte fenomeen Typical case sampling -Zoveel mogelijk perspectieven in beschouwing nemen Maximum variation sampling -Focussen op verschillende sub-groepen die van belang zijn voor begrip van het onderzochte fenomeen Stratified purposive sampling Keuzes die je kunt maken NÁ EERSTE DATAVERZAMELING -Je richten op een onverwachte relevante situatie die zich voordoet Opportunistic sampling -Je richten op specifieke groepen of contexten die helpen bepaalde concepten verder te ontwikkelen Theoretical sampling -Verder zoeken naar respondenten via bestaande contacten Snowball sampling Omvang selectie (sample size) -Voldoende informatie, maar ook haalbaar Nauwe betrokkenheid Verwerking/analyse
-Bryman: ‘Onderbouw je sample size’....
-Theoretical saturation (theoretische verzadiging)
- / 2