Klein Vaarbewijs II ~ 1 ~
KVB II * = Mogelijke examenvragen 2022 De informatie in dit uittreksel is met grote zorgvuldigheid door mij samengesteld. Ondanks deze zorg en aandacht is het mogelijk dat de inhoud onvolledig en/of onjuist is. Aan de inhoud van dit uittreksel kan op geen enkele wijze rechten of aanspraken ontleend worden.Op de laatste pagina’s vind U links, tips en 45 mogelijke examenvragen uit 2022, Zodat U zich maximaal op het examen voor kan bereiden !
Dit uittreksel bereid je goed voor op je examen, dat kan jezelf aanvragen op
onderstaande links: CBR examen uitleg, en inschrijven voor CBR examen
(Houdt je digiD gereed, deze heb je nodig om in te schrijven)
BVA (bepaling ter voorkoming van Aanvaring op Zee) Van toepassing op alle schepen (grote en kleine) op zee en op alle daarmee verbonden wateren die bevaarbaar zijn voor zeeschepen.
- Het schip dat het gemakkelijkste kan uitwijken, wijkt uit.
- Het andere schip moet zijn koers ÉN snelheid behouden.
- Geen onderscheid tussen kleine en grote schepen.
SRE (Scheepvaart reglement Eems en Dollard) Geen inhoudelijke kennis nodig.Combinatie van BVA en lokale regelgeving.
*SRW (Scheepvaart Reglement Westerschelde)
- Combinatie tussen BVA en BPR.
- Groot gaat vóór aan klein, ook al vaart klein in de vaargeul en groot
- Klein is tot 20 meter.
- Een schip wat goed kan uitwijken moet wijken voor een schip dat
- Minimaal 6 km per uur kunnen varen (t.o.v. van het water),
- Altijd een radarreflector hebben, ook met goed zicht.
- Met de zeilboot, de motor stand-by zetten,
- Roeiboot toegestaan, mits 6km/u
- Verboden voor surfers.
- Schepen in de vaargeul hebben voorrang
- Alle pleziervaart geeft voorrang
- Groot onderling, de zeilboot wijkt
komt van buiten.
minder goed kan uitwijken, het andere schip hoeft alleen zijn koers behouden.(SRW moet koers behouden, snelheid mag wel aangepast worden)
of een voldoende krachtige gebruiksklare motor hebben.
de motor moet onmiddellijk kunnen starten.
*Voorzorg gebied:
- Een denkbeeldige lijn van een punt 600 meter ten zuiden van het westelijk
- Verboden te ankeren. 1 / 3
hoofd van de Koopmanshaven .Naar een punt 600 meter ten zuiden van het rode licht van de buitenvoorhaven van het kanaal door Walcheren.Een soort "gescheiden rijbanen" dus de schepen die naar het oosten varen houden de ene kant van die denkbeeldige lijn aan. De schepen die naar het Westen varen de andere kant.
Klein Vaarbewijs II ~ 2 ~
KVB II * = Mogelijke examenvragen 2022 De informatie in dit uittreksel is met grote zorgvuldigheid door mij samengesteld. Ondanks deze zorg en aandacht is het mogelijk dat de inhoud onvolledig en/of onjuist is. Aan de inhoud van dit uittreksel kan op geen enkele wijze rechten of aanspraken ontleend worden.
SRKGT (Scheepvaart Reglement kanaal Gent Terneuzen)
- Je kan een vraag verwachten in de trend van: “je vaart van Terneuzen naar
de haven van Vlissingen, met welke reglementen heb je te maken”
(SRKGT – SRW – BPR)
*BPR (Binnenvaart Politie Reglement)
- Grote schepen mogen medewerking verlangen van kleine schepen.
Schepen:
*Beperkt manoeuvreerbare en onmanoeuvreerbare schepen, hebben voorrang ten op zichtte van een motorschip.
Werktuiglijk voortbewogen schip (WV-schip):
Een motorschip.Als er niet omschreven staat dat het om een klein werktuiglijk schip gaat, dan wordt met een werktuiglijk voortbewogen schip een groot motorschip bedoeld.
Zeilschip:
Een schip dat alleen door middel van zijn zeilen wordt voortbewogen.
Een beperkt manoeuvreerbaar schip:
Dat is een schip dat wel kan uitwijken, maar dat niet doet.Bijvoorbeeld een kabellegger, een baggermolen etc.
Een onmanoeuvreerbaar schip:
Dat is een schip dat niet kan uitwijken, bijv. technisch mankement.
Een bovenmaats zeeschip:
Dat is een schip dat zo diep geladen is, dat deze alleen maar in een bepaalde geul kan varen.Overdag een zwarte cilinder ’s nachts 3x rood Vaart het schip midden op zee, dan is het een "gewoon" schip.
Visserschip:
Schip dat daadwerkelijk vist, daarvoor en daarna een gewoon motorschip.
- / 3
Klein Vaarbewijs II ~ 3 ~
KVB II * = Mogelijke examenvragen 2022 De informatie in dit uittreksel is met grote zorgvuldigheid door mij samengesteld. Ondanks deze zorg en aandacht is het mogelijk dat de inhoud onvolledig en/of onjuist is. Aan de inhoud van dit uittreksel kan op geen enkele wijze rechten of aanspraken ontleend worden.
Verlichting:
Klein motor- of zeilschip 7 meter:
Rondom schijnend wit licht.
Motorschip tussen 7 en 12 meter:
Toplicht, heklicht en boordlichten of rondo schijnend witlicht en de boordlichten.
Motorschip 12 meter:
Toplicht, heklicht en boordlichten, géén rondom schijnend wit licht.
Zeilschip 20 meter:
boordlichten en heklicht, géén toplicht.
Zeilschip 20 meter:
Rood rondom schijnend licht boven een groen rondom schijnend licht boven in de mast.Boordlichten en een heklicht, géén toplicht.
Langer dan 110 meter:
- toplichten, voor lager dan achter, heklicht boordlichten.
Beperkt manoeuvreerbaar:
Overdag ⚫ ’s nachts: ⚫ Rood
O Wit ⚫ ⚫ Rood
- wit toplicht
Passeerkant: 2x groen,
NIET passeerkant: 2x rood
Niet manoeuvreerbaar:
Overdag: ⚫ ’s nachts: ⚫
⚫ ⚫
Bovenmaats schip:
Overdag: Cilinder ’s nachts: ⚫ ⚫ ⚫
Sleepboot:
Overdag ⚫ ’s nachts: ⚫ Rood
O Wit ⚫ ⚫ Rood Totale lengte +200mtr, dan een op de sleper en op de gesleepte erbij.
Loodsboot:
Overdag: Blauwe vlag met een “L” (In België, blauwe vlag met een “P”)
’s nachts: O Wit
- / 3