l OM oA RcPSD |26 683 34 1 / 2
l OM oA RcPSD |26 683 34 Hoofdstuk 7 goederenrecht Dit hoofdstuk gaat over de rechten die op goederen kunnen rusten, zie art. 3:1 BW. De rechten op goederen zijn absolute rechten; zij werken tegenover iedereen.1De eigendom Het eigendomsrecht heeft geen exacte de昀椀nitie. Art. 5:1 BW: Eigendom is het meest omvattende recht dat een persoon op een zaak kan hebben.Het eigendomsrecht wordt ook wel het moederrecht genoemd. Terwijl de rechten die eruit zijn afgeleid beperkte rechten heten.Begrip zaak Het eigendomsrecht kan slechts betrekking hebben op een zaak. Een zaak is volgens art. 3:2 BW: een voor menselijk beheersing vatbaar sto昀昀elijk object. Het belangrijkste onderscheid in zaken is dat tussen roerende en onroerende zaken.Onroerend art. 3:3 BW: zijn de grond, de nog niet gewonnen delfsto昀昀en, de met de grond verenigde beplantingen, alsmede de gebouwen en werken die duurzaam met de grond zijn verenigd.
Roerend: roerende zaken zijn alle zaken die niet ontroerend zijn.
Bestanddelen Iets kan worden aangemerkt als een hoofdzaak. Deze hoofdzaak kan weer bestaan uit bestanddelen, dit zijn als het ware onderdelen van de zaak. Als er geen sprake is van een bestanddeel bij de hoofdzaak, spreek je van een zelfstandige zaak.Als al hetgeen volgens verkeersopvatting onderdeel van een zaak uitmaakt (art. 3:4 BW).
- Voorbeeld is een afstandsbediening van televisie.
- / 2
2criteria of een zaak bestandsdeel is van de hoofdzaak: 1 verkeersopvatting, 2. bestandsdeel kan niet worden afgescheiden zonder schade aan een van beide zaken.
1.1bevoegdheden van de eigenaar Art. 5:1 BW bepaalt dat het de eigenaar vrijstaat van zijn zaak gebruik te maken. Dit zogenoemde gebruiksrecht valt uiteen in een genotsrecht en een beschikkingsrecht.Genotsrecht Het recht op het genot van de zaak betreft alle feitelijke handelingen die uit het eigendomsrecht kunnen voortvloeien. Tot genotsrecht behoord ook de vruchten van de zaak, zoals dividend.Beschikkingsrecht Geeft de eigenaar de bevoegdheid rechtshandelingen te verrichten ten aanzien van zijn zaak.
1.2beperkingen door de wet De vrijheid van het individu om naar eigen inzicht van zijn zaken gebruik te maken wordt ook beperkt door wettelijke voorschriften. Het meest fundamentele inbreuk die de overheid op het eigendomsrecht kan maken, is de onteigening. Hierbij wordt de eigenaar zijn ontroerend goed ontnomen.
1.3beperkingen door het ongeschreven recht In ons recht is meer en meer de norm ontwikkeld dat mensen met elkaar rekening dienen te houden.Het gaat hierbij om ongeschreven fatsoensregels die in het verkeer tussen mensen onderling gelden.