Leerdoelen Sporen en structuren 1
- De student weet welke plek archeologisch veldonderzoek heeft in de AMZ-cyclus en kan de
doelstelling daarvan toelichten.
Kennisclip over de AMZ-cyclus:
De AMZ-cyclus is een onderzoekscyslus, wetenschappers maken
gebruik van de empirische cyclus, deze heeft 8 stappen:
- In de cyclus leid het doen van onderzoek tot nieuwe
kennis, die kennis leid tot nieuwe vragen en dat leid weer tot nieuw onderzoek, enzovoort…
De AMZ-cyclus (1999):
- De AMZ-cyclus is gebaseerd op de Empirische cyclus,
- Bedacht voor de Nederlandse archeologie
- In de KNA is de AMZ-cyclus uitgewerkt in een werkproces
- Als eerst word er een bureauonderzoek uitgevoerd, hieruit leid een verwachtingsmodel
- Vervolgens is de verkennende fase → Meestal d.m.v. booronderzoek
- Karterende fase → Meestal d.m.v. booronderzoek, soms ook d.m.v.
- Waarderende fase → Vaak met proefsleuven, soms ook d.m.v.
- Er moed altijd een bureauonderzoek gedaan worden
- Fases mogen worden overgeslagen als ze al eerder hebben plaatsgevonden op de plek van
- De fasen mogen niet gecombineerd worden!
De AMZ-cyclus beging bij het plangebied, als een projectontwikkelaar wil gaan bouwen (weg, huis, Albert Heijn, etc.)
proefsleuven
booronderzoek Vaak word er tijdens de inventariserende fase getrechterd, dit betekend dat er steeds intensiever wordt gezocht op een steeds kleiner oppervlak. Van het plangebied naar de archeologische vindplaats.
het onderzoek
- / 4
Leerdoelen Sporen en structuren 2
Veldonderzoek in de AMZ-cyclus vinden dus plaats in 5 fases:
De verkennende fase Doel: Het inzicht krijgen in het landschap voor zover deze van invloed zijn op de locatiekeuze in het verleden.De Karterende fase Doel: Het systematisch onderzoeken vaneen terrein op aanwezigheid van vondsten en/of sporen.De waarderende fase Doel: Het vaststellen van de aard, omvang, datering, gaafheid, conservering, en inhoudelijke kwaliteit van de archeologische resten.
- Dit word voornamelijk gedaan d.m.v. proefsleuven
- Geofysisch onderzoek - Bijv. om muurwerken in kaart te brengen.
- Veldkartering - Na het ploegen
- Booronderzoek - Om stukjes bot, houtskool, etc. op te sporen. Om het landschap in kaart te
- Gravend onderzoek - Dit moet zo veel mogelijk vermeden worden, je kan het immers maar
Opgraven Doel: Het documenteren van gegevens en het uitwerken en veiligstellen van materiaal van vindplaatsen, om daarmee informatie te behouden die van belang is voor de kennisvorming over het verleden.Behoud Doel: Het duurzaam in stand houden van archeologische waarden in situ als bron van kennis en beleving. Het streven is het (verdere) verval van archeologische waarden tegen te gaan en aangerichte schade, zo mogelijk, te herstellen.Op een schaal van non-destructief naar wel destructief: veldonderzoek in de AMZ-cyclus betstaat uit:
brengen.
een keer uitvoeren.
- / 4
Leerdoelen Sporen en structuren 3
- De student weet globaal welke archeologische sporen en structuren kunnen worden
- Haardkuilen
aangetroffen in de Nederlandse archeologie.vuur
o Periode: Prehistorie
o Functie: Onduidelijk
o Kenmerken:
▪ Individueel spoor en met meerdere sporen ▪ 1 vulling en met meerdere vullingen ▪ Resten houtskool ▪ Vooral in oostelijke zandgronden
- Ovens
o Periode: Verschillend
o Functie: IJzerwinning, aardewerkproductie
o Kenmerken:
▪ Grondverkleuring met of zonder resten van constructie ▪ Resten slak ▪ Roestvlekken in de grond
- Haardplaatsen
o Periode: Vanaf Romeinse Tijd
o Functie: Decoratief, brandgevaar, etc.
o Kenmerken:
▪ Gedeelte van constructie aanwezig ▪ Soms verkleuring aanwezig ▪ Soms resten houtskool
- Meilers
o Periode: Verschillend
o Functie: Houtskoolproductie > ijzerproductie
- Kenmerken
▪ Rechthoek/vierkant/ronde vormen in vlak ▪ Resten houtskool
- / 4
Leerdoelen Sporen en structuren 4
Water
- Waterputten
o Periode: Verschillend
o Functie: Waterwinning (wellen)
- Kenmerken
- Waterkuilen
▪ Houten of (bak)stenen constructies ▪ Interessante resten onder in put
o Periode: Prehistorie
o Functie: Waterwinning
o Kenmerken:
▪ Dunne laagjes door stilstaand water > vullingen ▪ Geen constructie.▪ Minder diep dan waterput
- Greppels
o Periode: verschillend
- Functie: Iets beschermen tegen water of ongedierte, erfaanduiding, wegaanduiding,
etc.
o Kenmerken:
▪ Lange vorm met verschillende breedtes en dieptes ▪ Let er op wat zich binnen greppels bevindt.
- Kanalen
o Periode: Verschillend
o Functie: Waterafvoer en transport
o Kenmerken:
▪ Denk groot (uitzoomen) ▪ Onderbreek natuurlijke lagen Kuilen
- Afvalkuilen
o Periode: Verschillend
o Functie: Afval deponeren
o Kenmerken:
▪ Rommelige vulling ▪ Resten vondsten/voedsel ▪ Losse grond
- Voorraadkuilen/Silo
o Periode: Prehistorie
o Functie: Opslag
o Kenmerken:
▪ 1 vulling of met meerdere vullingen ▪ Resten van opslag?
- Leemkuilen
o Periode: Verschillend
o Functie: Leemwinning
o Kenmerken:
▪ Ondiep ▪ Reeks sporen ▪ 1 vulling
- / 4