lO MoA RcP S D|2 6 68 33 4
- / 5
lO MoA RcP S D|2 6 68 33 4 Inhoud Hoofdstuk 1: Inleiding............................................................................................................................6 Hoofdstuk 2: (Islamitische) radicalisering..............................................................................................8 2.1 Polarisatie....................................................................................................................................8
2.1.1 Confrontaties........................................................................................................................9
2.2 Radicalisering.............................................................................................................................10 2.3 Islamitisch radicalisme Nederland.............................................................................................11 2.4 Islam stromingen.......................................................................................................................12 2.5 Salafisme....................................................................................................................................14 2.5.1. Apolitieke salafisten...........................................................................................................14
2.5.2 Politieke salafisten..............................................................................................................15
2.5.3 Salafi-jihadi’s.......................................................................................................................16
2.6 Kenmerken islamitisch radicalisme............................................................................................17 2.7 Kernpunten salafistische stromingen.........................................................................................18 2.8 Deelconclusie.............................................................................................................................20 Hoofdstuk 3: Radicaliseringsprocessen................................................................................................21 3.1 Mohammed B............................................................................................................................21 3.2 Drie dimensies...........................................................................................................................23 3.3 Individuele factoren...................................................................................................................23
3.3.1 Religieuze dimensie.............................................................................................................25
3.3.2 Politiek-activistische dimensie............................................................................................27
3.3.3 Sociaal-culturele dimensie..................................................................................................30
3.4 Demografische kenmerken........................................................................................................32 3.5 Ontwikkelingsstadia...................................................................................................................34 3.6 Radicale verliezer.......................................................................................................................35 3.7 Deelconclusie.............................................................................................................................37 Hoofdstuk 4: Empowerment................................................................................................................38
4.1. Empowerment als methodiek...................................................................................................38
4.1.1. Empowerment allochtone jongeren..................................................................................39 4.2 Tegengaan radicalisering door versterking identiteit.................................................................40
4.2.1 Aanpak SMN........................................................................................................................42
4.2.2 Empowermentmethodiek SMN..........................................................................................42
4.2.3 Aanpakverschillen SMN, IOT en SIO....................................................................................45
4.3 Rol welzijnswerk radicalisering..................................................................................................46 4.4 Deelconclusie.............................................................................................................................49 Hoofdstuk 5: Kleinschalig veldonderzoek............................................................................................50 5.1 Interview op microniveau..........................................................................................................50
- / 5
lO MoA RcP S D|2 6 68 33 4 5.2 Interview mesoniveau................................................................................................................52 5.3 Interview macroniveau..............................................................................................................53 5.4 Deelconclusie.............................................................................................................................54 Hoofdstuk 6: Conclusies en aanbevelingen..........................................................................................56 Bijlage 1 – Interviewvragen empowermentmethodiek.......................................................................59 Bijlage 2 – Interviewvragen radicalisering...........................................................................................60 Literatuurlijst.......................................................................................................................................62 Personen.........................................................................................................................................65 Media..............................................................................................................................................66 Feedback Windesheim; Beste X, Wij hebben met plezier jouw scriptie gelezen en kunnen jou feliciteren met een geslaagde opdracht.De keuze om een literatuurstudie te houden met een klein praktijkonderzoek daar aan gekoppeld heeft goed uitgepakt. Het is duidelijk dat je veel tijd hebt gestoken in het onderzoeken van de context van het probleem. De literatuur die je gebruikt is recent, actueel en beschrijft het probleem vanuit holistisch perspectief.Geen gemakkelijke opgave, maar ook geen eenvoudige opdracht, dat weten we.Je hebt verschillende visies tegenover elkaar gesteld, waardoor er binnen dit lastige onderwerp geen eenduidig of vertekend beeld van de realiteit is ontstaan. We valt het op dat bronnen erg breed getrokken zijn, waardoor er niet altijd een duidelijke relatie tot de kern bestaat.De bronvermelding is volgens APA en de indeling is logisch aangehouden.
Eindcijfer: 8
- / 5
lO MoA RcP S D|2 6 68 33 4 Inhoud; de literatuurstudie is goed uit de verf gekomen met dezelfde feedback; goed geformuleerde standpunten en zonder eenzijdig te zijn. Let er straks bij je master op dat je echt bij de kern blijft en niet gaat afdwalen naar zijstraatjes, zonder dat je dit uitlegt. Je weet veel van het onderwerp af, en het is duidelijk dat je hart hier ligt.Goed gedaan en op naar de volgende fase!
Voorwoord
Na vier jaar studeren was het dan eindelijk zover dat ik door middel van een scriptie of een projectopdracht kon gaan toewerken naar mijn afstuderen. Ik heb gekozen voor een solo literatuurscriptie, omdat ik mij graag wilde verdiepen in een onderwerp wat mij persoonlijk erg boeiend leek en waarvan ik vind dat er in de samenleving en binnen het welzijnswerk meer bekendheid over moet komen. Ik zag het schrijven van een scriptie dan ook als een grote kans om mij goed in het onderwerp “islamitisch radicalisme” te kunnen verdiepen, in plaats van een projectopdracht uit te voeren in opdracht van een organisatie. Door omstandigheden heb ik twee jaar over het stagejaar gedaan en daarom had ik ook weinig behoefte aan opnieuw de “driehoeksverhouding” tussen mezelf, een organisatie en school, maar juist aan iets helemaal van mezelf. Ook heb ik er bewust voor gekozen om deze scriptie alleen te schrijven. Ik schrijf graag en ik vond het een fijn idee om mijn studie daarmee dan ook naar mijn eigen invulling (deels) af te sluiten.Ik kan niet wachten tot het moment dat ik na vijf jaar studeren, mezelf eindelijk gediplomeerd maatschappelijk werker mag noemen.
Ik heb mijn scriptie met heel veel inspiratie en plezier geschreven, maar ik had dit niet kunnen doen zonder de steun en de hulp van mensen uit mijn naaste omgeving. Via dit voorwoord wil ik daarom ook heel graag mijn vriend x, mijn ouders x en x, mijn broers x en x, een aantal vriendinnen en de directeur van het Bureau voor Gelijke Behandeling
X , Amsterdam
- / 5