• wonderlic tests
  • EXAM REVIEW
  • NCCCO Examination
  • Summary
  • Class notes
  • QUESTIONS & ANSWERS
  • NCLEX EXAM
  • Exam (elaborations)
  • Study guide
  • Latest nclex materials
  • HESI EXAMS
  • EXAMS AND CERTIFICATIONS
  • HESI ENTRANCE EXAM
  • ATI EXAM
  • NR AND NUR Exams
  • Gizmos
  • PORTAGE LEARNING
  • Ihuman Case Study
  • LETRS
  • NURS EXAM
  • NSG Exam
  • Testbanks
  • Vsim
  • Latest WGU
  • AQA PAPERS AND MARK SCHEME
  • DMV
  • WGU EXAM
  • exam bundles
  • Study Material
  • Study Notes
  • Test Prep

lOM oA RcPSD 266 833 4

Class notes Dec 19, 2025 ★★★★★ (5.0/5)
Loading...

Loading document viewer...

Page 0 of 0

Document Text

lOM oA RcPSD |266 833 4 1 / 3

lOM oA RcPSD |266 833 4 Compacte samenvatting, lekker snel leesbaar Samenvatting Bestuursrecht

HOOFDSTUK 1

1.2- Bestuursrecht: bevat de regels die de overheid nodig heeft om te kunnen en mogen besturen en de regels die de burger heeft om tegen dit besturen te kunnen optreden.Algemeen bestuursrecht: Awb algemene regels over de rechtsbescherming, handhaving, etc.

oDoelen:

Meer eenheid brengen in de bestuursrechtelijke wetgeving; De bestuursrechtelijke wetgeving systematiseren; Vereenvoudigen en ten slotte normen die in de rechtspraak zijn ontwikkeld codificeren (= opnemen in een wet) Bijzonder bestuursrecht: richt zich op een bepaald onderdeel van het bestuursrecht (vreemdelingenrecht, belastingrecht,..) 1.3Recht privaatrecht  publiekrecht strafrecht bestuursrecht algemeen bestuursrecht bijzonder bestuursrecht 1.4- Materieel bestuursrecht: bevat rechtsnormen waarin voor burgers en bestuursorganen aanspraken of verplichtingen zijn opgenomen.

  • Formeel bestuursrecht: de procesrechtelijke regels die de burger nodig heeft om tegen het optreden van de
  • overheid iets te ondernemen.

1.5Bronnen bestuursrecht:

-Internationale recht; bijv. Het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten v/d mens -Nationale wetgeving; bijv. Grondwet, Gemeentewet -Jurisprudentie; rechterlijke uitsprakennieuwe regels -Het ongeschreven bestuursrecht; =gewoonterecht vertrouwensbeginsel en rechtzekerheidsbeginsel

1.6Kenmerken bestuursrecht:

-Legaliteitsbeginsel: de bevoegdheid van de overheid om op te treden wat in de wet is terug te vinden.oInstrumenten die de overheid heeft om gebruik te maken van macht staan in wet -Specialiteitsbeginsel: houdt in dat de bevoegdheid van de overheid alleen kan worden aangewend voor het specifieke doel waarvoor die wet is bedoeld.oDe overheid behartigt vele algemene belangen. De overheid mag bij het gebruik van een bevoegdheid, alleen het belang behartigen waarvoor die regeling speciaal is bedoeld.-Détournement de pouvoir: de overheid wendt zijn bevoegdheid voor een ander doel 1.7- Gelede normstelling: wordt bedoeld dat de toepasselijkheid van een rechtsregel niet zomaar in één wet is te vinden, maar in combinatie van met elkaar samenhangende regelingen.

1.8Op elk niveau treffen we openbare lichamen aan: de Staat, de provincies, de waterschappen, de gemeenten en de lichamen waaraan krachtens de Grondwet verordenende bevoegdheid is verleend. Deze openbare lichamen

bezitten rechtspersoonlijkheid (art. 2:1 Awb).

Openbare lichamen bestaan uit bestuursorganen:

-Staat ministers en de regering -Provincie provinciale staten, gedeputeerde staten en de commissaris van de Koningin.-Gemeentegemeenteraad, burgemeester en het college van burgemeester en wethouders.De Sociaal-Economische Raad (SER) en de product- en bedrijfschappen (PBO-schappen) zijn openbare lichamen die ten aanzien van personen publiekrechtelijk bevoegdheden uitoefenen.

1.9De openbare lichamen bezitten rechtspersoonlijkheid overheid staat gelijk met een natuurlijk persoon (art.2:5 BW). Overheid kan allerlei overeenkomsten aangaan. 2 / 3

lOM oA RcPSD |266 833 4 De overheid die als ‘burger’ optreedt moet rekening houden met de algemene beginselen van behoorlijk bestuurt (art. 3:1 lid 2 Awb, 3:14 BW).-Tweewegenleer: de leer dat indien een publiekrechtelijke bevoegdheid bestaat, ook gebruik mag worden gemaakt van een privaatrechtelijke bevoegdheid.

Toetsing of er sprake is van een onaanvaardbare doorkruising, letten op:

-Inhoud en strekking van de regeling; -De wijze waarop en de mate waarin in het kader van die regeling de belangen van de burgers zijn beschermd -Kan de overheid door gebruikmaking van de publiekrechtelijke regeling een vergelijkbaar resultaat bereiken als door gebruikmaking van de privaatrechtelijke bevoegdheid?

HOOFDSTUK 2

2.2Een bestuurder kan op drie manieren bevoegdheid verkrijgen:

-Attributie: het toekennen van een nieuwe bevoegdheid aan een bestuursorgaan, ambtenaar of een ander persoon. De wet regelt wie bevoegd is om beslissingen te nemen.

2.3 -Delegatie: een bestuursorgaan draagt zijn bevoegdheid aan een ander orgaan over. Slechts toegestaan

indien dit bij wettelijk voorschrift mogelijk is gemaakt. (art. 10:15 Awb)

oDegene die de bevoegdheid overdraagt, noem je de delegans. Degene die de bevoegdheid verkrijgt, noem je de delegataris.De delegataris gaat de bevoegdheid op eigen naam en onder eigen verantwoordelijkheid uitoefenen.oDoor delegatie raakt het bestuursorgaan dat delegeert zijn bevoegdheid kwijt. Terugkrijgen door delegatiebesluit in te trekken.

oDelegatie aan ondergeschikten is niet toegestaan (ar. 10:14 Awb)

2.4 -Mandaat: de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen (art. 10:1 Awb) oVerschil met delegatie: bij mandaat worden er geen bevoegdheden overgedragen. De verantwoordelijkheid en de bevoegdheid blijven bij bestuursorgaan dat de ander gematigd heeft om in naam van hem besluiten te nemen.Degene die namens de ander de bevoegdheid uitoefent, noem je de mandataris. De mandant is degene die mandaat geeft.oMandaat kan worden verleend aan organen en personen.

HOOFDSTUK 3

3.2 +3.3- Belanghebbende: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken (art. 1:2 Awb) Direct- belanghebbende: als een bestuursorgaan een besluit neemt dat juridische consequenties heeft voor degene tot wie het besluit is gericht Derde-belanghebbende: als je geen direct- belanghebbende bent, maar wel tegen een bepaald besluit

bezwaar wilt maken. Voorwaarden:

oJe hebt een eigen belang Alleen voor eigen belangen opkomen; voor andere gematigd zijn.oJe hebt een objectief bepaalbaar belang Je belang mag niet te persoonlijk (subjectief) zijn oJe hebt een actueel, voldoende zeker belang Belang moet op het moment van besluit aanwezig zijn, niet in de toekomst onzeker belang zijn oJe hebt een persoonlijk belang Je eigen belang moet zich voldoende onderscheiden van de massa.oJe hebt een rechtstreeks betrokken belang Er moet voldoende causaal (=oorzakelijk) verband zijn tussen het besluit en iemands belang. Besluit raakt je direct.

3.4Voor de rechtspersonen geldt dat zij net als een natuurlijk persoon op grond van de vijf criteria derde- belanghebbende kan zijn bij een besluit of direct-belanghebbende. Rechtspersonen kunnen ook worden aangemerkt als belanghebbende als het gaat om behartigen algemene en collectie belangen.

  • / 3

User Reviews

★★★★★ (5.0/5 based on 1 reviews)
Login to Review
S
Student
May 21, 2025
★★★★★

This document provided in-depth analysis, which was incredibly useful for my research. Absolutely superb!

Download Document

Buy This Document

$1.00 One-time purchase
Buy Now
  • Full access to this document
  • Download anytime
  • No expiration

Document Information

Category: Class notes
Added: Dec 19, 2025
Description:

lOM oA RcPSD |266 833 4 lOM oA RcPSD |266 833 4 Compacte samenvatting, lekker snel leesbaar Samenvatting Bestuursrecht HOOFDSTUK 1 1.2- Bestuursrecht: bevat de regels die de overheid nodig heeft om...

Unlock Now
$ 1.00