MASTER RECHTSGELEERDHEID
BIJZONDERE OVEREENKOMSTEN
-
JURISPRUDENTIE
Instelling: Tilburg University (TiU)
Vak: Bijzondere overeenkomsten
Leerjaar: Master Rechtsgeleerdheid
Vakcode: 650098-M-6
Semester: S1 1 / 3
OVERZICHT JURISPRUDENTIE
Week 1 N.v.t.Week 2 N.v.t.Week 3 -HR 18 september 1998, NJ 1998/818 (KPI/Leba) Week 4 N.v.t.Week 5 N.v.t.Week 6 -Hoge Raad 18 februari 2022, ECLI:NL:HR:2022:270, WR 2022/71 ( Dringend eigen gebruik woonruimte ) -Hoge Raad 1 april 2022, ECLI:NL:HR:2022:493 (Verhuiskostenvergoeding ) -Hoge Raad 24 maart 2023, ECLI:NL:HR:2023:1215 ( Verhuizende Thuiswerker ) Week 7 -Hoge Raad 1 april 2022, ECLI:NL:HR:2022:493 (Verhuiskostenvergoeding ) Week 8 -HR 28 september 2018, ELCI:NL:HR:2018:1810 ( Standaardarrest over ontbinding van overeenkomsten ) -HR 23 april 2021, NJ 2021/273 (Fictieve wilsovereenkomst ) Week 9 N.v.t Week 10 N.v.t Week 11 -HR 23 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB2737, NJ 2002/386 ( Ingenhut); -HR 23 november 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD3963, NJ 2002/387 (Niazmandian/Plasmans ); -HR 2 maart 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB0377 NJ 2001/649 ( Protocol-I); -HR 1 april 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS6006, NJ 2006/377 (Protocol-II); -HR 23-12-2016, ECLI:NL:HR:2016:2987, NJ 2017/133 m.nt. S.D. Lindenbergh (Kansschade bij medische aansprakelijkheid ).
COLLEGE 1// INTRODUCTIE VAN DE BIJZONDERE OVEREENKOMSTEN 2 / 3
N.v.t.
COLLEGE 2// DE ONTWERP-/ ADVIESOVEREENKOMST
N.v.t.
COLLEGE 3// DE AANNEMINGSOVEREENKOMST
HR 18 SEPTEMBER 1998, NL 1998/818 ( KPI/LEBA)
Essentie Aanneming van werk; waarschuwingsplicht opdrachtnemer voor onjuistheden in opdracht. Bewijsaanbod.Feiten Tussen ‘opdrachtgever’ en ‘opdrachtnemer’ is een overeenkomst totstandgekomen betreffende levering van een ‘spuitgietmatrijs voor inzetbakken ten behoeve van hydrocultuur’. Naar stelling van de opdrachtgever is de matrijs ondeugdelijk (o.a.) omdat de wanddikte te dun was en voor een 4-punts in plaats van een 6-punts hotrunnersysteem was gekozen. Opdrachtnemer verweert zich met de stelling dat opdrachtgever deskundig was en de matrijs naar zijn specificaties – ondanks waarschuwing dienaangaande van de kant van opdrachtnemer – is vervaardigd.Opdrachtgever heeft zowel in eerste aanleg als in hoger beroep bewijs van al zijn stellingen aangeboden, speciaal door middel van getuigen, in het bijzonder B., P. en S., welk bewijsaanbod niet anders kan worden begrepen dan dat dit in ieder geval mede betrekking had op de door opdrachtgever gestelde toedracht bij de totstandkoming van de overeenkomst. Hof gaat hieraan ten onrechte voorbij.De tussen partijen gesloten overeenkomst, zo deze al niet moet worden aangemerkt als een overeenkomst van aanneming van werk, vertoont daarmee zoveel gelijkenis dat zij voor de toepassing van de hiernavolgende regel ermee op één lijn moet worden gesteld. Voor een overeenkomst van aanneming geldt – voor zover te dezen van belang – dat op de aannemer de verplichting rust de opdrachtgever tijdig te waarschuwen voor onjuistheden in de opdracht, die hij kent of behoort te kennen (HR 25 november 1994, NJ 1995, 154). De enkele omstandigheid dat de opdrachtgever voldoende deskundig is om de gevolgen van het opnemen van bepaalde specificaties in de opdracht te kunnen overzien, ontslaat de opdrachtnemer niet van zijn verplichting de opdrachtgever te waarschuwen voor onjuistheden in die specificaties, zeker niet indien de opdrachtnemer stelt die onjuistheden te hebben onderkend. Wèl kan de omstandigheid dat de opdrachtgever ter zake deskundig is, aanleiding geven tot
toepassing van art. 6:101 lid 1 BW.
Rechtsvraag Of de grondslag van waarschuwing wel opging. Kon KPI als deskundig OG die zelf die specificaties had uitgevraagd bij een ontwerpen en die aan Leba had gegeven wel beroep doen op waarschuwingsverplichting?Rechtsregel Hoe deskundig OG ook is, er is een waarschuwingsplicht. Leba had ook in dit geval moeten waarschuwen. Leba was misschien niet precies met specificaties bekend, maar maakte vaak spuitgietmatrijzen. In procedure ook vast komen te staan dat Leba zich had afgevraagd bij bepaalde specificaties dat het in orde was. Maar stond in opdracht van OG. HR zei: Leba heeft hoe dan ook waarschuwingsplicht. Vervalt niet als OG deskundig is. Maar
- / 3