Meine freie deutsche Jugend – Claudia Rusch
Claudia = Ik-figuur/verteller: 21 september 1971 geboren
Vader verteller: Saksische marineofficier/kapitein, werkt als marine-officier bij de NVA Christiane = moeder Claudia Karl Gustav en Silvia Sommerlath = koningspaar van Zweden Oma verteller = leeft in Stralsund Charlotte = vriendin verteller, studiegenoot Katje en Robert Havemann = beste vrienden van haar moeder Franziska = dochter Katje en Robert, bijna even oud als haar Claudio = droomprins van vroeger van haar, Italiaan, goede contacten met KPI Herr Petzke = leraar op haar school, groot en blond.Piggy = haar allerbeste vriendin, sinds Kindergarten.Andy = beste vriendin op het wiskunde kamp (andy en claudy) Milena en Josef = oude vrienden van Claudia’s moeder die ooit bij hen hebben gewoond in Dranske.Christiane = directrice van de middelbare school van Claudia., geschiedenis lerares, beste lerares ooit Bruno en Mesch = vrienden van Claudia die met Fransen een vakantie haddenn Sylvie = vriendin Claudia (jasje) Robert = vriend op school (ze houden samen het praatje bij diploma uitreiking)
H1 Die Schwedenfähre Sinds 500 jaar zijn de voorouders van de verteller kapitein en kapiteinsvrouwen geweest. De verteller woont in Wustrow in Fischland. Links van de verteller zijn woonplaats lag Hiddensee, en ergens achter de zee lag het koninkrijk Zweden.Voor de verteller is Zweden een sprookjesland, waar ze niet mag komen. De verteller stelt Zweden zich voor als een vrolijk land vol met blonde mensen (mannen zo groot en sterk als beren en vrouwen die eruit zagen als Agneta van ABBA). Vanuit Saßnitz aan de oostkant van het eiland voer 2x per dag een schip naar Trelleborg -> die Schwedenfähre. Elke zomer zaten de verteller en haar moeder op het strand naar het witte schip in de verte te kijken. Flashback: de verteller zit bij haar moeder op schoot en zwaait naar het schip, en dan fluister haar moeder in haar oor dat zij ooit samen die boottocht zullen maken, dat beloofd ze. De jaren vergaan, haar ouder scheiden en ze verhuizen naar Berlijn. Maar elke keer als ze de Schwedefähre zien, dan zegt haar moeder weer dat ze ooit die boottocht zullen maken. Echter gingen ze nooit. Daardoor fantaseerde ze over hoe ze ongemerkt in de MalmöExpress zou kunnen komen die naar Zweden gaat of op een andere manier. Echter wist ze toen niet hoeveel mensen er omkwamen bij het vluchten over de Oostzee, en dat Scandinavische vissers jarenlang lijken in hun netten hadden. Haar oma woont in Stralsund en reist zo vaak mogelijk naar Hiddensee, hierdoor kent ze de kaartverkoopsters in de haven van Stralsund erg goed. Die hebben goede connecties met de kaartjesverkopers in Saßnitz. Daarom ging ze met een fles oost-cognac op de morgen van 10 november 1989 naar de haven in Stralsund en vroeg ze de dames om een gunst. Haar oma wilde graag kaartjes voor het schip van Saßnitz naar Trelleborg, heen en terugvaart, voor op 24 december 1989 (als kerstcadeau een keer met de Schwedefähre, een keer aan de andere kant van de Oostzee). De vaartocht had op deze dag een uur vertraging,
- / 1