meten en meetkunde op de basisschool oefentoets PABO studenten 1 / 4
meten en meetkunde op de basisschool oefentoets PABO studenten Ik ben zelf niet heel goed in wiskunde, dus deze toets heeft me echt geholpen. Uit het boek wordt alles besproken dus je kunt niets vergeten. In het begin was ik redelijk overweldigd, maar je moet jezelf de tijd geven. Iedere dag even een paar vragen doen en niet ineens alles willen begrijpen. Goeie toets met alle antwoorden. Kopje thee erbij. Ik heb PABO rekenen hiermee gehaald. Als ik het kan dan jij helemaal. 2 / 4
meten en meetkunde op de basisschool oefentoets PABO studenten 40 open vragen – alle antwoorden apart – gemiddeld moeilijk
Hoofdstuk 1: Meten in de praktijk
- Lengte meten
- Gewicht meten
- Inhoud meten
- Tijd meten
1.Hoe kun je aan leerlingen uitleggen dat meten met een niet-standaard eenheid (zoals paperclips) nuttig is?
2.Waarom is het belangrijk dat leerlingen leren om 'begin bij nul' toe te passen bij linialen?
3.Wat is een valkuil bij het meten met een meetlint in de onderbouw?
4.Leg uit waarom het verschil tussen ‘aflezen’ en ‘meten’ belangrijk is in groep 4.
5.Hoe kun je in groep 3 het concept van ‘zwaarder en lichter’ visueel maken?
6.Wat is het verschil tussen massa en gewicht in het onderwijs aan jonge kinderen?
7.Waarom is het belangrijk om bij het wegen altijd hetzelfde soort balans of weegschaal te gebruiken?
8.Noem een geschikte activiteit om gewicht te schatten en te controleren in groep 5.
9.Hoe laat je leerlingen ervaren dat een liter niet altijd 'even hoog' hoeft te zijn?
10.Geef een voorbeeld van een misconceptie rond inhoud bij leerlingen in groep 6.
11.Waarom is het belangrijk dat leerlingen eerst zelf inhoud meten voordat ze formules gebruiken?
12.Welke meetkundige vaardigheid is nodig om de inhoud van een doos correct te berekenen?
13.Wat is een geschikte manier om kloklezen te introduceren in groep 3?
14.Waarom is het zinvol om leerlingen echte klokken te laten gebruiken?
15.Wat is het verschil in benadering tussen digitale en analoge tijd bij lesgeven?
16.Hoe kun je een activiteit vormgeven waarin kinderen leren omgaan met tijdsduur? 3 / 4
meten en meetkunde op de basisschool oefentoets PABO studenten
Hoofdstuk 2: Meetkunde - Basisbegrippen
- Oriëntatie en plaatsbepaling
- Vormherkenning
- Construeren
- Visualiseren
- / 4
17.Welke begrippen moet een kind beheersen om goed te kunnen navigeren op een plattegrond?
18.Waarom is het belangrijk om in groep 2 al te werken met links en rechts?
19.Geef een voorbeeld van een lesactiviteit waarin kinderen begrippen als ‘voor’, ‘achter’, en ‘naast’ toepassen.
20.Hoe bevorder je ruimtelijk inzicht bij kinderen in groep 3?
21.Wat is het verschil tussen een wiskundige en een alledaagse benadering van vormen?
22.Noem een manier om leerlingen het verschil tussen vierkant en rechthoek inzichtelijk te maken.
23.Waarom is het belangrijk dat kinderen leren om vormen vanuit verschillende standpunten te herkennen?
24.Hoe kun je de begrippen ‘vlak’ en ‘ruimtefiguur’ introduceren in groep 4?
25.Waarom is bouwen met blokken een vorm van meetkundig redeneren?
26.Hoe kun je het construeren van figuren koppelen aan een les over symmetrie?
27.Geef een voorbeeld van een opdracht waarin leerlingen een figuur moeten nabouwen vanaf een bouwtekening.
28.Hoe draagt het werken met geoborden bij aan inzicht in vormen?
29.Waarom is het belangrijk dat leerlingen leren om plattegronden te lezen?
30.Geef een voorbeeld van een les waarbij kinderen een object vanuit verschillende zijden tekenen.
31.Hoe ontwikkel je het inzicht in vooraanzichten, zijaanzichten en bovenaanzichten?
32.Waarom zijn doorkijkjes en spiegelbeelden lastig voor jonge kinderen?