Voorblad paper
Studentnummer:
Naam:
Naam opleiding:HBO Maatschappelijk werk en
dienstverlening
Opleidingscode:7716
Modulenummer: 1687
Modulenaam:Jeugdzorg en jeugdbeleid
Versie (indien meerdere versies aanwezig):1
Herkansing?: ja/neeNee
Titel literatuur:Boek:
- Jeugdprofessionals en transformerend
jeugdbeleid.
Artikelen:
- Sociale (wijk)teams in vogelvlucht.
- Op weg. Verkenning naar een landelijk
- Evaluatie Jeugdwet. Meer kwaliteit
- Huiselijk geweld te lijf.
- Kennisdossier Integrale zorg en
- Samen om het kind. Een sterke basis.
dekkende infrastructuur aanpak kindermishandeling, huiselijk en seksueel geweld.
minder zorgen.
ondersteuning in buurt en wijk.
In de opdracht is de juiste bronvermelding*
toegepast:
Ja In de opdracht zijn de verslagtechnieken
toegepast:
Ja 1 / 3
INHOUDSOPGAVE
HOOFDSTUK 1: INTERACTIEVE BELEIDSVORMING 3
1.1 Definitie interactieve beleidsvorming 3 1.2 Transitie jeugdzorg 3 1.3 Pedagogische civil society 3
HOOFDSTUK 2: DE GENERALISTISCHE PROFESSIONAL 4
2.1 Functie-eisen en competenties 4 2.2 Instrumenten bij beleid en strategie 4
HOOFDSTUK 3: CASUS GEZIN TERMAAT 5
3.1 Curatief, preventief en repressief beleid 5 3.2 Soorten beleid toegepast op casus 5 3.3 Pijlers jeugdwet 6 3.4 Pijlers jeugdwet toegespitst op de casus 6 3.5 Tips beleidsmatig en strategisch opereren jeugdbeleid 7 3.6 Beschermende factoren positieve ontwikkeling jeugd 8
HOOFDSTUK 4: SOCIALE WIJKTEAMS 10
4.1 Gemeente Zaanstad 10 4.2 Transitie jeugdzorg 10
HOOFDSTUK 5: BEOORDELING PEDAGOGISCHE CIVIL SOCIETY 11
HOOFDSTUK 6: AANBEVELINGEN 12
6.1 Aanbevelingen op micro niveau voor gezin Termaat 12 6.2 Aanbevelingen op meso niveau voor organisaties 12 6.3 Aanbevelingen op macro niveau voor gemeenten 12 LITERATUURLIJST 13 BIJLAGE 1: FORMAT GEZINSPLAN 16
-- HOOFDSTUK 1: INTERACTIEVE BELEIDSVORMING
2 2 / 3
1.1 Definitie interactieve beleidsvorming Bekker & Witte (2017) omschrijven interactieve beleidsvorming als volgt: ‘Interactieve beleidsvorming is een wijze van beleid voeren waarin de (lokale) overheid burgers, maatschappelijke organisaties en bedrijven bij het beleidsproces betrekt om in een open wisselwerking met hen tot voorbereiding, bepaling, uitvoering en evaluatie van het beleid te komen.’ 1.2 Transitie jeugdzorg Door de transitie van de jeugdwet die plaatsvond in 2015, hebben gemeenten veel nieuwe verantwoordelijkheden en taken erbij gekregen (Groen & Redeker, n.d.). Volgens Movisie
(2015) kent de nieuwe jeugdwet vijf uitgangspunten, namelijk:
- De-medicaliseren, normaliseren en ontzorgen door het opvoedkundig klimaat te versterken
- Preventie en uitgaan van eigen mogelijkheden en eigen verantwoordelijkheid van jeugdigen
- Jeugdigen en gezinnen zo snel en dichtbij mogelijk effectieve hulp te bieden;
- Integrale hulp bieden;
- Meer ruimte voor professionals.
- / 3
in wijken, gezinnen, scholen en opvang;
en hun ouders met inzet van het sociale netwerk;
De nieuwe jeugdwet moet voorkomen dat ouders en jeugdigen verdwalen in het systeem. Ook vindt er een integrale aanpak voor alle burgers plaats. Daarbij worden formele en informele zorg gestimuleerd. De focus van de gemeenten ligt op de eigen kracht van de burger, met ondersteuning van zijn sociale omgeving of professionele zorg. Zelfredzaamheid wordt op deze manier vergroot (Groen & Redeker, n.d.). De jeugdwet en de interactieve beleidsvorming hebben beide als doel dat er gebruik wordt gemaakt van de eigen kracht van de jongeren, de ouders en hun sociale netwerk aan de hand van een intensieve samenwerking.
1.3 Pedagogische civil society Snijder (2015) omschrijft de pedagogische civil society als het geheel van activiteiten, ondersteuning en samenwerking dat het gezin, het sociale netwerk en de jeugdvoorzieningen bieden voor de ontwikkeling van kinderen en jongeren. Als dit goed functioneert dan hebben de burgers de bereidheid om de verantwoordelijkheid rond het opvoeden en opgroeien in het sociale netwerk te delen. Een bekend gezegde is dan ook wel: ‘It takes a village to raise a child’. Hiermee wordt bedoeld dat de ouders primair verantwoordelijk zijn voor de opvoeding van hun kinderen, maar voor het gezond en veilig opvoeden is óók de inzet van andere