NCOI Moduleopdracht Bedrijfskundig Management Organisatiegedrag ‘Zelfsturing! Realistisch binnen X?’
- Bors
429799
15 januari 2020 Bedrijfskundig Management
Docent:
Organisatiegedrag
1 1 / 3
Inhoud
- Aanleiding.............................................................................................................................................3
1.1 Probleemstelling............................................................................................................................3 1.2 Doelstelling....................................................................................................................................3 1.3 Vraagstelling..................................................................................................................................3 1.4 Deelvragen.....................................................................................................................................4 1.5 Randvoorwaarden.........................................................................................................................4
1.5.1 Veranderingsbereidheid.........................................................................................................4
1.5.2 Beslissingsbevoegdheid..........................................................................................................4
1.5.3 Beoordelingsproces................................................................................................................5
1.5.4 Werkproces.............................................................................................................................5
1.5.5 Leidinggeven...........................................................................................................................5
1.5.6 Teamresultaat.........................................................................................................................6
1.5.7 Afspraken................................................................................................................................6
1.5.8 Waarom zelfsturing?...............................................................................................................7
1.5.9 Procesverloop zelfsturing.......................................................................................................7
1.6 Zelfsturing en organisatie............................................................................................................10
1.6.1 Algemeen..............................................................................................................................10
1.6.2 Zelfsturing en leidinggevenden.............................................................................................10
1.6.3 Zelfsturing en medewerker...................................................................................................11
1.7 Zelfsturing en team......................................................................................................................12
- Conclusie............................................................................................................................................14
- Reflectie..............................................................................................................................................14
- Bijlagen...............................................................................................................................................16
- Begrippen...........................................................................................................................................19
4.1 Schema werkgebieden IM1 en IM2.............................................................................................16 4.2 Vragenlijst GAP-analyse...............................................................................................................17 4.3 Interviews medewerkers.............................................................................................................18
2 2 / 3
- Aanleiding
- Max Weber
- “Gedrag in Organisaties”
- / 3
De X kan gezien worden als een van oorsprong bureaucratische organisatie. Kenmerkend thema van een bureaucratie is het begrip rationaliteit 1 . Het gaat om een rationele, regel georiënteerde benadering. De nadruk valt op controle en stabiliteit. Emoties hebben geen plaats in dit type organisatie en bovendien wordt uitgegaan van de aanwezigheid van alle informatie die nodig is voor het nemen van rationele beslissingen. De ervaring leert ons, dat dit model in de huidige tijd niet (meer) toepasbaar is. De huidige trend is er een van eisen met betrekking tot kwaliteit van de arbeid (o.a. werktevredenheid 2 ), flexibiliteit, procesbeheersing, innovatievermogen en productkwaliteit. Door het verbeteren van het functioneren van personen en organisatie door aanpassing, herontwerp van werkprocessen en aansturing (zelfsturende teams) krijgt de medewerker gevarieerder werk en een zekere beroepstrots.Je kunt hier ook spreken van het concept psychologische empowerment.Door de leiding van de X is in 2019 aan management & consulting bureau McKinsey de opdracht gegeven om de IV-keten van de X door te lichten. Uit de conclusies en aanbevelingen van McKinsey kwam o.a. naar voren dat op bestuurlijk en organisatorisch niveau veranderingen doorgevoerd moesten worden. Een van de gevolgen was dat een belangrijk X onderdeel B/CPP werd opgeheven en werd geïntegreerd in nieuw te vormen IM- onderdelen. Voor X onderdeel van de X voor de regelingen Huur- en Zorgtoeslag, Kinderopvangtoeslag en Kind gebonden budget, betekent dat een verandering in organisatie, werkwijze en aansturing. Aansturing werd zelfsturing!
1.1Probleemstelling Past zelfsturing binnen het team IM van de x?
1.2Doelstelling Aan te tonen dat zelfsturing een geslaagd concept is binnen een overheidsorganisatie als X 1.3Vraagstelling In deze moduleopdracht zal ik de doelstelling als richtlijn en doel gebruiken. De probleemstelling wordt onderbouwd met de antwoorden op de deelvragen die als kapstok dienen tot mijn conclusie.