WSET – Kwalificatie Wijn – Niveau 2 Oefenvragen examen (compleet) – 4 maart 2024 WSET – Kwalificatie Wijn – Niveau 2 Oefenvragen examen (compleet) Gebaseerd op het boek ‘Wijn. Het verhaal achter het etiket’ (Auteur heeft het examen zelf behaald met een score van 100%)
Wijn proeven en beoordelen | Wijn & Spijs
- Als je van bovenaf door je rechtopstaande glas kijkt en je ziet zonder problemen de
steel van het glas, dan is de intensiteit…..
- Licht
- Gemiddeld
- Diep
A – de intensiteit is dan licht
- De meest voorkomende kleur bij witte wijn is goudgeel en bij rode wijn is dat
robijnrood
- Waar
- Niet waar
B – Niet waar, de meest voorkomende kleur bij witte wijn is citroengeel en bij rode wijn is dat inderdaad robijnrood.
- Iedere wijn heeft primaire, secundaire en tertiaire aroma’s
- Waar
- Niet waar
A – Niet waar
- Primaire aroma’s zijn….
- Aroma’s die ontstaan tijdens het wijnmaakproces tijdens en na de vergisting
- Aroma’s die van de druiven zelf afkomstig zijn
- Aroma’s van de druiven zelf of die tijdens het vergistingsproces ontstaan
C is het juiste antwoord
- Tertiaire aroma’s zijn ….
- Aroma’s die ontstaan in het rijpingsproces
- Aroma’s die van de druiven zelf afkomstig zijn
- Aroma’s die ontstaan na de vergisting en tijdens het rijpingsproces
A is het juiste antwoord.
- / 3
WSET – Kwalificatie Wijn – Niveau 2 Oefenvragen examen (compleet) – 4 maart 2024
- Het rijpingsproces verandert de primaire aroma’s waardoor tertiaire aroma’s
ontstaan. Wat gebeurt er met name met de fruitaroma’s?
- Fruitaroma’s worden levendiger en rood en zwart fruit wordt meer herkenbaar
- Fruitaroma’s worden minder levendig en krijgen meer het karakter van gedroogd fruit
- Fruitaroma’s verdwijnen volledig
B is het juiste antwoord
- Zoetheid verwijst naar de smaak van suikers die in de wijn zitten. Halfzoet is de
aanduiding voor wijn…
- Waarin de aanwezigheid van suiker het duidelijkste kenmerk is.
- Met een heel klein beetje waarneembare suiker
- Waarin de suiker duidelijk aanwezig is, maar die niet zoet genoeg is voor de meeste
desserts
C is het juiste antwoord. B is het geval bij ‘iets zoet’ en A bij zoet.
- Welk effect van zuur is een betrouwbare indicatie voor het zuurgehalte?
- Een droge mond die wat ruw aanvoelt
- Het speekselopwekkende effect
- Een wat zwaarder gevoel in de mond
B is het juiste antwoord (C is van toepassing bij een hoog alcoholgehalte en A bij tannines)
- De beoordeling ‘laag alcoholpercentage’ bij een wijn betekent
- Dat de wijn minder dan 13% alcohol heeft
- Dat de wijn minder dan 12% alcohol heeft
- Dat de wijn minder dan 11% alcohol heeft
C is het juiste antwoord
- Een versterkte wijn met een hoog alcoholgehalte is een wijn met
- Meer dan 16,5% alcohol
- Meer dan 18,5% alcohol
- Meer dan 20,5% alcohol
B is het juiste antwoord
- / 3
WSET – Kwalificatie Wijn – Niveau 2 Oefenvragen examen (compleet) – 4 maart 2024
- Body wordt gevormd door
- De elementen suiker en zuur
- De elementen tannine en alcohol
- De elementen tannine, alcohol en zuur
- De elementen suiker, zuur, tannine en alcohol
D is het juiste antwoord
- Als de aangename smaken snel verdwijnen en er alleen een structureel element
(zoals zuur) in de mond blijft hangen, is de afdronk…
- Kort
- Lang
- Gemiddeld
A is het juiste antwoord
- Een zoet gerecht maakt de wijn…
- Minder zuur en meer fruitig
- Minder zoet en minder fruitig
- Zoeter
Het goede antwoord is B
Wijn bewaren en schenken
- Wat is van belang bij het bewaren van wijn?
- Je moet de wijnen op een koele en constante temperatuur houden/bewaren
- Je moet de wijnen weg houden van sterk zonlicht en scherp kunstlicht
- Wijnen die zijn afgesloten met een kurk moet je liggend bewaren
- Alle genoemde aspecten zijn van belang bij het bewaren van wijn
Het juiste antwoord is D
- Zo maak je een fles mousserende wijn open
- Folie verwijderen, korfje losmaken, hand op de kurk houden, fles schuin houden, ene
- Folie verwijderen, korfje losmaken, hand op de kurk houden, fles schuin houden, ene
hand op de kurk en met de andere hand de bodem van de fles vasthouden en de fles ronddraaien. Kurk stevig vast blijven houden.
hand op de kurk en met de andere hand de bodem van de fles vasthouden. De kruk daarna voorzichtig ronddraaien zodat je hem eruit draait.
Het juiste antwoord is A
- / 3