- / 5
Organisatiekunde: Interdisciplinaire wetenschap die zich bezighoudt met gedrag
van organisaties, daarbij de factoren die dit veroorzaken/bepalen en de wijze waarop een organisatie het meest doeltreffend bestuurd kan worden.Bedrijfskundige handelingen – Wat moet je kunnen Bedrijfskundige vakgebieden – Wat je moet weten -Multidisciplinair -Interdisciplinair
Omvat 2 aspecten:
Beschrijvend of descriptief aspect: Beschrijving van gedrag met gevolgen
Voorschrijvend of prescriptief: advies over de te volgen handelswijze.
Het is niet interdisciplinair, maar heeft interdisciplinariteit: elementen zijn afkomstig uit andere vakgebieden (bijvoorbeeld bedrijfseconomie, informatica, marketing, psychologie enzovoort) die worden gebruikt voor een nieuwe benadering. Als organisatiekundigen bijdragen uit andere vakgebieden verzamelen die nodig zijn voor een onderzoek of project, heeft dit een multidisciplinaireaanpak.
-Besturing: Richting geven aan processen in organisatie
-Doeltreffend (effectiviteit): mate waarin besturing slaagt.
Henri Fayol zag management als vak, tussen 1960-1970 ontstaat organisatiekunde.Groter en complexer worden van organisaties drijfveer want behoefte aan totaalvisie Frederick Taylor (1900) – Scientific Management Organisatie van de productie en efficiency
Hoofdpunten (Taylorisme):
1.Wetenschappelijke analyse van werkzaamheden en uitvoeren van bewegingsstudies; 2.vergaande taakverdeling en training van arbeiders; 3.hechte en vriendschappelijke samenwerking tussen leiding en arbeiders; 4.bedrijfsleiders verantwoordelijk voor analyseren van en zoeken naar werkmethoden en het scheppen van arbeidsvoorwaarden; 5.juiste man op de juiste plaats door zorgvuldige selectie; 6.invoeren van prestatiebeloning met als doel te komen tot lagere productiekosten.
Taylorisme gevolgen: bestuur en beheer van productieafdelingen over de hele
industriële wereld verbeterde, evenals administratie, productienormen, planningstechnieken, voortgangscontrole, functieomschrijvingen en - classificaties. 2 / 5
Henry Fayol (1841-1925) – General management Algemene managementtheorie gericht op de gehele organisatie (vergelijk met Taylor die zich richtte op productieafdeling).Grote invloed op management als vak. General Management-theorie legt verbanden tussen de managementgebieden en de managementtaken.Besturing is het belangrijkste onderdeel van de functie van managers en
bestaat uit vijf taken:
1. Plannen of vooruitzien: opstellen van een actieplan voor de toekomst.
2. Organiseren: opbouw van de organisatie met mensen en middelen.
3. Bevel voeren: zorgen dat mensen aan het werk blijven.
4. Coördineren: onderling afstemmen van de activiteiten.
- Controleren: erop toezien dat de resultaten in overeenstemming met het plan zijn.
Elton mayo (1945) -Human relations beweging Informele organisatie en subjectiviteit Mayo bewees met zijn experimenten dat er naast objectieve factoren ook subjectieve factoren zijn voor het resultaat in een organisatie.Sociale vaardigheden zijn voor leidinggevenden zeer belangrijk. Het draait om samenwerking.
Gedachte: gelukkige mensen leveren een maximale arbeidsprestatie =
effectiviteit.
Subjectieve factoren: aandacht, zekerheid, bij de groep horen en waardering.
Rensis Likert , Herzberg, McGregor - Revisionisme
Synthese tussen Scientific Management en Human Relations:
Linking pin-structuur Motivatie/hygiënetheorie Theorie X en Y Afstemming tussen mens en organisatie
Scientific Management: organisatie zonder mensen
Human Relations: mensen zonder organisatie
Revisionisme: mensen en organisatie
Kenneth Boulding – Systeembenadering De organisatie als een systeem en de wisselwerking tussen organisatie en omgeving 3 / 5
Organisaties zijn een geheel van samenhangende delen die op zoek zijn naar synergie.
Synergie: als het totale resultaat van alle subsystemen groter is dan de
optelsom van individuele resultaten. Integrale managementbenadering; alles hangt met alles samen en moet ook zo benaderd worden.Contingentiebenadering - Paul Lawrence, Jay Lorsch, Joan woodward.Toepassing managementtechniek afhankelijk van situatie
Contingentie: door de situatie bepaald
Contingentiebenadering: de kunst van het ontdekken in welke situatie welke
managementtechniek het best werkt. Daagt management uit de complexiteit van omgevingsrelaties te onderkennen om strategie, structuur en systeem te kiezen.Omgeving Micro – Het bedrijf (7S-model) INTERN Meso – Leveranciers, concurrenten, consumenten, werknemers (Partijen) PORTER
EXTERN
Macro – DESTEP (Omgevingsfactoren)EXTERN
Omgevingsfactoren (DESTEP):
Demografisch Economisch Sociaal-cultureel Technologisch Ecologisch Politiek-juridisch
Partijen:
Leveranciers Concurrentie Werknemers Media Omgeving heeft invloed op organisatie Bestaat uit partijen (Kan de organisatie zelf wel beïnvloeden) En omgevingsfactoren (Kan de organisatie zelf nauwelijks tot niet beïnvloeden) 4 / 5