ORTHOPEDIE TRAUMATOLOGIE AFDELING
Ziektebeeld Gonartrose ‘Artrose van het kniegewricht’
- / 2
ORTHOPEDIE TRAUMATOLOGIE AFDELING
Anatomie, fysiologie en pathologie:
De knie is een gewricht in de vorm van een scharnierverbinding dat het scheenbeen verbindt met het dijbeen (tibia onder en femur boven). Deze verbinding wordt aan de voorkant beschermd door de knieschijf (patella). Vanuit dit gewricht wordt het been gestrekt (extensie) door aanspanning van de bovenbeenspieren aan de voorzijde, de vierhoofdige dijbeenspier,
- quadriceps femori, en gebogen (flexie) door aanspanning van de spieren aan de achterzijde
van het bovenbeen, de tweekoppige dijbeenspier, femoris (hamstrings). Deze bewegingen van de knie verlopen soepel door middel van kraakbeen. Er zijn twee soorten gewrichtskraakbeen in de knie, namelijk fibreus kraakbeen (meniscus-schijven op het onderste gedeelte van het gewricht) en hyalien kraakbeen (rond en vlak aan de bovenzijde van het gewricht. In het midden van de knie bevinden zich de kruisbanden (ligamenta cruciforma). Zij zorgen voor de voor-achterwaartse stabiliteit in het kniegewricht. De ligamenta collateralia zorgen voor zijwaartse stabiliteit. Samen met de bovenbeenspieren zorgen deze banden voor de totale stabiliteit van de knie. Artrose van de knie begint met een vermindering van de dikte en kwaliteit van het kraakbeen, eigenlijk hetzelfde proces als in de heup. Als reactie daarop wordt het onderliggende bot dikker en worden aan de randen van het gewricht ook osteofyten (bot uitsteeksels) gevormd. Vanwege deze problemen ontstaat er een chronische ontsteking van het synoviale weefsel. Het eindresultaat is vaak een pijnlijke, gezwollen knie met onregelmatige gewrichtsspelen en een slecht functionerend gewricht. Er wordt bij de knie een onderscheid gemaakt tussen twee soorten artrose: Primaire artrose (slijtage als gevolg van leeftijd en overbelasting) en Secundaire artrose. Een van tevoren duidelijk aantoonbaar afwijkend gewricht, bijvoorbeeld op basis van trauma’s, aangeboren afwijkingen, stofwisselingsproblemen of ontstekingsprocessen.
Symptomen:
- Pijn, met name diepe pijn aan de voorzijde van het knie gewricht.
- Stijfheid van de gewrichten, waarbij er met name sprake is van ochtendstijfheid (dit
- Beperkte beweeglijkheid in de knie in alle bewegingsrichtingen.
wordt minder naarmate de knie meer wordt bewogen in de loop van de dag).
Oorzaken:
Artrose is in principe een natuurlijk slijtageproces, bij de één gaat dit sneller dan bij de ander.De één krijgt vroeg of laat last van artrose, en de ernst verschilt van persoon tot persoon.Artrose begint vooral bij mensen van 50 tot 70 jaar en wordt naarmate de tijd vordert erger, vanwege de toenemende slijtage en vergroeiingen.
Diagnose:
Het stellen van de diagnose kan gebeuren door middel van:
- Anamnese, klachtenpatroon, waarbij men bevraagd wordt op bovenstaande klachten,
- Controle bewegingsfuncties.
- Beeldvormend onderzoek, zoals X-knie en CT-scan, waarbij de gewrichtsspleten, de
gecombineerd met leeftijd en fysieke belasting.
gewrichtskapsel en eventuele uitgroeiingen bekeken worden.
Behandeling:
Wanneer artrose in de knie wordt vastgesteld zijn er een aantal behandelingsopties:
- Voldoende beweging. Hier kan de patiënt zelf voor zorgen. Door te bewegen worden
- Afvallen. Bij overgewicht worden de knieën meer belast. Door af te vallen is er
- Knie ontzien door extra ondersteuning. Bijv. d.m.v. een wandelstok/looprek/rollator.
- Medicamenteus. Bij artrose in de knie kunnen pijnstillers en/of ontstekingsremmers
- / 2
de spieren rondom de knie verstevigd. Aangepast trainingsprogramma bij een fysiotherapeut.
vanzelfsprekend minder last op de knieën, waardoor de klachten kunnen afnemen.
helpen de pijn te verzachten. Hierbij kan men denken aan paracetamol, NSAID’s (zoals ibuprofen, naproxen of diclofenac) tot sterkere middelen, zoals tramadol, of zeer sterke