P2-K1-W3 ontwikkelt mede een begeleidingsplan
Naam: Liza Brinxma
SLB-er: Petra Zaal
Studentnummer: 138633
Datum: november 2020
Beginsituatie:
T is een meisje van 3 jaar. Zij woont samen met vader en moeder in Amsterdam. Zij verblijft twee dagen in de week op de kinderopvang en minimaal een dag per week bij opa/oma. T mag geen melk producten. Na het slapen moet zij op haar linkeroog een pleister dragen, voor een uur lang. Verder zijn er geen bijzonderheden. T is thuis al aan het oefenen met zindelijkheidstraining, moeder zegt dat dit thuis al goed gaat. Op de kinderopvang, draagt zij vaak nog een luier. Wij zien dat T vaak nog niet aangeeft wanneer zij naar het toilet moet, met aanleiding dat zij in haar broek plast.
Het probleem/behoeftes:
Moeder zegt dat T thuis al vaak aangeeft, wanneer zij naar het toilet moet. Op het kinderdagverblijf doet T dit weinig tot niet. Dit zou kunnen komen door alle prikkels die T op de kinderopvang ervaart, die er thuis niet zijn. Zij zou door de drukte het lastig kunnen vinden het aan te geven,. Dit is dan ook de aanleiding van het begeleidingsplan. Moeder is thuis al hard bezig met oefenen, door middel van een potje. Om dit proces te ondersteunen, zullen wij ook op het kinderdagverblijf gaan oefenen met zindelijkheidstraining met T. Wanneer T geen luier omheeft en zij voelt dat zij moet plassen, veranderd T haar gedrag in beangstigend gedrag. Zij kijkt bang uit haar ogen en begint met haar benen te trillen. Het lijkt alsof zij wel door heeft dat zij moet plassen en geen luier omheeft, maar dat het aangeven nog een lastig punt is. Het lijkt alsof T hier wel behoefte aan heeft, maar het aangeven vindt zij nog lastig. Hier gaan wij aan werken.
Begeleidingsdoelen:
Binnen 8 dagdelen kan T al beter aangeven wanneer zij naar het toilet moet. T kan (vaak) zonder luier al een deel van de dag doorbrengen. (Met uitzondering van het slaapmoment).
Verschillende methodes die gebruikt zouden kunnen worden:
-Luier weglaten -Gezette tijden op het potje -Werken met een beloningssysteem -Wachten tot het kind het zelf aangeeft zindelijk te willen worden
- / 1