1
PATHOLOGIE WERKCOLLEGE 1 - CELADAPTATIES
PREP. 025445: NORMALE HUID / ATROFIE HUID / HYPERPLASIE HUID
1 / 10
2
1. DEFINIEER DE TERMEN HYPERPLASIE EN ATROFIE TOEGEPAST OP DE
EPIDERMIS VAN DE HUID
Hyperplasie is een toename van het aantal cellen. Concreet wordt de epidermis door hyperplasie van de epidermale cellen (str. basale) dikker. De huid is verdikt.Bij atrofie is de epidermis dun door een afname van het aantal cellen.
Hypertrofie: de cellen worden groter. Is hier niet het geval.
Op het figuur zijn ook zweetklieren en talgklieren (holocriene secretie) zichtbaar.
2 / 10
3
PREP. 07W900: HUIDHYPERPLASIE (OORSCHELP VAN DE HOND)
3 / 10
4
1. BESCHRIJF DE MASSA (DIE ZICHTBAAR IS MET HET
BLOTE OOG).
De massa is een dermale hyperplasie: onregelmatige poliep-achtige
massa met een centrale bindweefselnecrose geflankeerd door hyperplastisch epitheel en hyperkeratose → je ziet de massa op de linker afbeelding linksboven.
2. WELKE STRUCTUREN ONDERGAAN HYPERPLASIE?
Epidermis en dermis. Het is veel dermis ook, waaronder collageenvezels. Het is niet zo dat heel de uitgroei epidermis is.
3. HOE/DOOR WAT WERD DE HYPERPLASIE UITGELOKT?
Enerzijds door de directe prikkeling van de gist Malassezia pachydermatis en anderzijds door het krabben van de hond in reactie op de uitgelokte jeuk: chronische irritatie (activeert de fibroblasten).
Oorgang zal muf ruiken door de vergisting. In praktijk wordt er een swabje genomen uit het oor en op een glaasje gedaan. Snel kleuren en dan ga je de gisten zien. De combinatie met bacteriën komt ook vaak voor.