Portfolio beroepsgeschikt 1A
2020 – 2021
Student: Ashley Hofman
Studentnummer: 616845
Klas: ROPABOVT1A2
Begeleider: Rinke Berkenbosch
Datum van inleveren: 06-01-2021 1 / 7
2 Verklaring vormvereisten
Naam student Ashley Hofman Studentnummer 616845 Onderwijseenheid Inholland, Rotterdam, Klas ROPABOVT1A2 Datum 06-01-2021
Criteria Omschrijving Vink aan indien je bewijsdossier voldoet aan de eis Volledigheid Het bewijsdossier bevat bewijzen die de reflectie (claim) ondersteunen ten aanzien van de leeruitkomst(en). In het bewijsdossier wordt op passende plekken naar bewijsmaterialen verwezen en het bewijsmateriaal is geordend (alle onderdelen zijn aanwezig).ü Omvang De omvang van de kerntekst (onderbouw en verantwoording) bestaat uit maximaal X woorden.Vermeld hiernaast het aantal woorden.5080 (incl.kopjes, bronnen, etc.) Transparantie (bronnen) Bewijzen zijn als bijlagen opgenomen en via de navigatiebalk te bereiken (koppenstructuur).ü APA Naar gebruikte bronnen is volgens APA-richtlijnen verwezen (in tekst en in bronnenlijst).ü Structuur Het bewijsdossier is toegankelijk (opbouw en indeling).ü
- / 7
3 Verwijswijzer
Leeruitkomst Indicator Ik toon aan dat ik de volgende indicatoren van de LU beheers Type bewijslast Geef specifiek aan met welke handeling of (deel)producten je de claim ondersteunt Vindplaats Waar is het bewijs te vinden?Leeruitkomst 1 Je reflecteert op jouw studievoortgang en verbetert -indien nodig- je studievaardigheden volgens een methode naar keuze met behulp van reflectievragen gesteld door anderen, zodat je effectief kunt studeren.
Indicator 1.1 Je inventariseert je sterke punten en ontwikkelpunten met betrekking tot je studievaardigheden.Verslag, overzicht PABO jaar 1, planning Hoofdstuk 1, paragraaf 1 (blz. 8), bijlage 1 (gradework) en bijlage (blz.20) Indicator 1.2 Je reflecteert op deze sterke punten en ontwikkelpunten aan de hand van een methode en reflectievragen van anderen op je studievaardigheden.Verslag Hoofdstuk 1, paragraaf 2 (blz. 8 en blz. 9) Indicator 1.3 Je onderzoekt en toont aan op welke wijze je effectief (of effectiever) studeert.Verslag, Instapportfolio, KOLB-test Hoofdstuk 1, paragraaf 3 (blz. 9 en blz. 10), bijlage 3 (blz. 21) en bijlage 4 (blz.22) Leeruitkomst 2 Je analyseert cyclisch je positie in relatie tot de beroepstaken, met behulp van leerwerktaken, trainingen, relevante literatuur, feedback en kijkwijzers om je eigen ontwikkeling te sturen.
Indicator 2.1 Je gebruikt feedback als middel om zicht te krijgen op je positie aangaande de beroepstaken van een aankomend leraar.Verslag, praktijkadviesformulieren, kijkwijzer aardrijkskunde, kijkwijzer geschiedenis Hoofdstuk 2, paragraaf 2 (blz. 12 en blz. 13), bijlage 6 (gradework), bijlage 7 (gradework), bijlage 8 (blz.26) en bijlage 9 (blz. 27) Indicator 2.2 Je gebruikt leerwerktaken als middel om beter zicht te krijgen op de verschillende beroepstaken van een leraar en jouw functioneren als aankomend leraar.Verslag Hoofdstuk 2, paragraaf 4 (blz. 14) Indicator 2.3 Je gebruikt actuele en relevante literatuur om je kennis van en over het beroep te verdiepen.Verslag, instapportfolio, onderzoek leraar worden Hoofdstuk 2, paragraaf 1 (blz. 11 en blz. 12), bijlage 5 (blz. 23) Indicator 2.4 Je beschrijft hoe je de beroepstaken toepast in jouw handelen in de praktijk.Verslag, praktijkadviesformulieren, kijkwijzer aardrijkskunde, kijkwijzer geschiedenis Hoofdstuk 2, paragraaf 2 (blz. 12 en blz. 13), bijlage 6 (gradework), bijlage 7 (gradework), bijlage 8 (blz.26) en bijlage 9 (blz. 27) Indicator 2.5 Je toont aan in een sterkte- zwakteanalyse wat jouw positie is ten opzichte van de beroepstaken (positieanalyse).Sterkte- zwakteanalyse verslag Hoofdstuk 2, paragraaf 3 (blz. 13) Indicator 2.6 Je gebruikt en interpreteert kijkwijzers om jouw handelen in kaart te brengen.Verslag, praktijkadviesformulieren, kijkwijzer aardrijkskunde, kijkwijzer geschiedenis Hoofdstuk 2, paragraaf 2 (blz. 12 en blz. 13), bijlage 6 (gradework), bijlage 7 (gradework), bijlage 8 (blz.26) en bijlage 9 (blz. 27) 3 / 7
4 Indicator 2.7 Je toont aan hoe je de opgedane kennis en vaardigheden uit trainingen inzet om je eigen ontwikkeling te sturen.Verslag, voorleestraining, kijkwijzer voorlezen, kijkwijzer vertellen Hoofdstuk 2, paragraaf 5 (blz.14), bijlage 10 (blz. 28), bijlage 11 (blz. 29) en bijlage 12 (blz. 30) Leeruitkomst 3 Je onderzoekt met gerichte hulp van anderen eigen opvattingen, normen en waarden, sterke en zwakke kanten, zodat je de emoties herkent die de confrontatie met de praktijk teweeg kunnen brengen en begrijpt waarom die inzichten van belang zijn voor het beroep van leraar.Indicator 3.1 Je geeft een overzicht van jouw onderwijsopvattingen, normen en waarden, sterke en zwakke kanten.Verslag Hoofdstuk 3, paragraaf 1 t/m paragraaf 3 (blz. 15 en blz. 16) Indicator 3.2 Je beschrijft praktijksituaties waarin een beroep werd gedaan op je onderwijsopvattingen, normen en waarden, sterke en zwakke kanten.Verslag Hoofdstuk 3, paragraaf 1 t/m paragraaf 3 (blz. 15 en blz. 16) Indicator 3.3 Je analyseert met gerichte hulp van anderen wat de confrontatie met de praktijk teweegbrengt.Verslag Hoofdstuk 3, paragraaf 4 (blz. 16 en blz. 17) Indicator 3.4 Je onderzoekt welke aspecten uit de beroepstaken bij jou passen.Verslag, praktijkadviesformulieren Hoofdstuk 3, paragraaf 5 (blz. 17), bijlage 6 (gradework) en bijlage 7 (gradework)
- / 7