Kennistoets KT1 Lesweek 1
Rechten van het kind
• De student kan de belangrijkste rechten van het kind benoemen die in Nederland van belang zijn voor de gezonde ontwikkeling van kinderen in de leeftijd van 0-18 jaar
Kinderrechtenverdrag van de VN staat vast dat kinderen recht hebben op...
- Onderwijs
- Gezondheidszorg
- Veilige plek om te wonen en te spelen
- Bescherming tegen mishandeling, kinderarbeid en seksuele uitbuiting
- Bescherming tegen de gevolgen van oorlog
• De student kan uitleggen op welke manier deze rechten invloed hebben op en vormgeven aan de dagelijkse praktijk van de KKJ verpleegkundige.
Het gezondheidsvermogen van mensen is te omschrijven als:
‘het vertrouwen en het vermogen van mensen om zelf een optimale gezondheid te creëren, rekening houdend met hun biologische en genetische achtergrond, de sociale, politieke en economische omgeving en toegang tot zorg’
Hierbij moeten we dus rekening houden met 2 zaken:
- Omstandigheden die dat gezondheidsvermogen beïnvloeden
- De mate waarin mensen bekwaam zijn om gezonde keuzes te maken
(gezondheidsverschillen verkleinen)
(gezondheidsvaardigheden vergroten)
- / 4
Ongecompliceerde zwangerschap
• De student heeft kennis van de anatomie en fysiologie van de ongecompliceerde zwangerschap, zodanig dat zij/hij in staat is op basis klinisch redeneren verpleegkundige zorg aan zwangere vrouwen te verlenen en/ of te beargumenteren, rekening houdend met cultuurspecifieke kenmerken.
De menstruatiecyclus wordt geregeld door drie organen:
- Ovaria (eierstok) → follikelrijping onder invloed van hormonen, als deze follikel barst komt
- Endometrium (slijmvlies in de baarmoeder) → dit verdikt zich en maakt klaar voor
er een eitje vrij (ovulatie) en blijft in de eileider wachten op een eventuele bevruchting.
innesteling van bevruchte eicel. Indien geen bevruchting wordt dit afgestoten (menstruatie).
- Hormonen → aangestuurd door hypothalamus en hypofyse in de hersenen:
Anticonceptiemiddelen:
- (mini)Pil: hormonen (progesteron) zorgen ervoor dat:
- Combinatiepil: bevat oestrogeen (voor voorspelbare menstruatie) en progesteron (niet
→ Er geen eicel vrijkomt en het slijmvlies wordt ongeschikt voor de innesteling van de eicel → Er ontstaat slijmprop in baarmoederkanaal, waardoor zaadcel lastig in baarmoeder komt
zwanger worden → tegengaan LH en FSH)
- Spiraal: geen innesteling
- Morning afterpil: eisprong wordt uitgesteld
- Abortus: medicamenteus (tot 9 weken) of instrumentaal (vanaf 6 weken – 24 weken)
- Hypothalamus scheidt LHRH uit → waardoor de hypofyse; FSH
- FSH produceert oestrogeen en LH produceert progesteron mbv het Corpus
- Wanneer LH minder wordt zal het gele lichaam stoppen met groeien en zal het
- / 4
(follikelstimulerend hormoon) en LH (luteïniserend hormoon) gaat produceren.
luteum (gele lichaam).
zich afbreken wanneer dit niet bevrucht wordt (menstruatie vindt plaats).➔ Dag 1 = de eerste dag van de menstruatie.➔ Ongeveer op dag 14 pieken de oestrogeenspiegels, LH en FSH waardoor de ovulatie plaatsvindt.
Placenta: uitwisseling van voedingsstoffen tussen moeder en kind, ‘stootkussen’, hormoonproductie, temperatuur regeling en helpen bij beweging.Vruchtwater: polyhydramnion (te veel) en oligohydramnion (te weinig) → gynaecoloog Navelstreng: verbinding tussen kind en placenta bij moeder, afvoer van afvalstoffen en koolstofdioxide en aanvoer van voeding, zuurstof en antistoffen.
• De student heeft kennis van:
- Normale zwangerschapsproblemen
Merendeel bevalt tussen 37-42 weken (gemiddelde 40). Normale klachten en verschijnselen:
- Vermoeidheid
- Misselijkheid
- Vaak plassen
- Brandend maagzuur
- Stemmingswisselingen
- Bandenpijn (zeurderige/scherpe/stekende pijn, rechts/links in de onderbuik of in liezen/rug)
- Pijnlijke borsten
- Slecht slapen
- Hoofdpijn
- Lage rugpijn
- Afkeer van voedsel en geuren
- Opgeblazen gevoel
- Vreetbuien Striae
- Embryonale en foetale ontwikkeling
Als een vrouw net zwanger is vindt de prenatale ontwikkeling plaats, deze heeft 3 semesters:
1. Embryonale fase (tot 16 weken):
- dagen na bevruchting gaat het embryo naar het endometrium om zich in te nestelen. Hier
begint de periode dat de organen komen te ontstaan in 3 kiemlagen:
- Endoderm/binnenste (spijsverteringsstelsel + inwendige organen) → keel, slokdarm, long,
- Mesoderm/midden → wervels skelet, rode bloedcellen, spieren, begin hart
- Ectoderm/buitenste → huid, nagels, zweet, tranen en neurale buis
maag, lever en darm
2. Foetale fase (16-28 weken): → vanaf 24 weken levensvatbaar
Organen groeien en ontwikkelen verder + beweging van de foetus
3. Laatste trimester (vanaf 28 weken):
Snelle groei van de foetus → nagels bereiken vingertop, subcutaan vet en alveoli groeit
Na de geboorte: Neonatale fase
- / 4
- Reguliere controles en onderzoeken tijdens een ongecompliceerde zwangerschap
Er moet zelf contact worden genomen met de verloskundige of gynaecoloog voor de controles:
Algemene controles:
Standaard screeningsonderzoeken die ouders aangeboden krijgen:
- Bloedonderzoek → antistoffen, resusfactor en infectieziekten
- Niet-Invasieve Prenatale Test (NIPT) → aangeboren afwijkingen in DNA
- Twintigwekenecho (echoscopisch) → opsporing van aangeboren afwijkingen die te zien zijn
- Invloed van teratogene factoren tijdens de zwangerschap
Teratogeen = alles uit omgeving wat beschadiging kan geven in wisselwerking met
chromosomen/genetische aanleg, met potentie voor aangeboren afwijkingen:
➔ Vaak lager dan normaal
- / 4