Samenvatting blok 1
Kenmerken van kwalitatief onderzoek:
-De data die verzameld wordt is vaak in de vorm van woorden, in tegenstelling tot de cijfers die als data gebruikt wordt in kwantitatief onderzoek.-Er wordt voornamelijk gebruik gemaakt van interviews en bepaalde observaties voor het verzamelen van data.-Er wordt gebruik gemaakt van bepaalde onderzoekdesigns die niet gebruikt worden in kwantitatief onderzoek zoals etnografische case studies.-De onderzoeksvraag bij kwalitatief onderzoek heeft als doel een fenomeen te begrijpen, en dus niet te meten zoals kwantitatief onderzoek. (Hoe, wat, waarom) Kwalitatief Kwantitatief Type vragen Hoe, wat, waarom Open vragen Hoe vaak, hoeveel Hypothese vormend Onderzoeksopzet Emergent (ontwikkelend) design Toetsen Sampling methode Theoretisch Statisch Dataverzameling Interview, focusgroep, observatie Experiment (RCT), vragenlijst Rapportage resultaten Ervaring, context Cijfers, tabellen Kracht Begrijpen Meten
Belangrijke overeenkomstige kenmerken van alle kwalitatieve onderzoeken:
1.Reflexiviteit: de onderzoeker behoort altijd kritisch te reflecteren op zijn onderzoek zelf.
De onderzoeker reflecteert op:
-Het onderzoek zelf -Je rol als onderzoeker (en je rugzak = gender, sociale status, leeftijd)n
2.Naturalisme: het bestuderen van een fenomeen in zijn natuurlijke omgeving.
3.Doel van kwalitatief onderzoek is begrijpen 4.De onderzoeker is zijn eigen instrument (je maakt gebruik van je eigen zintuigen). Dit betekent niet dat je geen hulpmiddelen hebt die je kan gebruiken om bijvoorbeeld zelfbeeld te meten.
5.Er is sprake van een emergente (zich ontwikkelende) onderzoeksopzet.Gezien het hoofddoel van kwalitatief onderzoek verklaren is, kan deze vorm van onderzoek gebruikt worden bij het onderzoeken van fenomenen waar weinig tot niks van bekend is. Daarnaast wordt kwalitatief onderzoek vaak gebruikt om te achterhalen wat bepaalde kwantitatieve data betekent en waarom deze is zoals deze is.Theories of knowledge (kennis theorie) Dit is een theorie die gaat over hoe wij omgaan met kennis. De bril die je op hebt (karakter, levenservaring, positie in de samenleving etc.) kleurt je kijk op de wereld en je visie op onderzoek.Deze theorie behoort tot een branche van de filosofie, genaamd epistemologie. Hierbij wordt er onderzoek gedaan naar de aard, oorsprong, voorwaarde voor en reikwijdte van kennis en het weten.
Er zijn 2 hoofd epistemologische benaderingen:
1.Positivistische benadering: Positivisten gaan er van uit dat er maar 1 werkelijkheid bestaat en dat deze voor iedereen hetzelfde is. Het is mogelijk dat we deze werkelijkheid nog niet kennen omdat de juiste hulpmiddelen nog niet ontwikkelt zijn. Voorbeeld: vroeger wisten we 1 / 3
niet dat er bacteriën bestonden. Dat betekent echter niet dat ze toen niet bestonden, maar dat we de juiste hulpmiddelen (microscoop) nog niet ontwikkelt hadden.-Er bestaat dus een objectieve werkelijkheid die wetmatigheden kent -De werkelijkheid wordt als een puzzel gezien -Je neemt als onderzoeker zoveel mogelijk afstand om een zo objectief mogelijke werkelijkheid in kaart te brengen.
2.Interpretatieve benadering : In plaats van dat onderzoek probeert de mensheid en maatschappij te verklaren, zou onderzoek juist gericht moeten zijn op het begrijpen van menselijk gedrag. De werkelijkheid kan niet los bestaan van de waarnemer. Er is altijd sprake van interpretatie en betekenisgeving. Met deze kijk op onderzoek gaan de vragen niet over de realiteit van de wereld maar om de interpretatie van de wereld van de mens.
Het positivisme heeft drie assumpties:
1.Empirisme : Er wordt enkel onderzoek gedaan naar fenomenen die te observeren zijn 2.Unity of methods : Er bestaat maar 1 methode die het beste is om de werkelijkheid in kaart te brengen. Voorbeeld: De beste manier om je temperatuur op te meten is een thermometer.Uiteindelijk zal dan ook elke wetenschapper uitkomen op dezelfde methode omdat er maar 1 de beste kan zijn.
3.Value -free: De wetenschap/science behoort gescheiden te zijn van de maatschappij en dient zo objectief, rationeel en neutraal mogelijk te zijn. Dus goed onderzoek is niet verbonden met emoties en subjectieve en politieke inzichten.
Er bestaan 4 sub-vormen van de interpretatieve benadering:
1.Fenomenologie : Fenomenologie is de studie van geleefde ervaringen en kenmerkend is de open houding van waaruit ze die ervaringen wil beschrijven. Ervaringen krijgen betekenis via
taal en narratieven (levensverhalen). Voorbeeld onderwerp:
-To describe the lived experiences of men and women who suffer from psoriasis.
2.Sociale constructivisme : Het sociaal constructivisme is een moderne leertheorie die ervan uitgaat dat mensen zelf betekenis verlenen aan hun omgeving en dat sociale processen hierbij een prominente rol spelen. Kennis wordt door ieder mens op een eigen wijze geconstrueerd, waarbij men sterk wordt beïnvloed door de reacties en opvattingen in de sociale omgeving. In de vertaling van het sociaal constructivisme naar de dagelijkse les- of opvoedingspraktijk vormt ‘leren als een sociaal proces’ het uitgangspunt.-Verschillen in processen werken door in de constructie van kennis.-Mensen brengen hun sociale positie in als ze de werkelijkheid begrijpen.
3.Kritische theorie : Deze gaat de assumptie van Value-free tegen. Onderzoek is een sociaal proces wat uitgevoerd wordt door mensen die een bepaalde kijk hebben op situaties, hierom kan onderzoek niet gescheiden worden van onze sociale wereld. De manier waarop wij leren en kennis tot ons nemen is onlosmakelijk verbonden met de positie die wij in de samenleving hebben (sociale orde). De kritische theorie heeft oog voor sociale structuren en machtsongelijkheden en wil deze blootleggen.
4.Feministische benadering : Bij deze benadering wordt nadruk gelegd dat mannen en vrouwen sterk van elkaar verschillen. Buiten de biologie hebben vrouwen en mannen een verschillende sociale positie in de samenleving en hebben daarmee een andere kijk op de wereld en andere ervaringen. 2 / 3
Soorten onderzoekdesigns:
Experiment/mixed methods:
Het experiment heeft een positivistische benadering. Het bekendste experimentele onderzoeksdesign is de RCT (randomised controlled trial). Dit wordt gezien als een gouden standaard als het gaat om het testen van interventies. In een RCT worden personen random toegewezen aan de controle groep of de interventie groep. Dit wordt voornamelijk gebruikt bij het testen van de werkzaamheid van medicijnen.Puur kwalitatief experiment is zeldzaam. Vaak is er sprake van mixed methods (kwalitatief en kwantitatief experiment).Vaak wordt onderzoek gebruikt om duidelijkheid te krijgen over kwantitatieve data in een experiment.
Kwalitatieve survey:
survey is een algemene term voor een onderzoeksdesign waarbij het doel is om dezelfde data te verzamelen voor elke ‘case’ in het onderzoek. Vervolgens worden die gevonden kenmerken beschreven of met elkaar in verband gebracht.
Sample survey: Dezelfde data wordt verzameld voor elke case in de steekproef.
In de praktijk wordt survey geassocieerd met vragenlijsten, maar een survey kan ook uitgevoerd worden door middel van een interview.
Grounded theorie:
Doel: vanuit data worden theorieën en concepten opgesteld (= inductief). Dit is omgekeerd aan de manier van onderzoek die wij tot nu toe gezien hebben, namelijk: vanuit een theorie wordt er data verzameld en geïnterpreteerd (=deductief).Dit proces wordt gekenmerkt door procedures als constant comparison, iteratief proces, theoretical sampling, theoretische saturatie Abductieve benadering: Het alleen testen van theorieën die plausibel zijn voor de data die je in je bezit hebt.Kenmerken goede onderzoeksvraag
- Het adresseert een
- / 3
probleem waar nog geen