• wonderlic tests
  • EXAM REVIEW
  • NCCCO Examination
  • Summary
  • Class notes
  • QUESTIONS & ANSWERS
  • NCLEX EXAM
  • Exam (elaborations)
  • Study guide
  • Latest nclex materials
  • HESI EXAMS
  • EXAMS AND CERTIFICATIONS
  • HESI ENTRANCE EXAM
  • ATI EXAM
  • NR AND NUR Exams
  • Gizmos
  • PORTAGE LEARNING
  • Ihuman Case Study
  • LETRS
  • NURS EXAM
  • NSG Exam
  • Testbanks
  • Vsim
  • Latest WGU
  • AQA PAPERS AND MARK SCHEME
  • DMV
  • WGU EXAM
  • exam bundles
  • Study Material
  • Study Notes
  • Test Prep

Samenvatting boek Psychopathologie bij kinderen en jeugdigen

Class notes Dec 26, 2025 ★★★★★ (5.0/5)
Loading...

Loading document viewer...

Page 0 of 0

Document Text

Samenvatting boek Psychopathologie bij kinderen en jeugdigen Hoofdstuk 1 Introductie 1.1– wat is ontwikkelingspsychopathologie Psychopathologie is de wetenschap waarin psychische stoornissen worden bestudeerd.Deelonderwerpen van deze wetenschappen zijn het voorkomen – de hoeveelheid, het ontstaan, het onderscheid tussen – en de behandelingen van stoornis. Veelal wordt psychopathologie in één adem genoemd met psychiatrie: de hulpverlening aan mensen die psychisch leiden.

1.1.1– vroeger en nu In de ontwikkelingspsychopathologie wordt, zoals het woord al zegt, de ontwikkelingsbenadering toegepast. Dit betekent dat men uitgaat van veronderstelling dat gedrag(smogelijkheden) in de loop van iemands leven veranderen, complexer worden.Wisselwerking De oorzaak van psychopathologie ligt echter per definitie in het verleden, en daarom gaat men er in de psychopathologie niet van uit dat vroegere ervaringen voor de volle honderd procent iemands functioneren bepalen. De relatie tussen vroegere ervaringen en huidige ervaringen zijn het beste vanuit een wisselwerking te begrijpen. Iemand neemt zijn vroegere ervaringen altijd mee; deze beïnvloeden hoe hij in het heden staat. De essentie van deze wisselwerking tussen vroeger en nu is dus dat de ervaringen uit het verleden beïnvloeden hoe iemand zijn huidige ervaringen interpreteert en waardeert, en dat ervaringen uit het heden beïnvloeden hoe iemand terug kijkt op zijn verleden. Er wordt een belangrijk uitgangspunt van hulpverlening gegeven: door andere ervaringen aan te bieden wordt geprobeerd het kind te helpen zijn geschiedenis, bij wijze van spreken wat zonniger neer te zetten.

1.1.2– een dynamisch gezichtspunt Afwijkend gedrag of een psychische stoornis wordt niet als statisch gezien, niet als iets wat je hebt of niet hebt, maar als dynamisch: je kunt er soms last van hebben en vaak niet, soms een beetje last en dan juist weer heel veel. Dit betekent dat men er vanuit gaat dat de verschijningsvorm van afwijkend gedrag veranderd gedurende levensloop van een persoon

  • Essau & Petermann 1997a). het dynamische gezichtspunt uit de
  • ontwikkelingspsychopathologie houdt in dat gedrag in de ene levensfase ‘ normaal ‘ en wenselijk kan zijn, in andere levensfase als abnormaal en ongewenst gezien kan worden.

    1.1.3– een uniek individu met unieke ervaringen 1 / 4

De ontwikkeling van het kind, en daarmee zijn gedrag, wordt beïnvloed door zowel factoren uit de omgeving van het kind als factoren van of voortkomend uit het kind zelf ( zoals sekse, leeftijd, intelligentie en zelfbeeld) Tabel 1.1 Leeftijdsperiode probleemgebiedenIndicatie van ernst Vroege kindertijd-Slaapproblemen -Eet- en groeiproblemen -Hechtingsproblemen -Autismespectrumstoornissen -Zindelijkheidsproblemen -Taal- en leerproblemen -Gaan meestal over -Gaan meestal over -Eenmaal ontstaan, is hechtingsstoornis lastig te behandelen -Chronisch vanwege erfelijke aanleg; het blijft een constante eigenschap -gaan meestal over -een aantal taal- en leerstoornissen is chronisch vanwege erfelijke aanleg; het blijft constante eigenschap Middelste kindertijd; bassischool leeftijd -aandachts- en impulsiviteitsproblemen -gedragsproblemen -angstproblemen -ADHD is chronisch vanwege erfelijke aanleg; het blijft een constante eigenschap -Eenmaal ontstaan, is een gedragsstoornis lastig te behandelen -Angststoornissen zijn goed te behandelen, maar de kans op terugkeer blijft Puberteit; middelbare school leeftijd -Stemmingsproblemen -Eet- en lijnproblemen -Problemen met middelenmisbruik -Schizofrenie en psychosen -Omgaan met de dood en eigen sterfelijkheid -Unipolaire- stemmingsstoornissen

  • depressie) zijn goed
  • te behandelen, maar kans op terugkeer blijft; de bipolaire- stemmingsstoornissen is chronisch vanwege erfelijke aanleg -Eenmaal ontstaan, is een eetstoornis lastig te behandelen -Eenmaal ontstane verslaving is ernstig 2 / 4

en blijft, ook na afkicken, levenslang een ‘ zwakke plek’ -Schizofrenie is chronisch vanwege erfelijke aanleg -Suïcidaliteit ontstaat over het algemeen

vanaf de puberteit:

het is een ernstig verschijnsel maar over het algemeen goed te voorkomen en behandelen

1.3.3 kenmerken van stoornissen

Differentiaaldiagnose= op welke andere stoornissen kunnen de besproken stoornissen lijken?Comorbiditeit = met welke andere problematiek en stoornissen kunnen ze samengaan?Prevalantie= hoe vaak komt een stoornis, of komen de besproken stoornissen, verschillend tot uiting, qua aantal en verschijningsvorm, bij meisjes en jongens?

1.3.4 maatschappelijke en culturele invloeden op een stoornis

Cultuur heeft op tweeërlei wijze invloed op de psychopathologie.Allereerst kan cultuur ( en ook maatschappelijke omstandigheden ) de kans dat kinderen bepaald gedrag gaan vertonen vergroten of verkleinen.Als tweede manier waarop ‘ cultuur ‘ invloed heeft op de psychopathologie bij kinderen is de wijze waarop normen en waarden uit een cultuur opvattingen van volwassenen over et gedrag van kinderen beïnvloeden.Onderzoek beperkte zich tot het onderscheid tussen internaliserende en externaliserende problematiek. Kinderen met internaliserende problematiek hebben zichzelf te veel onder controle. Ze uiten hun emoties weinig. Hun problematiek slaat naar binnen ( intern ).

Kenmerken zijn onder andere: verlegenheid, angst, vage lichamelijke klachten en

depressiviteit. Kinderen met externaliserende hebben zichzelf te weinig onder controle. Hun problematiek richt zich naar buiten ( extern ) en uit zich vaak in gedragsproblematiek.Kenmerken onder anderen: slechte concentratie, liegen en bedriegen, aandacht opeisen en agressie.

1.3.5 risico en beschermingsfactoren 3 / 4

Binnen de hulpverlening en in de gebruikte theorieën over de hulpverlening is het begrippenpaar risico en beschermingsfactor ( ook wel ‘bedreigende’ en ‘ protectieve ‘ factoren genoemd) gemeengoed geworden.Hoofdstuk 2 Classificatie, diagnostiek en epidemiologie 2.1 – inleiding Classificatiesystemen zijn systematische beschrijvingen van gedrag op basis van door wetenschappers onderscheiden en gegroepeerde gedragskenmerken, met als doel gedrag in te delen, bijvoorbeeld om te bepalen of er een stoornis is of om een onderscheid te maken tussen stoornissen. Diagnostiek gaat een stapje verder. Behalve gedragskenmerken wordt ook vastgesteld of een kind lijdt onder de problemen, behoefte heeft aan hulp of zzorg en wel of niet optimaal functioneert. Als een stoornis is vastgesteld is de volgende vraag: “ hoe is deze stoornis ontstaan?” het antwoord van deze vraag wordt gezocht met behulp van diagnostiek.

2.2 – classificatie Classificatie is niet meer en niet minder dan iets ( een situatie, persoon of voorwerp) herkennen, er de juiste naam aan geven en het vervolgens indelen in een categorie. Bij

classificatie geeft iemand antwoord op de vraag: “ wat is dit?”

Om te kunnen classificeren moeten we waarnemen, maar ook onderscheidt kunnen maken tussen de categorieën waarin we de waarnemingsresultaten indelen. Een waarnemer maakt daarvoor gebruik van de kennis die hij heeft, en deze kennis is gebonden aan de persoon en de tijd en cultuur waarin hij leeft.Classificatie biedt de mogelijkheid tot ordening: het leidt tot een beter begrip van wat verschillend en wat hetzelfde is en brengt de wereld in kaart.Bij een psychische stoornis moet men zich altijd afvragen of er nog andere psychische stoornis is die dezelfde symptomen kan veroorzaken en dus uitgesloten moet worden. Dit wordt differentiaaldiagnose genoemd ( of denk bijvoorbeeld aan een arts die een onderscheid moet maken tussen drie ziekten die gepaard kunnen gaan met ademhalingsmoeilijkheden, zoals longontsteking, astma en bronchitis. ) Bij vermoeden van een stoornis zal altijd na moeten worden gegaan of het inderdaad om een stoornis gaat, of om problemen die bij de leeftijd horen ( en vanzelf voorbij gaan). Er zal ook worden na gegaan of de symptomen misschien veroorzaakt worden door een andere aandoening met dezelfde symptomen als de stoornis.Met behulp van classificatiesystemen worden psychische stoornissen herkend, ingedeeld en van elkaar onderscheiden. Men maakt daarbij onderscheidt tussen grote groepen stoornissen, zoals gedragsstoornissen, psychotische stoornissen en angststoornissen. En net als andere wetenschappen wordt binnen een groep onderscheidt gemaakt tussen subgroepen. Zo wordt in de dsm-5 binnen de hoofdgroep angststoornissen onderscheidt

  • / 4

User Reviews

★★★★★ (5.0/5 based on 1 reviews)
Login to Review
S
Student
May 21, 2025
★★★★★

This document provided step-by-step guides, which was a perfect resource for my project. Absolutely remarkable!

Download Document

Buy This Document

$1.00 One-time purchase
Buy Now
  • Full access to this document
  • Download anytime
  • No expiration

Document Information

Category: Class notes
Added: Dec 26, 2025
Description:

Samenvatting boek Psychopathologie bij kinderen en jeugdigen Hoofdstuk 1 Introductie 1.1– wat is ontwikkelingspsychopathologie Psychopathologie is de wetenschap waarin psychische stoornissen word...

Unlock Now
$ 1.00