- / 4
samenvatting het palet van de psychologie 5e editie 2024 rigter 9789046909041.png 2 / 4
samenvatting het palet van de psychologie 5e editie 2024 rigter 9789046909041.png
Hoofdstuk 1 – Psychologie: een veelzijdig geheel van theorieën
Psychologische stromingen kunnen op verschillende manieren worden ingedeeld. Eén van de meest fundamentele classificaties betreft de onderliggende opvattingen over de mens, oftewel het mensbeeld. Binnen deze benadering worden doorgaans drie hoofdvormen onderscheiden: Het organistische mensbeeld: Binnen deze visie wordt de mens beschouwd als een geïntegreerd geheel, waarbij verschillende interne componenten elkaar beïnvloeden en waarbij voortdurende interactie met de omgeving plaatsvindt. Er is sprake van dynamiek, zowel intern als extern, en het gedrag kan niet worden herleid tot eenvoudige oorzaak- gevolgrelaties. De mens wordt in zijn context geplaatst, als meer dan slechts de som der delen. Vergelijkingen met dieren zijn in deze benadering mogelijk.Het personalistische mensbeeld: Deze opvatting benadrukt de uniciteit van het individu.De mens wordt gezien als schepper van cultuur, als betekenisgever aan het eigen bestaan en als handelend wezen dat doelgericht keuzes maakt. In deze visie wordt de mens als wezenlijk verschillend van dieren beschouwd en altijd als een ondeelbaar geheel benaderd.Het mechanistische mensbeeld: Volgens dit perspectief functioneert de mens als een mechanisch systeem, opgebouwd uit afzonderlijke, zelfstandig werkende onderdelen.Gedrag wordt verklaard door externe invloeden en is te analyseren zonder rekening te houden met de context. Er wordt uitgegaan van een rechtlijnige relatie tussen oorzaak en gevolg. De mens wordt niet onderscheiden van dieren, en het geheel wordt gezien als optelsom van de losse elementen.De keuze voor een bepaald mensbeeld beïnvloedt ook de gehanteerde onderzoeksmethoden in de psychologie. Grofweg kunnen drie methodologische benaderingen worden onderscheiden: de verklarende methode, de verstehende methode, en de hermeneutische methode.Binnen het mechanistische en organistische mensbeeld staat objectiviteit en controleerbaarheid van kennisverwerving voorop. Theorieën die voortkomen uit het personalistische mensbeeld daarentegen, leggen meer nadruk op het begrijpen van de mens in zijn complexiteit. Deze benadering is doorgaans subjectiever en minder afhankelijk van kwantificeerbare gegevens. De hermeneutische methode legt de nadruk op interpretatie van ervaringen en stelt dat betekenisgeving belangrijker is dan de loutere waarneming. Deze visie wordt soms bekritiseerd vanwege het vermeende gebrek aan theoretische onderbouwing.Een overkoepelend kader binnen de psychologie is de algemene systeemtheorie, ook wel aangeduid als een metatheorie – een theorie over theorieën. Deze benadering gaat ervan uit dat menselijk gedrag altijd ontstaat vanuit een samenspel van biologische, psychologische en sociale factoren, wat ook wel het biopsychosociaal model wordt genoemd.
Belangrijke uitgangspunten van de algemene systeemtheorie zijn:
De werkelijkheid bestaat uit hiërarchisch geordende niveaus, van subatomaire deeltjes en cellen tot gezinnen, gemeenschappen en bredere sociale systemen. Hoe hoger het niveau, des te complexer het systeem.Hogere niveaus zijn niet volledig te herleiden tot lagere niveaus.De mens wordt zowel als biologisch organisme als symbolisch wezen gezien.Het systeem wordt opgevat als open en dynamisch; er is voortdurende wisselwerking met de omgeving.Stabiliteit wordt gewaarborgd door het in evenwicht houden van interne processen en 3 / 4
samenvatting het palet van de psychologie 5e editie 2024 rigter 9789046909041.png externe invloeden.Hoofdstuk 2 – De Psychoanalyse (Psychodynamische Theorie)
Mensbeeld: Een combinatie van mechanistische en personalistische visies
Onderzoeksmethode: Hermeneutisch
Fundamentele uitgangspunten De psychoanalytische theorie, met Sigmund Freud als grondlegger, is gebaseerd op diverse
uitgangspunten die samen een complex beeld van de menselijke psyche schetsen:
1.Gedrag wordt niet uitsluitend aangestuurd door bewuste processen; onbewuste motieven spelen een centrale rol.
2.De mens beschikt over een onbewust deel van de geest, waarin verdrongen verlangens en herinneringen schuilgaan.
3.Persoonlijke ervaringen zijn subjectief en uniek voor ieder individu.
4.Binnen het menselijk functioneren doen zich voortdurend onbewuste conflicten voor, bijvoorbeeld tussen verlangens en sociale of morele verboden.
5.Vroege ervaringen – met name uit de eerste levensjaren, wanneer het brein nog in ontwikkeling is – zijn bepalend voor latere gedrags- en denkpatronen.
6.Al het gedrag, inclusief fouten en vergissingen, heeft betekenis; zogenaamde toevallige uitingen worden beschouwd als uitingen van het onbewuste.Historische ontwikkeling van de theorie Freud introduceerde het idee van determinisme in de psychologie: gedrag wordt niet willekeurig vertoond, maar kent altijd een oorzaak.
Hij combineerde drie benaderingen in zijn werk:
Een mechanistische benadering, waarin gedragingen voortkomen uit aangeboren driften.Een romantische visie, waarbij het onbewuste centraal staat.Een personalistische benadering, waarin via hermeneutiek betekenis wordt toegekend aan gedrag, dromen en herinneringen.De ontwikkeling van zijn theorie verliep via meerdere fasen: van hypnose, waarbij men probeerde verdrongen herinneringen terug te halen, naar de ontdekking van weerstand, en uiteindelijk naar de interpretatie van dromen.Weerstand duidt op psychische verdedigingsmechanismen die voorkomen dat pijnlijke of ongewenste herinneringen het bewustzijn bereiken. Daarbij is het onbewuste slecht in staat onderscheid te maken tussen fantasie en realiteit. Dromen worden in deze visie beschouwd als gecamoufleerde uitingen van onbewuste wensen.Het mensbeeld binnen de psychoanalyse
De psychoanalyse kent een ambivalent mensbeeld:
Pessimistisch, omdat de mens grotendeels wordt gedreven door onbewuste impulsen en niet volledig autonoom is.Optimistisch, omdat het bewust maken van deze impulsen kan leiden tot zelfinzicht en persoonlijke groei.
Freud ging uit van twee aangeboren driften:
1.De seksuele of levensdrift (Eros) 2.De doods- of agressiedrift (Thanatos) Vroege en latere psychoanalyse De vroege psychoanalyse heeft een meer mechanistisch karakter: gedrag wordt verklaard vanuit biologische driften.In latere ontwikkelingen is de benadering meer personalistisch geworden, met nadruk op subjectieve beleving en psychische processen.
- / 4