Samenvatting Landscape geography Bodem en landschap SGL-23312 2025 Wageningen University Research
- / 4
Samenvatting Landscape geography Bodem en landschap SGL-23312 2025 Wageningen University Research
- / 4
Samenvatting Landscape geography Bodem en landschap SGL-23312 2025 Wageningen University Research
Landscape geografie bodem en landschap Rivierenlandschappen College 1 Rivierenlandschappen Ligging en indeling Rivierenlandschap indelen in 3 delen.
- Oostelijke (1): laat-pleistocene
afzettingen oud. Smal landschap.
- Laat- Weichselien
- Centrale (2) :
- holocene afzettingen; jonger
- Westelijke (3):
- holocene afzettingen; jonger
Oostelijke rivierenlandschap Fluviatiele afzettingen en landvormen Vorming rivierterrassen
- Tektonische opheffing (Z- Limburg)
- Dalende zeespiegel; alleen benedenstrooms tijdens koude perioden (ijstijden)
- Klimaatverandering; overgang Weichselien (koud) Holoceen(huidig=mild) , 15 000-
- Schoksgewijs, fluctuerend verschillende terrassen. De oudste terrassen zijn het
10000 jaar geleden. (Maas)
hoogst, jongste zijn het laagst.
o Koude perioden (stadialen): sedimentatie (opvulling)
- Warmere perioden (interstadialen); insnijding
- Netto; insnijding (erosie)
- Koude periode (stadiaal) ijstijden
- Brede stroomvlakte vlechtende rivier (miss wel kilometer breed) met
- Veel sedimentaanvoer (geen vegetatie (hier is het te koud voor) en
- Warme periode (interstadiaal)
- Hoofdgeulen uit het vlechtende systemen gaan meanderen en snijden zich
- Minder sediment, meer vegetatie en permafrost ontdooit, hierdoor kan
- sedimenthonger; rivier krijgt geen sediment meer rivier gaat insnijden, want
De vorming van onregelmatige terrassen
instabiele geulen en zand-/ grindbanken
oppervlakkige afstroming over permafrost)
in; deel oude stroomvlakte raakt buiten gebruik.
water infiltreren en zo voert het minder mee.
het neemt sediment mee uit de bedding. Smalle insnijding
1 3 / 4
Samenvatting Landscape geography Bodem en landschap SGL-23312 2025 Wageningen University Research
- Bij terugkeer van koude periode gaat de (smal) ingesneden meanderende
- De terrassenkruising is de zonde waar netto erosie overgaat in netto sedimentatie, de
- Toen de zeespiegel nog een stuk lager lag, was de terrassenkruising ook
rivier weer vlechten en vormt op lager niveau een bredere stroomvlakte; het proces herhaalt zich meerdere keren; terrassen landschap.
ligging is afhankelijk van de zeespiegelstand.
een stuk lager. Met de stijging van de zeespiegel steeg ook de terrassenkruising.
Eolische afzetingen en landvormen Rivierduinen
- Op hoger gelegen terrassen langs de (voormalige) stroomvlakte vlechtende rivier.
- Gevormd in Laat- Weichselien onder koude, relatief droge condities.
- Het zand werd opgevangen in schaarse vegetatie (vaak paraboolvorm)
Donken; toppen van rivierduinen in het holocene rivierenlandschap (beneden de terrassenkruising).
Centrale en westelijke rivierenlandschap Fluviatiele afzettingen en landvormen Centrale rivierenlandschap Groene landschap, holocene afzettingen Meanderende of soms rechte rivieren met een overstromingsvlakte, onderling verbonden rivieren (bijv. Rijn en Waal)= anastomoserende rivieren. = rivieren met zijtaken die bij elkaar komen en dan een stuk van de riviervlakte insluiten..Centrale en westelijke rivierenlandschap
- Meanderende rivieren met een overstromingsvlakte bestaande uit oeverwallen en kommen
- Crevasse; doorbraakgeul door een oeverwal met daarachter een sedimentwaaier
- Als een crevasse steeds meer water uit de rivier wegtrekt, steeds groter
- Avulsie; complete verlegging van de rivier, kan alleen zonder dijken
wordt en er uiteindelijk een nieuwe rivierenloop is, ontstaat een
- Vorming van oeverwallen; sediment (vooral de grove fractie) wordt dichtbij de geul afgezet
- In de oeverwal vind je een fining upward (aflopend profiel): zand (evt. met grind)
- In de kommen bezinkt de fijnste fractie (zware klei) want op de oeverwallen het
onderin, zware zavel/ lichte klei bovenin. Textuur steeds fijner naar boven
grofste materiaal
- Vraag: waarom fining upward;
o Antwoord: oeverwal wordt steeds hoger, en het
wordt steeds moeilijker om hoger op te komen voor een zand korrel, zwaarder materiaal blijft hangen.
- / 4