• wonderlic tests
  • EXAM REVIEW
  • NCCCO Examination
  • Summary
  • Class notes
  • QUESTIONS & ANSWERS
  • NCLEX EXAM
  • Exam (elaborations)
  • Study guide
  • Latest nclex materials
  • HESI EXAMS
  • EXAMS AND CERTIFICATIONS
  • HESI ENTRANCE EXAM
  • ATI EXAM
  • NR AND NUR Exams
  • Gizmos
  • PORTAGE LEARNING
  • Ihuman Case Study
  • LETRS
  • NURS EXAM
  • NSG Exam
  • Testbanks
  • Vsim
  • Latest WGU
  • AQA PAPERS AND MARK SCHEME
  • DMV
  • WGU EXAM
  • exam bundles
  • Study Material
  • Study Notes
  • Test Prep
Please log in to purchase this document.

Samenvatting Strafrecht 2

Class notes Dec 26, 2025 ★★★★★ (5.0/5)
Loading...

Loading document viewer...

Page 0 of 0

Document Text

Samenvatting Strafrecht 2 Week 1

Het strafprocessueel beslissingsmodel, art. 350 Sv:

1.Kan het ten laste gelegde feit bewezen worden? = bewezenverklaring 2.Is het bewezenverklaarde feit een strafbaar feit? = kwalificatiebeslissing a.Een gedraging die de bestanddelen van de delictsomschrijving beantwoordt 3.Is de dader strafbaar? = geen strafuitsluitingsgrond a.De gedraging is wederrechtelijk en aan schuld te wijten 4.Welke sanctie wordt opgelegd aan de dader?Opzet

Bij opzet spelen er drie vragen:

1.Schuldverband: waarop moet opzet gericht zijn? Waar moet opzet op

gericht zijn?

2.Betekenis van opzet? Wat betekent opzet? Wat valt er juridisch gezien onder opzet?

3.Hoe valt opzet te bewijzen?Schuldverband

Hoofdregel: opzet heeft betrekking op de bestanddelen in

delictsomschrijving die na het opzet worden genoemd

Geobjectiveerde bestanddelen: bestanddelen waarop subjectieve

bestanddeel (opzet) niet gericht hoeft te zijn De betekenis van opzet Opzet = willen en weten van iets (een bepaald gevolg of andere omstandigheid)

Opzet is niet: had kunnen weten, had moeten weten, had behoren te

weten Opzet is willen en weten in verschillende gradaties

Opzet als bedoeling: willen domineert

Opzet als noodzakelijkheidsbewustzijn: weten domineert, weten is zo

sterk: impliceert opzet

Opzet als waarschijnlijksheidsbewustzijn: weten domineert, weten is zo

sterk: impliceert willen

Voorwaardelijk opzet: weten van de mogelijkheid en aanvaarden van die

mogelijkheid Voorwaardelijk opzet

Omschrijving: bewust aanvaarden van de aanmerkelijke kans dat ‘iets’ zich

voordoet

De onderdelen voor toetsing van voorwaardelijk opzet:

1.Bestaan van aanmerkelijke kans 2.Bewustheid van die aanmerkelijke kans 3.Bewust aanvaarden van die kans Bestaan van aanmerkelijke kans Naar algemene ervaringsregels ‘aanmerkelijk’ Beoordeling ex ante: vooraf, moment van verrichten van gedraging 1 / 4

Het gezicht/hoofd is een uiterst kwetsbaar lichaamsdeel Bewustheid/wetenschap van die aanmerkelijke kans Kijken naar de verklaring van verdachte Als er geen verklaring is, dan wordt er gekeken naar de feiten en omstandigheden van de gedraging

Het normaliteitssyllogisme: ‘ieder normaal mens weet dat als je deze

gedraging verricht, dat als gevolg daarvan iemand …. (bijvoorbeeld zwaar letsel kan oplopen)’ De verdachte is een normaal mens (geen stoornis, niet naïef etc.), dit betekent dat de verdachte bewustheid had van de aanmerkelijke kans dat dit gevolg zou plaatsvinden Bewust aanvaarden van de kans Kijken naar de verklaring van de verdachte Als er geen verklaring is, dan ‘Slaan met pistool’ arrest Uit het arrest ‘Slaan met pistool’ volgt dat bepaalde gedragingen naar uiterlijke verschijningsvorm kunnen worden aangemerkt als zo zeer gericht op een bepaald gevolg dat het, behoudens contra-indicaties, niet anders kan zijn dan dat de verdachte de aanmerkelijke kans op het desbetreffende gevolg heeft aanvaard Bewijs van opzet De rechter maakt gebruik van feiten van algemene bekendheid of algemene

ervaringsregels. Twee voorbeelden:

1.Het is een feit van algemene bekendheid dat zich in de borststreek vitale organen, zoals het hart, bevinden. Nu het voorts een feit van algemene bekendheid is, dat indien op dit kwetsbare onderdeel van het lichaam geweld wordt uitgeoefend, zoals in dit geval steken met een mes, de aanmerkelijke kans bestaat dat dit de dood van het slachtoffer tot gevolg heeft, moet ook de verdachte daarvan op de hoogte zijn geweest .

2.“Uitgaande van de algemene ervaringsregel dat de bestuurder, tevens enige inzittende, van een hem toebehorende personenauto, waarin zich een niet onaanzienlijke hoeveelheid heroïne bevindt, met de aanwezigheid van die heroïne in zijn auto bekend pleegt te zijn, heeft het hof uit de bewijsmiddelen kunnen afleiden dat de verdachte opzettelijk heeft gehandeld.” Valkuilen bij bewijs van voorwaardelijk opzet Te gemakkelijk aannemen dat iets een feit van algemene bekendheid is Te gemakkelijk aannemen op grond van veronachtzamen van onderzoeks- of zorgplicht, bijvoorbeeld op grond van Garantenstellung, of gebrek aan voorzorg, niet controleren.

Wijst het niet voldoen aan de Gerantenstellung op opzet?  Arrest: Vrijspraak

voormalige neuroloog Dat verdachte zorgvuldigheidseisen heeft geschonden is niet voldoende voor voorwaardelijk opzet. Hooguit culpa, geen voorwaardelijk opzet. Ook schenden onderzoeksplicht is onvoldoende voor opzet. Redenering van rechtbank is niet toereikend. Met redenering is enkel te bewijzen dat er nalatig is gehandeld. Dus culpa.Hof komt tot conclusie dat er geen sprake is van voorwaardelijk opzet.‘Slechte arts’ is onvoldoende voor opzet. 2 / 4

HR: uit niet handelen zoals van arts verwacht mag worden

(Garantenstellung) volgt nog geen opzet op toebrengen van letsel of in hulpeloze toestand brengen Wanneer zo onzorgvuldig gehandeld is, dat sprake is van onverschilligheid ten aanzien van de gevolgen, dan moet de verdachte wel bewust de aanmerkelijke kans op de gevolgen hebben aanvaard, dit is in de praktijk echter lastig te beoordelen Verhouding opzet en verwijtbaarheid/schuld Je kijkt eerst naar opzet (bij de eerste materiële vraag) en daarna pas naar een strafuitsluitingsgrond (bij de derde materiële vraag). Er zijn voornamelijk twee

strafuitsluitingsgronden: avas en ontoerekenbaarheid vanwege een psychische

stoornis. Een psychische stoornis kan het bewijs van opzet beïnvloeden, waardoor dit in sommige gevallen al aan bod komt bij de eerste vraag.Verhouding opzet en verontschuldigbare dwaling (avas) Dwaling = niet weten van iets Dwaling t.a.v bestanddeel waarop opzet moet zijn gericht  opzet niet bewezen oVoorbeeld: art. 285b Sr. X voert aan: afwezigheid van alle schuld in de vorm van verontschuldigbare feitelijke dwaling. “Ik wist niet dat ik door mijn gedrag inbreuk maakte op de persoonlijke levenssfeer van ander en dat kon en hoefde ik ook niet te weten”. Rechter gaat uit van de verklaring van X, dit betekent dat opzet niet kan worden bewezen Dwaling t.a.v bestanddeel waarop opzet niet hoeft te zijn gericht (= geobjectiveerd bestanddeel )  staat bewijs van opzet niet in de weg.Een beroep op strafuitsluitingsgrond avas (3 e vraag art. 350 Sv) blijft mogelijk oVoorbeeld: art. 285b Sr. X voert aan: afwezigheid van alle schuld in de vorm van verontschuldigbare feitelijke dwaling. “Ik wist wel dat ik inbreuk maakte op de persoonlijke levenssfeer van een ander, maar ik wist niet dat ik dat stelselmatig deed en hoefde dat ook niet te weten”. Rechter gaat uit van de verklaring van X, dit betekent dat opzet bewezen kan worden (opzet moet alleen gericht zijn op inbreuk maken op persoonlijke levenssfeer). Het kan nu wel stuk lopen op de derde materiële vraag, dan is het niet aan schuld van X te verwijten.Verhouding opzet en psychische stoornis Art. 39 Sr: Niet strafbaar is hij die een feit begaat, dat hem wegens de psychische stoornis, psychogeriatrische aandoening of verstandelijke handicap niet kan worden toegerekend Toerekeningsvatbaarheid is een schulduitsluitingsgrond Geen toerekening van het feit indien de verdachte als gevolg van psychische stoornis oNiet kon begrijpen dat dat feit wederrechtelijk was Geen inzicht in goed en kwaad, waardoor de verdachte niet kon begrijpen wat hij deed oNiet in staat was in overeenstemming te handelen met zijn begrip van de wederrechtelijkheid van dat feit Verdachte ‘moet’ zo handelen vanwege zijn stoornis Drie vragen die spelen bij opzet en psychische stoornis: 3 / 4

oIs er sprake van een psychische stoornis?oIs er een oorzakelijk verband tussen stoornis en plegen van delict?oIs dit verband reden om het feit niet toe te rekenen?Arrest ‘Tolbert’ Verdachte is na het gebruik van amfetamine in een psychose geraakt. Hij heeft toen geprobeerd om zijn vriendin van het leven te beroven door haar meerdere keren te slaan onder andere met een stang. Toen hij losliet sprong zijn vriendin van het balkon. Vervolgens heeft de verdachte haar kinderen op een zeer gewelddadige wijze om het leven gebracht. Verdachte werd vervolgd voor doodslag op twee jonge kinderen en poging tot doodslag.

HR:

“Bij de beoordeling van het middel moet voor een geval als het onderhavige waarin een beroep op een ernstige geestelijke stoornis bij de verdachte het opzet wordt bestreden, worden vooropgesteld dat zo’n stoornis slechts dan aan de bewezenverklaring van het opzet in de weg staat indien bij de verdachte ten tijde van zijn handelen ieder inzicht in de draagwijdte van zijn gedragingen en de mogelijke gevolgen zou hebben ontbroken.” Pas geen (voorwaardelijk) opzet indien ieder inzicht in de draagwijdte van gedragingen en mogelijke gevolgen daarvan ontbreekt; dan geen ‘willen en weten’ Dat is niet al het geval indien verdachte door psychische stoornis niet vrijheid heeft om wil te bepalen. Dan kan hij er niks aan doen dat hij wil, maar hij ‘wil (en weet)’ wel’ en dat is voldoende voor opzet. Als de verdachte niet de vrijheid heeft om wil te bepalen, kan hij inzicht in de draagwijdte van gedragingen en mogelijke gevolgen daarvan hebben en dus opzet Indien ieder inzicht in de draagwijdte van gedragingen en mogelijke gevolgen daarvan ontbreekt is er geen opzet, óók niet als verdachte aan zichzelf te wijten heeft dat dit inzicht ontbreekt (culpa in causa) Als verdachte niet vrij was om zijn wil te bepalen, kan dat maken dat feit hem niet kan worden toegerekend wegens psychische stoornis (strafuitsluitingsgrond ex art. 39 Sr). Dan ontbreekt de schuld/verwijtbaarheid (schulduitsluitingsgrond) (3 e vraag art. 350 Sv).

Mogelijk is dus: opzet bewezen (1

e vraag art. 350 Sv), maar vanwege ontoerekenbaarheid door stoornis (waardoor schuld/verwijtbaarheid ontbreekt), is dader niet strafbaar (3 e vraag art. 350 Sv) Bij 3 e vraag kan relevant zijn of verdachte aan zichzelf te wijten heeft dat hij in psychose raakt (daardoor stoornis) en tijdens psychose gewelddadige handelingen zou kunnen verrichten (= culpa in causa) De HR oordeelt dat het Hof haar onderbouwing dat er geen sprake is van opzet en voorwaardelijk opzet ontoereikend heeft gemotiveerd, HR zegt hij had niet de vrijheid om zijn wil te bepalen. Hij moest het doen, daar kon hij niks aan doen. Maar dat betekent niet dat hij het niet wilde. Hij wist wat hij deed. Dat hij zo moest handelen, kan wel relevant zijn, maar staat het bewijs van opzet niet in de weg en dat is waar het in casu om gaat. Hof heeft aangenomen dat verdachte gedurende psychose ontoerekeningsvatbaar was, maar dat sluit niet uit dat er sprake is van opzettelijk handelen. Psychose/wil niet vrij kunnen bepalen betekent niet direct dat je geen opzet had. Iemand kon het

  • / 4

User Reviews

★★★★★ (5.0/5 based on 1 reviews)
Login to Review
S
Student
May 21, 2025
★★★★★

This document featured practical examples that helped me ace my presentation. Such an outstanding resource!

Download Document

Buy This Document

$1.00 One-time purchase
Buy Now
  • Full access to this document
  • Download anytime
  • No expiration

Document Information

Category: Class notes
Added: Dec 26, 2025
Description:

Samenvatting Strafrecht 2 Week 1 Het strafprocessueel beslissingsmodel, art. 350 Sv: 1.Kan het ten laste gelegde feit bewezen worden? = bewezenverklaring 2.Is het bewezenverklaarde feit een strafba...

Unlock Now
$ 1.00