Samenvatting Wijze Lessen De 5 inzichten uit de wetenschap Inzicht 1; het werkgeheugen heeft een beperkte capaciteit.Onze ervaringen uit de omgeving worden geregistreerd in ons sensorisch of zintuiglijk geheugen. Dit sensorische geheugen kan de informatie maar heel kort vasthouden. Als je aandacht besteed aan een bepaalde prikkel, gaat het verder naar een volgende prikkel.Het werkgeheugen is de plaats waar het denken en het bewustzijn plaatsvindt.Cognitive load theory = cognitieve belastingtheorie.Wat houdt die cognitieve belastingtheorie in?De mentale bandbreedte (maximale capaciteit van je werkgeheugen) kan opgevuld worden met twee soorten cognitieve belasting, de intrinsieke en extrinsieke belasting.De intrinsieke belasting wordt bepaald door de complexiteit van het te leren onderwerp zelf. De complexiteit wordt bepaald door het aantal elementen dat geleerd moet worden, maar ook door de samenhang tussen de elementen; hoe meer nieuwe elementen en hoe meer interactie daartussen hoe complexer.De extrinsieke belasting is alle belasting die niet met de inhoud van de leerstof heeft te maken, bijvoorbeeld de instructie. Ook een filmpje met te veel onnodige en zelfs afleidende achtergrondgeluiden kan grote extrinsieke belasting opleveren.Om het leren te bevorderen, kan de cognitieve belasting het best zo worden beheerd dat de extrinsieke belasting wordt geminimaliseerd.
Afsluiting:
Het is belangrijk dat we bij het lesgeven de capaciteit van het werkgeheugen van de leerling niet overbelasten maar er wel optimaal gebruik van maken.Een groot reservoir aan informatie in ons langetermijngeheugen ondersteunt het leren. Hoe meer informatie er is in ons langetermijngeheugen, hoe meer herkenbare elementen/onderdelen van een opdracht er zijn, en hoe beter we er nieuwe informatie aan kunnen koppelen.Inzicht 2; de expert denkt anders dan de beginner.Biologisch of evolutionair primair leren houdt in dat we dingen leren vanuit onszelf. Bijvoorbeeld mensen leren uit zichzelf gezichten herkennen, praten en lopen (primaire kennis).Biologisch of evolutionair secondair leren betekent dat we dingen leren die voor mensen van belang zijn zoals lezen en schrijven. Deze kennis is noodzakelijk om goed te kunnen functioneren in onze huidige maatschappij.Verwarring tussen kennis en informatie.Verwar informatie niet met kennis. Informatie staat in een boek, op internet of hoor je te vertellen.Kennis is al verwerkte informatie. Onderstaand worden drie soorten kennis toegelicht; -Declaratieve kennis is ‘weten wat’. Het is de kennis van feiten en concepten. Voorbeelden van feiten en concepten zijn; theorieën en principes kunnen uitleggen, maar ook het vermogen om de delen van het spijsverteringsstelsel te benoemen. 1 / 2
-Procedurele kennis is weten hoe en wanneer je verschillende procedures, methoden, theorieën, stijlen moet toepassen. Het vermogen om vergelijkingen op te lossen, plantensoorten te determineren en geografische coördinaten te interpreteren.-Metacognitieve kennis is de kennis over hoe we zelf denken en hoe we leren.Naast vakkennis moet een leraar ook beschikken over vakdidactische en pedagogisch-didactische kennis.Vakdidactische kennis is de kennis over de wijze waarop het specifieke vak of onderwerp moet worden onderwezen.Pedagogisch-didactische kennis is de kennis van effectieve onderwijsmethoden en soorten didactiek en ook weten wanneer het goed of minder goed is om een bepaalde werkvorm in te zetten.
Afsluiting:
De leraar (de expert) heeft rijke cognitieve schema’s (kortom voorkennis) om nieuwe leerstof meteen aan te koppelen. Een beginner kan nieuwe leerstof vaak niet aan bestaande kennis koppelen, waardoor de opslag veel moeilijker is. Houd hier dus rekening mee als je nieuwe leerstof aanbiedt.Om die hedendaagse vaardigheden te kunnen trainen bij onze leerlingen moet de leraar beschikken over zowel vakkennis, vakdidactische kennis als pedagogisch-didactische kennis.
Inzicht 3; generieke vaardigheden aanleren: het doel is niet altijd het middel.
De generieke vaardigheden worden aangeleerd met context, met achterliggende kennis van zaken.Daarmee bedoelen we dat als je A hebt geleerd daar niet automatisch B uit volgt.We illustreren dit met vier generieke vaardigheden.-Kritisch denken: kritisch kunnen nadenken is contextgebonden en staat of valt met de achtergrondkennis over het onderwerp waar het om gaat.-Leesstrategieën: een leerling kan na een training in leesstrategieën niet automatisch de essentie uit elke willekeurige tekst begrijpen. Daarvoor heeft hij een diepgaander begrip van de inhoud nodig.-Studeervaardigheden: een leerling die alleen maar aparte lesjes ‘leren leren’ heeft gehad, wordt niet ineens een betere student. Leren leren doe je vooral als je ook iets leert en niet alleen maar informatie krijgt over de aparte studeertechnieken.-Probleemoplossende vaardigheden: een leerling die leert programmeren leert niet automatisch beter algemeen probleemoplossend denken. Als je leert programmeren, word je beter in programmeren.Dit betekent niet dat we bovenstaande vaardigheden niet moeten stimuleren. Maar we moeten wel bedenken dat er een groot verschil is tussen het doel en het middel om dat doel te bereiken.
Afsluiting:
Vaardigheden als kritisch denken, samenwerken en problemen oplossen zijn belangrijk. Maar we weten dat ze moeilijk of niet zijn over te brengen naar een andere context wanneer je geen kennis hebt van die andere context.Het aanbieden van relevante leerstof in verschillende vakken, samen met goede instructies, versterkt het ontwikkelen van diepgaande kennis. Die heb je nodig om bovenvermelde vaardigheden te ontwikkelen.
- / 2