• wonderlic tests
  • EXAM REVIEW
  • NCCCO Examination
  • Summary
  • Class notes
  • QUESTIONS & ANSWERS
  • NCLEX EXAM
  • Exam (elaborations)
  • Study guide
  • Latest nclex materials
  • HESI EXAMS
  • EXAMS AND CERTIFICATIONS
  • HESI ENTRANCE EXAM
  • ATI EXAM
  • NR AND NUR Exams
  • Gizmos
  • PORTAGE LEARNING
  • Ihuman Case Study
  • LETRS
  • NURS EXAM
  • NSG Exam
  • Testbanks
  • Vsim
  • Latest WGU
  • AQA PAPERS AND MARK SCHEME
  • DMV
  • WGU EXAM
  • exam bundles
  • Study Material
  • Study Notes
  • Test Prep

SE-week 3 centraal examenstof

AQA PAPERS AND MARK SCHEME Dec 26, 2025 ★★★★★ (5.0/5)
Loading...

Loading document viewer...

Page 0 of 0

Document Text

GESCHIEDENIS

SE-week 3/ centraal examenstof Gebeurtenissen, jaartallen, personen, verplichte voorbeelden en kenmerkend aspecten.(examenoverzicht boekje en eventuele aanvullen meneer de koning) *= verplicht voorbeeld

TIJDVAK 1

PREHISTORIE

Jagers & boeren Tot 3000 V.C

Kenmerkende aspecten:

  • De levenswijze van jagers-verzamelaars
  • -Mensen leefden in een samenleving van jagers en verzamelaars. Er was een duidelijke taakverdeling tussen man en vrouw. Mannen jaagden en visten en vrouwen verzamelden eten. Jagers en verzamelaars waren nomaden en hadden dus geen vaste woonplaats. Ze hadden veel kennis van de natuur en konden werktuigen maken, zoals messen, speren en pijl en boog. Ze leefde in de prehistorie (= de tijd zonder schrift).

    2.Het ontstaan van landbouw en landbouwsamenlevingen -In deze tijd werden er nieuwe gereedschappen uitgevonden, dit deel van het tijdperk heet dan ook het neolithicum (= nieuwe steentijd). Ook vond er een landbouwrevolutie plaats. Jagers en verzamelaars veranderden langzaam aan in boeren, dit was ook het begin van de veeteelt. Mensen die bleven op een permanente woonplaats leven en waren geen nomaden meer, dit heet ook wel de sedentaire revolutie. Er kwamen ook nieuwe uitvindingen zoals de ploeg en het wiel.

    3.Het ontstaan van de eerste stedelijke gemeenschappen -De eerste steden waren aan het ontstaan. Door nieuwe irrigatiesystemen kon er ook akkerbouw ontstaan, hierdoor werden de oogsten groter en vond er bevolkingsgroei plaats. Door overschotten kwam de handel en specialisatie in opkomst.

Jaartallen:

Rond 200.000 v.C. = ontstaan homo sapiens (=denkende mens) Rond 80.000 v.C. = homo sapiens trok naar Azië Rond 40.000 v.C. = homo sapiens trok naar Zuid-Europa 11.000 v.C. = Neolithicum Tussen 10.000 en 3000 v.C. = Landbouwrevolutie Rond 10.000 v.C. = jagers en verzamelaars gingen zelf granen verbouwen Rond 7500 v.C. = mensen in Vruchtbare Halvemaan gingen vee houden (zoals geiten en schapen), dit was het begin van de veeteelt. Rond 7000 v.C. = verspreidde landbouwsamenleving zich naar India, Noord-Afrika en Europa (rond 6000 v.C.)  Rond 3000 v.C. = ging het neolithicum over in de bronstijd (= tijd wanneer brons is uitgevonden, belangrijk voor gereedschap en wapens) 1 / 4

Tussen 3500 en 3000 v.C. = de eerste steden ontstonden, met name in vruchtbare halve maan.3300 v.C. = eerste schrift werd uitgevonden (spijkerschrift) 3100 v.C. = Egyptenaren ontwikkelden hiërogliefen en er ontstond een groot Egyptisch rijk 2000 v.C. = ontstaan Babylonische rijk

TIJDVAK 2

OUDHEID

Grieken & Romeinen 3000 V.C. - 500 Na C.

Kenmerkende aspecten:

4.De ontwikkeling van wetenschappelijk denken en het denken over burgerschap en politiek in de Griekse stadstaat.-Athene was een stadstaat, ook wel een polis genoemd (= bestaat uit stedelijke kern en het omringende platteland). Grieken leefden in een landbouwstedelijke samenleving. Elke stadstaat had een eigen bestuur(svorm), munt en leger.Athene had een democratie: ‘regering voor het volk’. Niemand kon te veel macht veroveren en belangrijke beslissingen werden genomen door de volksvergadering (=Ekklèsia). Arme burgers konden ook deelnemen aan de volksvergadering, omdat ze geld kregen om deze bij te wonen. Socrates en Plato wilde liever een staat waar de filosofen de macht hadden omdat zij vonden dat het simpele volk niet in staat was om goede beslissingen te nemen.

5.De groei van het Romeinse imperium waardoor de Grieks-Romeinse cultuur zich in Europa verspreidde.-In de 4 e eeuw voor christus begon een grote Romeinse expansie. Het Romeinse rijk groeide uit tot een groot deel van Italië, het hele Middellandse zeegebied, delen van de Britse eilanden, het zuidelijk deel van het huidige Nederland en delen van Midden-Europa. Romeinen voerden een belastingstelsel in en dus namen de inkomsten toe. Rome beloofde bescherming in ruil voor gehoorzaamheid en levering van soldaten (bondgenootschappen). De romeinen behandelen volken edelmoedig, in de hoop dat de volken zich niet zouden verzetten. Het romeinse rijk werd geleid door magistraten (= mensen die tijdelijk een hoog ambt vervulden). Rome was in deze tijd een republiek. Door de groei van het Romeinse rijk verspreidde de Grieks-Romeinse cultuur zich in Europa (bijv. wegen, bruggen, forten en aquaducten).

6.De klassieke vormentaal van de Grieks-Romeinse cultuur -Veel van de Griekse cultuur kon worden overgenomen, omdat ontwikkelde Romeinen Latijn en Grieks spraken. Deze twee culturen worden vaak als één geheel beschouwd en dit wordt dan ook de klassieke oudheid genoemd (klassiek want deze cultuur is lang een voorbeeld geweest voor Europeanen).Aan de westkant van het rijk vond er veel romanisering plaats (= proces waarbij andere volken de Romeinse cultuur en taal overnamen). Het Romeinse Rijk werd steeds meer één geheel. 2 / 4

7.De confrontatie tussen de Grieks-Romeinse cultuur en de Germaanse cultuur van Noordwest-Europa.-Het Noorden en het westen van Europa werd bevolkt door Kelten en Germanen.Ze kregen te maken met de Romeinen en vochten een tijd lang tegen elkaar in Gallië, waar de Romeinen uiteindelijk wonnen. De grenzen bleven voor honderden jaren hetzelfde (omdat de Germanen toch wisten een Romeins leger te verslaan) en Germaanse volken werden uiteindelijk bondgenoten van de Romeinen. Germanen leefden nog in een landbouwsamenleving en waren veel minder ontwikkeld dan de Romeinen. Romeinen zagen de Germanen dan ook als barbaren. Germanen kregen steeds meer macht en namen de cultuur van de Romeinen over. De vernietigende nederlaag van de Romeinen was bij de slag bij Teutoburgerwoud.

8.De ontwikkeling van het jodendom en het christendom als de eerste monotheïstische godsdiensten -Jodendom was de eerste monotheïstische godsdienst (= geloof waarin één god centraal staat). Dit geloof staat beschreven in de Tenach en de joodse profeet was Mozes. De joden vereerden, in tegenstelling tot de Romeinen maar één god, Jahweh. Daarnaast kwam ook het christendom op. Hiervan is het heilige boek de bijbel met als profeet Jezus van Nazareth. Christen werden vervolg in het Romeinse rijk, omdat ze weigerden de keizer als god te vereren. De romeinen waren verdraagzaam tegenover veroverde volken, maar dienden wel hun goden en keizer te respecteren. Het Christendom groeide door, vanwege de goede organisatie, duidelijke regels en dat status en bezit onbelangrijk waren.Uiteindelijk is het christendom als staatsgodsdienst ingesteld. Mensen die anders geloofden werden ketters genoemd en opgepakt. In de 2 e eeuw bereikte het Romeinse Rijk zijn maximale omvang. Er begon een periode van wanorde.Uiteindelijk ontstond er het Oost-Romeinse Rijk met als hoofdstad Constantinopel en het West-Romeinse Rijk, met als hoofdstad Milaan. Het Oost-Romeinse Rijk is nog vele eeuwen een eenheid gebleven. Het West-Romeinse keizerrijk hield feitelijk op te bestaan door gebrek aan een waardige keizer.

Jaartallen:

500 v.C. = Athene was een stadstaat Vanaf 600 v.C. = probeerden Griekse onderzoekers een algemene theorie te ontwikkelen om natuurverschijnselen te verklaren 754 v.C. = Rome gesticht Tussen 58 en 50 v.C. had Julius Caesar heel Noord-Gallië (het huidige Frankrijk en België) veroverd.50 v.C. = Kelten en Germanen kregen te maken met de Romeinen 70 n.C. = Bataafse opstand, opstand van de Germanen tegen de Romeinen. Werd uiteindelijk door de Romeinen neergeslagen.285 n.C. = Romeinse rijk opgesplitst in een oostelijk een westelijk deel.300 n.C. = 10% van de Romeinen was Christen 392 = uitoefening van alle godsdiensten behalve het christendom werd verboden.476 = kwam het leger in het West-Romeinse (bestaande uit vele Germaanse Huurlingen onder leiding van Odoaker) in opstand en zetten zij keizer Romulus Augustus af. 3 / 4

Personen:

Socrates = was een klassiek Grieks Atheense filosoof. Hij wordt beschouwd als een van de stichters van de westerse filosofie, al liet hij zelf geen geschriften na. Hij leefde rond 400 v.Chr.Plato = was een Grieks filosoof en schrijver. leerling van Socrates en leraar van Aristoteles. Hij is één van de invloedrijke denkers in de westerse filosofie. Leefde rond 400 v.Chr. - 350 v.Chr.Alexander de Grote = bekendste heerser uit de Griekse periode. Onder zijn heerschappij verspreidde de Griekse cultuur zich over delen van Europa, Azië en Egypte. Leefde van 356-323 v.Chr.Gaius Julius Caesar = was een Romeins politicus, generaal en schrijver. Hij doorliep zowel een militaire als politieke loopbaan en werd na de verovering van Gallië en de daaropvolgende burgeroorlog tegen Pompeius dictator van het Romeinse Rijk. Door zijn bewind werd de Romeinse Republiek omgevormd tot het Romeinse Keizerrijk. Hij is geboren in 100 v.Chr en vermoord door verdedigers van de republiek in 44 v.Chr.Octavianus/Augustus = achterneef en opvolger van Julius Caesar. Augustus werd de eerste keizer van het Romeinse Keizerrijk. (63 v.Chr. – 14 n.Chr.) Koning David = Jeruzalem was de hoofdstad van het joodse rijk, onder leiding van Koning David.Constantijn de Grote = Was een Romeinse keizer en maakte een eind aan de christenvervolging en stelde het christendom gelijk aan andere religies (273 – 233 n.Chr.) Theodosius I = maakte christendom staatsgodsdienst van het Romeinse rijk. (347 – 395 n.Chr.)

TIJDVAK 3

VROEGE MIDDELEEUWEN

Monniken & ridders

500 – 1000

Kenmerkende aspecten:

9.De verspreiding van het Christendom in geheel Europa -Na dat het christendom was verheven als staatsgodsdienst gingen er steeds meer mensen over tot de verering van christus. De paus had de hoogste rang in het christendom. Door missionarissen werd het geloof door Europa verspreid. De franken waren het machtigste volk in Noordwest-Europa. Ze werkte nauw samen met de katholieke kerk, waardoor de katholieke variant van hat christendom dominant werd. Rond de 11 e eeuw groeide het christendom uit tot een waar volksgeloof met een enorme aanhang.

  • Het ontstaan en de verspreiding van de Islam
  • -De derde monotheïstische godsdienst ontstond, genaamd de Islam. De Koran is hiervan het heilige boek en Allah is hun god. De expansie van het islamitische rijk begon in 632 met de verovering van het Perzische Rijk en Egypte. Uiteindelijk kwam er in de islam een scheiding tussen Soennisme (= aanhangers van Aboe Bakr) en het Sjiisme (de aanhangers van Ali, neef van mohammed). Rond 700 werd er een islamitische munt ingevoerd en het Arabisch werd geïntroduceerd

  • / 4

User Reviews

★★★★★ (5.0/5 based on 1 reviews)
Login to Review
S
Student
May 21, 2025
★★★★★

With its in-depth analysis, this document helped me ace my presentation. Definitely a remarkable choice!

Download Document

Buy This Document

$1.00 One-time purchase
Buy Now
  • Full access to this document
  • Download anytime
  • No expiration

Document Information

Category: AQA PAPERS AND MARK SCHEME
Added: Dec 26, 2025
Description:

GESCHIEDENIS SE-week 3/ centraal examenstof Gebeurtenissen, jaartallen, personen, verplichte voorbeelden en kenmerkend aspecten. (examenoverzicht boekje en eventuele aanvullen meneer de koning) *= ...

Unlock Now
$ 1.00