• wonderlic tests
  • EXAM REVIEW
  • NCCCO Examination
  • Summary
  • Class notes
  • QUESTIONS & ANSWERS
  • NCLEX EXAM
  • Exam (elaborations)
  • Study guide
  • Latest nclex materials
  • HESI EXAMS
  • EXAMS AND CERTIFICATIONS
  • HESI ENTRANCE EXAM
  • ATI EXAM
  • NR AND NUR Exams
  • Gizmos
  • PORTAGE LEARNING
  • Ihuman Case Study
  • LETRS
  • NURS EXAM
  • NSG Exam
  • Testbanks
  • Vsim
  • Latest WGU
  • AQA PAPERS AND MARK SCHEME
  • DMV
  • WGU EXAM
  • exam bundles
  • Study Material
  • Study Notes
  • Test Prep

SLIDES CASUSCOLLEGE - SLIDES CASUSCOLLEGE Week 1 Opdracht 1 Is de Ita...

Class notes Dec 27, 2025 ★★★★★ (5.0/5)
Loading...

Loading document viewer...

Page 0 of 0

Document Text

Europees Recht – Werkgroepen

SLIDES CASUSCOLLEGE

Week 1 Opdracht 1 Is de Italiaanse uitvoerheffing (tarifaire heffingen) verenigbaar met EU recht?

Art. 28 en 30 VWEU: heffingen zijn verboden.

Stap 1: De eerste vraag gaat over welke vrijheid in het geding is. Uit HVJ-commissie t. Italië volgt de rechtsregel dat goederen alle op geld waardeerbare zaken zijn, die voorwerp kunnen vormen van handelstransacties. Ook runderen, die als zaken kunnen worden beschouwd volgens art. 3:2a lid 2 BW vallen hieronder en zijn dus goederen.Stap 2: Hierna kijken we of het gaat om een interne situatie of een grensoverschrijdend element (geen zuiver interne situatie), dus Europees recht is van toepassing. Het transport van slachtrijpe runderen van Italië naar Oostenrijk is interstatelijk en dus is het unierecht van toepassing.Stap 3: Daarna de vraag of er sprake is van harmonisatie, zijn er Europese regels, is er secundaire regelgeving (alles behalve de verdragen, dus richtlijnen). Belangrijk voor welke regels van toepassing zijn. De harmonisatie gaat alleen over de inspectie (non-tarifaire belemmering). De harmonisatie ziet dus niet op de heffingen.Stap 4: Daarna kijken of er sprake is van een belemmering. Het gaat hier om een tarifaire belemmering, want er is sprake van een eenzijdig opgelegde geldelijke last. Tarifaire heffing, want er wordt gewoon gezegd wat je moet betalen.Deze moet getoetst worden aan art. 30 VWEU (concrete direct werkende verbod). Heffing van gelijke werking: elke eenzijdig opgelegde geldelijke last, ongeacht de benaming of de structuur ervan, die wegens grensoverschrijding over goederen wordt geheven en geen douanerecht stricto sensu is (Haahr Petroleum). Het gaat om een 5% heffing van gelijke werking als uitvoerheffing en dus in beginsel verboden. In beginsel zijn tarifaire heffingen dus verboden op grond van art. 30 VWEU. Maar er kan een rechtvaardiging zijn en dat moet de lidstaat bewijzen, degene die hem aanvecht alleen dat het een belemmering is.Stap 5: Er zijn twee uitzonderingen wanneer geen sprake is van art. 30 VWEU en de heffing wel verenigbaar is met het EU recht. De eerste uitzondering vloeit voort uit HvJ Commissie t. Luxemburg.Maar het gaat hier niet om een service (dienst verlenen) die de lidstaat biedt, dus van de eerste uitzondering is geen sprake. Vrijwillige dienst en dan vergoeding voor vragen.De tweede uitzondering volgt uit HvJ Bauhuis. Er zijn twee cumulatieve criteria. Er is sprake van een uniforme toepassing van een verplichte regel van EU recht, dit betekent dat de heffing door iedereen gelijk wordt toegepast, hiervan is sprake want het gaat om een Europese richtlijn. En de vergoeding is enkel kostendekkend. De vergoeding mag de gemaakte kosten niet overschrijden en als dat wel het geval is is de hele heffing verboden. Uit de casus kan je opmaken dat het geinde bedrag meer is dan de gemaakte kosten, dus aan dit criterium is niet voldaan. Wel een verplichte controle maar de vergoeding heeft daar niks mee te maken. De kosten die Italië in rekening brengt, overschrijden de werkelijke kosten van de inspecties.Stap 6: Dus het is een tarifaire heffing en in strijd met art. 30 VWEU. De uitvoerheffing is niet verenigbaar met EU-recht.Opdracht 2 Stap 1: Het gaat om het vrije verkeer van goederen, want evenhoevigen zijn op geld waardeerbaar en kwalificeren dus als goederen (Commissie tegen Italië).Stap 2: Het gaat om transport van lidstaten naar Frankrijk en het is dus interstatelijk en een grensoverschrijdende situatie, het EU recht is dus van toepassing.Stap 3: Het gaat om een richtlijn die het uitvoeren van de inspecties op 10% harmoniseert, maar niet de hoogte van de vergoeding of controle op alle te importeren evenhoevigen. De Europese regel harmoniseert alleen de inspectie en niet de kosten. De vraag is of de betaling geharmoniseerd is en dat is niet het geval. Dus geen harmonisatie.Stap 4: Het gaat in de casus om twee maatregelen. 1 / 3

Maatregel 1: de kosten die worden verhaald op importeurs wegens verplichte controles op de import van evenhoevigen (10%) Het gaat hier om een tarifaire belemmering art. 30 VWEU. Want je moet betalen om de goederen de grens over te krijgen. Het gaat hier om een heffing van gelijke werking, want het is geen strikt douane recht maar geldelijke last vanwege een grensovergang.Dus in beginsel is het verboden, maar kijken of er sprake is van een uitzondering rechtvaardiging, Bauhuis uitzonderingen. Reële kosten die door de Europese wetgeving zijn opgelegd. Het gaat om een controle op basis van een uniforme regel, een Europese richtlijn. En de vergoeding mag enkel kostendekkend zijn. Hieraan is ook voldaan want enkel de kosten verbonden aan de inspecteurs worden doorberekend aan de importeurs. De 10% en de kosten daarvan zijn verenigbaar met Europees recht  Deze maatregel is geen heffing van gelijke werking als bedoeld in art. 30 VWEU en dus toegestaan.Maatregel 2: de extra kosten worden verhaald op de importeurs wegens het besluit van de Franse regering om uitgebreidere controles uit te voeren (100%).Ze beslissen het zelfstandig dus niet conform de richtlijn. De inspectie gaat verder dan dat de richtlijn vereist, Europa zegt 10% en Frankrijk zegt 100%. De vereiste van Bauhuis is al niet voldaan want Europa verplicht niet dat 100% gecontroleerd wordt, dus er is geen uitzondering en geen rechtvaardiging dus verboden. Het gaat niet om een door de EU verplichte maatregel.Extra vraag: moeten de binnenlandse producten ook betalen of niet. Bepalen of je naar art. 30 VWEU of 110 VWEU. Want als het ook wordt verhaald op de nationale veehouders dan gelden er twee andere uitzonderingen, sluit art. 30 VWEU uit en gaat misschien om een binnenlandse belasting.Iets valt onder art. 30 of art. 110 VWEU. Kan niet allebei. Als je art. 30 op alle belastingen toepast dan zou je alle belastingen verbieden en die heb je wel nodig. Als belasting op iedereen gelijk drukt dan heeft het geen druk op de interne markt, concurrentie vermogen en dus niet gevaarlijk voor het vrije verkeer. Maar interne belastingen kan je ook gebruiken om je eigen handel te beschermen en te discrimineren.Art. 110 VWEU heeft twee verboden -Discriminatieverbod: verbieden dat lidstaten een hogere belasting heffen voor buitenlandse goederen. Directe discriminatie tussen dezelfde producten. Buitenlandse auto’s 40% en binnenlandse 20%.-Protectionismeverbod: bepaalde producten minder aantrekkelijk die je zelf minder produceert.Producten die met elkaar concurreren dan verschillend behandelen, bijvoorbeeld bier en wijn.10% heffen voor bier en 20% voor wijn. Als wijn heel veel duurder wordt ga je meer bier drinken en dit beschermen via belastingen mag ook niet (indirecte discriminatie).Zit je onder art. 30 of art. 110 VWEU: heffing alleen of meer rust op buitenlanders dan op art. 30 VWEU. Als heffing volstrekt gelijk is voor beide partijen zit je onder 110 VWEU. Zodra de heffing alleen rust op buitenlanders dan art. 30. Rust het op allebei maar is het niet eerlijk dan op art. 110 VWEU.1 e buitenlandse boeren en binnenlandse boeren betalen precies hetzelfde voor de inspectie, dan art. 110 VWEU.2 e hoeven binnenlandse boeren de inspectie niet te betalen dan zit je onder art. 30 VWEU.Extra vraag Vraag: zijn de kosten die Nederland in rekening brengt voor de inspecties verenigbaar met EU recht.

  • Het gaat om import van olijfbomen. Dit zijn geld op waardeerbare zaken (Commissie tegen Italië)
  • en dus gaat het om goederen.

  • Het gaat niet om een zuiver interne situatie. Want het gaat om de import vanaf andere lidstaten naar
  • Nederland. 2 / 3

  • Harmonisatie: verplicht om 15% van de olijfbomen te inspecteren harmonisatie maar geen
  • harmonisatie op de kosten. Wel harmonisatie op de controle. Daarna besluit NL zelfstandig om alle olijfbomen te inspecteren.

  • Dus tarifaire heffing voor de 15%.
  •  art. 110 of art. 30 VWEU.

  • De kosten worden hiervoor verhaald en het is verplicht door EU recht, dus de Bauhuis uitzondering
  • gaat op. 100% inspectie valt niet onder de Bauhuis uitzondering dus verder kijken.Als alleen buitenlandse importeurs betalen dan kijken naar art. 30 VWEU, is de heffing verboden of niet. Stel dat Nederlandse importeurs ook moeten betalen, dan kijk je naar art. 110 VWEU. Komt de heffing dan in strijd met art. 110 VWEU of niet. Olijfbomen zijn gelijke producten en kijken naar 110 lid 1 VWEU. In principe betalen de Nederlandse importeurs ook, maar er zit een terugbetaling in en daardoor is het een discriminatoire belasting. Dus eigenlijk betalen buitenlanders dubbel zo veel. Als Nederland 100% zou terugkrijgen en dus eigenlijk niks betaald dan kijk je onder aan de streep en dan betalen Nederlandse producenten niks en gaat het om een invoerheffing en kijk je naar art. 30 VWEU. Als je 99% teruggeeft kijk je weer naar 110 VWEU.Week 2 Opdracht 1 Inventarisatie van maatregelen

  • Donateur dienen woonachtig te zijn op max 50 km afstand van het ziekenhuis
  • Stap 1: Goederen alle op geld waardeerbare zaken welke voorwerp kunnen vormen van handelstransacties (commissie tegen Italië). Bloed/bloedplasma kwalificeren als goederen Stap 2: Ja de maatregel beïnvloed de mate waarin bloedbanken uit andere lidstaten bloed/bloedplasma kunnen aanbieden op de Chocowaakse markt

Stap 3: Nee, dus de verdragsbepalingen zijn van toepassing

Stap 4: Ja, er is hier sprake van een non-tarifaire belemmering van het vrij verkeer van goederen die moet worden getoetst aan art. 34 VWEU. Maatregel van gelijke werking is iedere overheidsmaatregel die direct of indirect, daadwerkelijk of potentieel de intracommunautaire handel kan belemmeren (Dassonville). Het is een maatregel van gelijke werking zonder onderscheid, aangezien de maatregel rechtens geldt voor alle marktdeelnemers Stap 5: Rechtvaardiging op basis van art. 36 VWEU of de rule of reason (cassis de Dijon). In casu vormt de volksgezondheid een rechtvaardigingsgrond. De maatregel is echter niet proportioneel, want niet noodzakelijk. De kwaliteit/versheid van het bloed kan ook op minder vergaande manieren gegarandeerd worden.

Stap 6: MGW zonder onderscheid die art. 34 VWEU schendt

  • Certificaat wordt enkel afgegeven door het instituut voor bloedtransfusie in KROKO
  • Stap 1-3 zie maatregel 1 Stap 4: Ja, het certificaat kan enkel worden verkregen bij het instituut voor bloedtransfusie in de hoofdstad van Chocowakije, Kroko. Het zal voor buitenlandse producenten moeilijk zijn het certificaat te verkrijgen. Het is een maatregel van gelijke werking zonder onderscheid, aangezien de maatregel rechtens geldt voor alle marktdeelnemers Stap 5: Rechtvaardiging op basis van art. 36 VWEU of rule of reason (Cassis de Dijon). In casus vormt de volksgezondheid een rechtvaardigingsgrond. De maatregel is echter niet proportioneel, want niet noodzakelijk. Een mogelijk alternatief zou zijn afgifte door vergelijkbare instanties in andere lidstaten

Stap 6: MGW zonder onderscheid die art. 34 schendt

  • Etiket waarop staat ‘door echte chocowaken voor echte chocowaken’
  • Stap 1-3 zie maatregel 1 Stap 4: Ja, het is een maatregel van gelijke werking met onderscheid, aangezien er formeel onderscheid wordt gemaakt op basis van nationaliteit.Stap 5: Rechtvaardiging enkel mogelijk op basis van art. 36 VWEU. In casus vormt de volksgezondheid een rechtvaardigingsgrond. De maatregel is echter niet proportioneel, want niet geschikt. De maatregel draagt niet bij aan de bevordering van de volksgezondheid

  • / 3

User Reviews

★★★★★ (5.0/5 based on 1 reviews)
Login to Review
S
Student
May 21, 2025
★★★★★

I was amazed by the practical examples in this document. It helped me ace my presentation. Truly superb!

Download Document

Buy This Document

$1.00 One-time purchase
Buy Now
  • Full access to this document
  • Download anytime
  • No expiration

Document Information

Category: Class notes
Added: Dec 27, 2025
Description:

Europees Recht – Werkgroepen SLIDES CASUSCOLLEGE Week 1 Opdracht 1 Is de Italiaanse uitvoerheffing (tarifaire heffingen) verenigbaar met EU recht? Art. 28 en 30 VWEU: heffingen zijn verboden. Sta...

Unlock Now
$ 1.00