1 Statistiek hoorcolleges en gelezen hoofdstukken samen
Week 1
Wat is statistiek?= feiten of gegevens van statistische aard. Zoals statistieken van geboorten en sterfgevallen tijdens coronacrisis.= discipline die zich bezighoudt met het beschrijven (niet verzamelen) en analyseren van data.
Waarom statistiek?Niet nodig in de exacte wetenschap. Het is belangrijk in onderzoek naar gedrag want gedrag is variabel > mensen doen nooit twee keer hetzelfde. Statistiek is slechts ene onderdeel van de empirische cyclus (het onderzoeksproces). Het wordt gebruikt (waar we nu naar kijken) om bepaalde vraagstukken/onderzoeksvragen te beantwoorden.Voorbeeld: in hoeverre zijn scheldwoorden van invloed op hoe een advertentie wordt beoordeeld.Hoe kan je dat onderzoeken?
- Vragen aan mensen om advertenties met scheldwoorden te beoordelen.
- Onmogelijk om van alle mensen te weten hoe ze alle advertenties met scheldwoorden
- Met statistiek worden kleinere groepen onderzocht want het is niet mogelijk om de gehele
- De resultaten gelden niet voor iedereen
Wat is de rol van de statistiek?
beoordelen (en bijvoorbeeld te vergelijken met advertenties zonder scheldwoorden).Als dat wel kan heb je geen statistiek meer nodig. Want kan je bijv. de uitkomsten/cijfers vergelijken en that’s it.
groep te onderzoeken > niet optimaal.
Statistiek heb je nodig om te generaliseren naar grote groepen.Hoe groot is de kans dat het resultaat wat je gevonden hebt voor een kleine groep (steekproef), ook geldt voor vergelijkbare groepen.Dat maakt het dat representatieve groepen belangrijk zijn > bepaalt of je wel/niet kan generaliseren.
Een onderzoek opzetten Statistiek is enkel een onderdeel van het onderzoekproces
- Statistiek werkt niet in het geval van een slecht onderzoek > je kan geen valide en
- Hoe te beginnen? (Figuur 1.2)
betrouwbare conclusies trekken.Belangrijk is om het onderzoek dus op een goede manier op te zetten.
1. Observatie: als onderzoeker valt je iets op en wil daar meer over weten
2. Theorie raadplegen: op basis van je observatie heb je bepaalde verwachtingen
3. Hypotheses en verwachtingen opstellen: formuleren van toetsbare
hypotheses/verwachtingen
- Verzamelen van data: toetsen van de hypotheses 1 / 4
2
- Analyseren van data: komen de verwachtingen uit? > evalueren van de resultaten
Voorbeeld scheldwoorden
- Observatie: ik zie steeds meer advertenties met scheldwoorden voorbijkomen. Hoe reageren
mensen hierop? Werkt dit zoals wordt gedacht? Praktijkvoorbeeld.
Wanneer je een initial observation hebt gedaan en een hypothese hebt ga je data verzamelen om te kijken of je hypothese waar is op dat het een biased observation is.Biased observation: de neiging van een observator om alleen de dingen te zien die de observator wil of verwacht te zien.
2. Theorie: je gaat het koppelen met wat er al bekend is.
Theorie: een verondersteld algemeen principe of verzameling van principes waarmee waarnemingen verklaard kunnen worden en van waaruit nieuwe verwachtingen of hypotheses opgesteld kunnen worden Zodra je een theorie hebt kan je wellicht een hypothese opstellen (ook op basis van je observation).
Scheldwoorden vallen meer op dan niet-scheldwoorden
- Hypotheses en verwachtingen opstellen
Hypothese: de beste voorspelling of een voorlopige verklaring/oplossing van een probleem.Kan afgeleid zijn uit de onderzoeksliteratuur, een theorie of uit observaties. Moet in principe 2 / 4
3 verworpen (gefalsificeerd) of bevestigd kunnen worden (de hypothese wordt getoetst, niet het probleem o.i.d.).
Een theorie legt een ruime selectie van een fenomeen met een reeks gevestigde principes, waar een hypothese probeert een kleiner fenomeen uit te leggen en is nog niet getest.Zowel de theorie als hypothese horen bij het conceptueel domein (figuur 1.2) en je kan ze niet direct observeren.
Eén falsificatie is sterker dan een oneindig aantal bevestigingen: een bevestiging laat nog altijd de mogelijkheid open (data kan erbij komen en kan je hypotheses falsificeren). Stel je hypothese is ‘’alle zwanen zijn wit’’
- Een hypothese ‘bewijzen’ op basis van verificaties is onmogelijk omdat je nooit kunt weten
- Het is wel mogelijk om aan te tonen dat een hypotheses onjuist is: falsificatie.
wat je nog niet geobserveerd hebt.
Verder met praktijkvoorbeeld: hypotheses in advertenties met scheldwoorden vallen meer op dan advertenties zonder scheldwoorden > specifieker Mensen zijn geneigd om producten in advertenties met scheldwoorden sneller te kopen dan producten in advertenties zonder scheldwoorden.Belangrijk is om je variabelen te identificeren, in dit geval advertenties met en zonder scheldwoorden is de variabel.
Stap 3 (zie ook figuur 1.2) is het stellen van een hypothese (je gaat dus stap 1 kaderen door middel van de theorie die je bij stap 2 hebt vergaard). Het is een conceptuele uitspraak en legt dus je eerste stap (observation) uit. Om de hypothese te testen ga je verder naar het tweede domein (observable domain). Je moet je hypothese operationaliseren (meetbaar maken) op een manier dat je gegevens kan verzamelen en analyseren > dit doe je door middel van predictions (stap 4). Een prediction ontstaat dus uit een hypothese en verander je in ‘iets’ dat meetbaar en observeerbaar is > je kan bewijs gaan verzamelen.Voorbeeld
- Hypothese: mensen met een narcistische persoonlijkheid gebruiken reality tv om hun
- Prediction: mensen met een narcistische persoonlijkheid doen eerder (more likely) auditie
cravings te voldoen door middel van aandacht van anderen.
voor een reality TVshow om hun cravings te voldoen door middel van aandacht van anderen.Bevolkingspercentage narcistische personen is 1% > kijken of dit % hoger of lager is. Wanneer het hoger is dan is je prediction correct > disproportionate number > onevenredigheid, gebrek aan juiste verhoudingen.De volgende stap is het verzamelen van data door middel van het testen van je predictions > laatste stap is het analyseren van je data en bepalen of je predictions correct of incorrect is.
- Verzamelen van data
- Experimenteel vs. Correlationeel/cross-sectioneel onderzoek
Verschillende onderzoeksbenaderingen
o Experimenteel: je probeert alles constant te houden maar het gene wat je
interesseert ga je variëren (1 variabele). Oorzaak-gevolgrelaties identificeren door gecontroleerde experimenten.
- Correlationeel: je gaat kijken naar patronen in de data. Beschrijvend onderzoek dat
- Kwalitatief vs. Kwantitatief onderzoek 3 / 4
verschijnselen, gebeurtenissen of situaties in kaart brengt > wat er van nature in de wereld gebeurt zonder je er direct mee te bemoeien.
4
- Kwalitatief: verzamelen en interpreteren van niet-numerieke data (bv. Foto’s,
- Kwantitatief: verzamelen en interpreteren van numerieke data. Generaliseren is
uitspraken, dagboeken enz.). Geen ambitie om te generaliseren > bijvoorbeeld om een beeld te scheppen > niet zozeer om te zeggen dit geldt voor iedereen.
belangrijk. Met voorbeeld van scheldwoorden uit op experimenteel kwantitatief onderzoek. Het gaat bij statistiek vaak om kwantitatieve data.
Onderzoeksontwerp Betreft de structuur van het onderzoek en dataverzameling. Afhankelijk van de (soort) onderzoeksvragen.
- Correlationeel onderzoek > je bent vooral aan het kijken naar observaties. Hoe hangen deze
- Surveys (peilingsonderzoek): vaardigheidsniveaus, opinies, attitudes, samenhangen
- Experiment > je bent iets aan het manipuleren als onderzoeker.
- Speciale taken of condities, behandelingen etc.
- Verschillende mate van ‘controle’ en randomisering.
verschillende aspecten (correlaties) samen.
(correlaties) tussen eigenschappen, etc.
Voorbeeld: onderzoek naar het leren van Nederlandse uitdrukkingen door tweedetaalleerders
- Nederlandse idiomatische uitdrukkingen: het loodje leggen, onder de knie krijgen, tegen de
lamp lopen.Hypothese: intensief oefenen met behulp van een computerprogramma helpt bij het leren van uitdrukkingen
- Condities: training (groep 1) en geen training (groep 2)
- Metingen: testen van de kennis van uitdrukkingen vooraf (pre-test) vergeleken met achteraf
(post-test) Op deze manier kan je heel gedetailleerd naar het effect van de training kijken > je manipuleert dus iets > experimenteel onderzoek want je grijpt in als onderzoeker.
Kijken naar praktijkvoorbeeld > verzamelen van data Hoe?Personen advertenties met en zonder scheldwoorden laten beoordelen op verschillende aspecten
o Bijvoorbeeld: ik zou dit product willen kopen (schaal 1-5)
- Ik vind deze advertenties onaangenaam (schaal 1-5)
Experiment Je hebt twee groepen advertenties: met en zonder scheldwoorden. Te meten variabele: koopintentie. Dit is kwantitatief van aard.
- Analyseren/evalueren van data
Hier komt de statistiek pas kijken.
Maar wat te evalueren?
- Scores per groep advertenties.
Je kan je hypothese falsificeren of verifiëren van de hypothese (toetsen).Het is belangrijk dat de uitkomsten aanleiding geven om de theorie te herzien en de stappen opnieuw doorlopen. Afhankelijk van hoe je hypothese formuleert kan je zowel falsificeren of verifiëren. Een theorie moet altijd te falsificeren zijn want anders kan je geen hypothese toetsen.
Wat kan je niet doen met statistiek?
- / 4