• wonderlic tests
  • EXAM REVIEW
  • NCCCO Examination
  • Summary
  • Class notes
  • QUESTIONS & ANSWERS
  • NCLEX EXAM
  • Exam (elaborations)
  • Study guide
  • Latest nclex materials
  • HESI EXAMS
  • EXAMS AND CERTIFICATIONS
  • HESI ENTRANCE EXAM
  • ATI EXAM
  • NR AND NUR Exams
  • Gizmos
  • PORTAGE LEARNING
  • Ihuman Case Study
  • LETRS
  • NURS EXAM
  • NSG Exam
  • Testbanks
  • Vsim
  • Latest WGU
  • AQA PAPERS AND MARK SCHEME
  • DMV
  • WGU EXAM
  • exam bundles
  • Study Material
  • Study Notes
  • Test Prep

Tip: maak de oefenexamens die beschikbaar zijn gesteld door Drogisterijcollege.nl.

Class notes Dec 27, 2025 ★★★★★ (5.0/5)
Loading...

Loading document viewer...

Page 0 of 0

Document Text

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Kennismaking.............................................................................................................................2 Hoofdstuk 2 Nederland..................................................................................................................................3 Hoofdstuk 3 Communicatie............................................................................................................................5 Hoofdstuk 4 Pijnstillers..................................................................................................................................7 Hoofdstuk 5 Ademhaling..............................................................................................................................19 Hoofdstuk 6 Spijsvertering...........................................................................................................................26 Hoofdstuk 7 Huid.........................................................................................................................................35 Hoofdstuk 8 Wetgeving................................................................................................................................45

Tip: gebruik de kaartjes die staan in de leeromgeving.

Tip: maak de oefenexamens die beschikbaar zijn gesteld door Drogisterijcollege.nl.Tip: maak gebruik van de online examentraining een paar dagen voor aanvang van het examen.

1 1 / 4

Hoofdstuk 1 Kennismaking UAD = uitsluitend apotheek en drogist.VWS = ministerie van volksgezondheid, welzijn en sport.2007 = geneesmiddelenwet.RVG = registratie verpakte geneesmiddelen.CBG = college ter beoordeling van geneesmiddelen.Belangrijkste voor CBG = eventuele bijwerkingen en risico’s van een geneesmiddel.UR = uitsluitend op recept (via de arts).UA = uitsluitend in de apotheek.UAD = uitsluitend bij apotheek en drogist.AV = algemene verkoop.Toedieningsvormen = bijvoorbeeld tablet, siroop of capsule.Hulp- of vulstoffen = worden gebruikt om de smaak te verbeteren, er een bepaalde kleur aan te geven of als bindmiddel.Ter hand stellen = officiële term voor het verkopen van of aanbieden van geneesmiddelen.Zelfzorggeneesmiddelen = geneesmiddelen die in de drogisterij verkrijgbaar zijn.Geen diploma? = geen advies!Medisch advies = geeft de apotheker/is een zorgverlener.Geen medisch advies = (assistent) drogist.Minimaal 2 maanden = houdbaarheidsdatum controleren bij ontvangst medicijnen.Medicijnen bewaren = maximaal 20 graden.Apotheker verkoop medicijnen = UR, UA, UAD, AV.Drogist verkoop medicijnen = UAD, AV.Geen gediplomeerd drogist verkoop medicijnen = alleen AV.Medische hulpmiddelen en voedingssupplementen = vallen onder de warenwet.Medische hulpmiddelen = middelen die de gezondheid ondersteunen (zoals pleisters, crème).Herkenning geneesmiddel in drogisterij = RVG-nummer en afkorting UAD of AV.Herkenning medisch hulpmiddel (Medical Device) = CE-markering.Voedingssupplement = aanvulling (vitaminen, mineralen).VMS = vitamines, mineralen en sporenelementen.Aangeving voedingssupplement op verpakking = voedingssupplement, een evenwichtige voeding bevat voldoende vitamines en bedoeld als aanvulling op de voeding.ADH = aanbevolen dagelijkse hoeveelheid.Werkzame stof uit de natuur = natuurlijke grondstoffen.Homeopathische geneesmiddelen = plantaardige, dierlijke of minerale grondstoffen.RVH = registratie van homeopathische geneesmiddelen.St. Janskruid = natuurlijk middel tegen milde tot matige depressieve klachten met mogelijke bijwerkingen zoals moeheid, duizeligheid, hoofdpijn. Mag niet gebruikt worden bij bloedverdunners, epilepsie, hartklachten, bepaalde soorten ‘’de pil’’, maagzuurremmers.

2 2 / 4

Hoofdstuk 2 Nederland 1865 = bestaan drogisterij.BIG en NAN-normen = daar heeft de apotheek mee te maken.BIG = beroepen in de individuele gezondheidszorg.NAN = Nederlandse apotheek norm.Drogmetica = woord gevormd uit drogisterij en cosmetica.Taak assistent-drogist = voorlichting (zelfzorgvoorlichting of verantwoorde zorg).Bijsluiter = hier staat alle belangrijke informatie op zoals (1) de aard of wat voor soort, (2) het doel, (3) de gevolgen en (4) eventuele risico’s.Indicatie = waar het geneesmiddel voor bedoeld is.Contra-indicatie = wanneer een geneesmiddel niet gebruikt mag worden.Dosering = de hoeveelheid die iemand van het geneesmiddel maximaal per keer of dag mag gebruiken is afhankelijk van de werkzame stof, de sterkte maar ook de leeftijd.Bijwerkingen en risico’s = onbedoelde werking die de werkzame stof met zich meebrengt.Waarschuwingen = risico’s bij het gebruik van een geneesmiddel. Op elke buitenverpakking staat ‘’buiten bereik van kinderen houden’’.Houdbaarheid en bewaren = ‘’niet gebruiken na’’ of ‘’exp.’’ op de buitenverpakking.THT = tenminste houdbaar tot.CBG = college ter beoordeling van geneesmiddelen.Bijsluiter = naam geneesmiddel, sterkte geneesmiddel, farmaceutische vorm (toedieningsvorm) en gebruik van geneesmiddel.Verschillende termen = zuigelingen, kinderen of volwassenen.Chargenummer = productienummer of partijnummer. Geeft informatie weer wanneer het product is gemaakt en eventueel door wie.Toedieningsaard = wat voor soort geneesmiddel het is. Bijvoorbeeld tube crème, poeder, buisjes of tabletjes.Toedieningsvorm = de vorm waarin een geneesmiddel is gemaakt (farmaceutische vorm).Tablet = een poeder wat machinaal wordt samengeperst tot een tablet.Zitten meestal in een doordrukstrip (blister).Soms zit er een breukstrip op een tablet om het gemakkelijk te breken.

Bijvoorbeeld: roter paracetamol.

Bruistablet = een tablet die je eerst moet oplossen in water voordat je deze kunt innemen.

Als de tablet in water wordt gedaan komen er bubbeltjes vrij: koolzuurgas.

Bruistabletten bevatten Natrium, dit zorgt samen met het zuur voor het bruisende effect.Natrium is een zout en dit mag niet gebruikt worden door mensen met een hoge bloeddruk of bij een zoutarm/zoutloos dieet.Bruistabletten worden vaak gebruikt door mensen die moeilijk een tablet kunnen slikken.

Bijvoorbeeld: aspro bruis.

Smelttablet = een tablet die smelt op de tong waarbij een werkzame stof vrijkomt.Worden gemaakt van granulaat en kunnen zonder water worden gebruikt.Wordt vaak gebruik gemaakt van suiker om de smaak te verbeteren.

Bijvoorbeeld: imodium.

3 3 / 4

Capsule = omhulsel gemaakt van gelatine met een werkzame stof erin.Kan een poeder zijn maar ook een vloeibare oplossing.Gelatinelaagje lost op in de maag waarna de werkzame stof vrijkomt en wordt opgenomen.Bijvoorbeeld: advil liquidcaps. In de vloeistof zit de werkzame stof ibuprofen al opgelost.Dragee = tablet met een of meerdere suikerlaagjes eromheen.Door het gladde laagje kan het makkelijker worden ingenomen.Het laagje beschermt ook de werkzame stof tegen lucht en vocht.Er kunnen door het suikerlaagje, slecht smakende werkzame stoffen gecamoufleerd worden.Wees altijd alert op diabetici die een geneesmiddel in drageevorm willen gebruiken.

Bijvoorbeeld: nurofen.

Poeders = een fijn vermalen geneesmiddel.Kan uitwendig worden gebruikt als strooipoeder zoals bij voetschimmel.Kan opgelost worden in water zoals bij hoofdpijn.Handig voor mensen die moeite hebben met het slikken van tabletten of capsules.Poeder zit meestal handig verpakt in een zakje dat per dosering te gebruiken is.Zo’n zakje wordt een sachet genoemd.

Bijvoorbeeld: DARO hoofdpijnpoeders of dermacure poeder tegen

zwemmerseczeem.Granules = dit zijn kleine korreltjes.De basis is een fijn poeder wat machinaal verwerkt wordt tot kleine korreltjes.Soms zijn de korreltjes wat groter gemaakt (dan wordt het granulaat genoemd).Meestal worden deze korreltjes onder of op de tong gelegd en worden ze langzaam opgezogen.

Bijvoorbeeld: oscillococcinum.

Crème, zalf of gel = worden over het algemeen uitwendig gebruikt, maar soms ook inwendig zoals een gel voor in de mond.Zalf = bevat alleen vetstoffen (water in olie). Huid voelt vet aan.Crème = olie in water mengsel. Huid voelt niet vettig aan.Gel = bevat bijna geen vettige stoffen en is vaak op basis van water. Meer geschikt voor een behaarde huid.

Bijvoorbeeld: tantum crème, zinkzalf en SRL-gelei.

Emulsie = een vloeibaar mengsel van twee of meer (vloei-)stoffen.Voor gebruik moet een emulsie goed geschud worden om de (vloei-)stoffen te laten mengen.Dit is mogelijk door een emulgator.

Bijvoorbeeld: calendulan emulsie.

Zetpil = een pil die niet via de mond maar via de anus wordt ingenomen (anaal of rectaal).De spitse kant van de zetpil is de bovenkant en deze wordt rechtop ingebracht.

  • / 4

User Reviews

★★★★★ (5.0/5 based on 1 reviews)
Login to Review
S
Student
May 21, 2025
★★★★★

The comprehensive coverage offered by this document helped me ace my presentation. A impressive purchase!

Download Document

Buy This Document

$1.00 One-time purchase
Buy Now
  • Full access to this document
  • Download anytime
  • No expiration

Document Information

Category: Class notes
Added: Dec 27, 2025
Description:

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Kennismaking.............................................................................................................................2 Hoofdstuk 2 Nederland..............

Unlock Now
$ 1.00