TOXICOLOGIE – 1
E
MASTER 2022-2023
1 / 42
Stof Etiologie Toxiciteit/bron Pathogenese Symptomen/Letsels Diagnose/Behandeling Nitreuze gassen
NO2 – NO – N2O3 –
N2O4
Kenmerken:
- Oranje, bruine
- Zwaarder dan
kleur (kleurloos in pure vorm)
lucht
Bronnen:
- Industrie: reactie HNO3
met organisch materiaal
- Verbranding motoren
- Lekken HNO3 in
luchtwassers
→ contact lucht/licht: NO2
- Onvolledige reductie
nitraten, vnl in silo’s
- Pens: reductief milieu
Proces voor kuil:
- Opslag nitraat in maïs →
NO3 - → nitreuze gassen → NH3 → fermentatie → melkzuur → pH → goede, stabiele kuil
De reactie:
NOx + H2O → HNO3 of HNO2
Hoe reageert het:
Nitreuze gassen + H2O (thv mucosae) → salpeterzuur → direct etsend
Salpeterzuur kan ook neerslaan thv gras → etsing GIS
Met alkaliën → nitrieten:
- hoge c = vasodilatatie
- lage c = methemoglob
- Symptomen:
- - Irritatie slijmvliezen
- (tranenvloei, conjunctivitis,
- rhinitis…)
- - Methemoglobinemie
- - Cyanose
- - Verstikking
Behandeling: symptomatisch
- Verse lucht voorzien
- Na longletsels: therapie
niet meer zinvol
→ Longoedeem: diuretica
→ Hartproblemen:
cardiotonica
→ Preventief AB tegen pneumonie
→ Eventueel cortico’s voor inflammatie Chloor en chloorverbindingen
Voorkomen:
- Desinfectantia
(hypochloriet in zwembaden, reinigen melkmachines/ koeltanks)
- Chloorgas Cl2: industrie
Chloor is sterk oxidatief:
- Zuurstof inbrengen of
waterstof onttrekken
Wat doet chloor na inhalatie:
- Lokaal: oxidatief → HCl
→ etsend (vnl. ADH)
- Systemisch: Resorptie Cl-
vanuit long naar bloed → bindt op SH-groepen → ↓ cellulair metabolisme
- GI reactie: neerslag van
chloorgas op voeders → oxidatie door vocht → vorming HCl → schade maagdarmmucosa
Chloorverbindingen
Fosgeen:
- COCl2 → CO2 + HCl
- Letsend thv ogen, neus
- Is heel lipofiel waardoor
en longen
snel effect
Yperiet, Lewesiet:
- = Mosterdgas
- - Werkzaam op
- longslijmvliezen en
- huid:
- → Blaasvorming huid,
- mucosae
→ Etsing ADH-stelsel → Beenmergdepressie → Schade lymfewegen
Lees de casussen nog eens goed na in de samenvatting, want mogelijks casus op examen!Let op! Hoofdstuk inleiding en hoofdstuk diagnose staan hier niet in 1 / 4
2 / 42
Koper (acuut) Eigenschappen:
- Éénmalige dosis
- Metallisch koper is
inert, ionair koper niet (vb. loodhagel in maag vogel, koperleidingen + zacht water
hard water: kalklaagje
beschermt)
Voorkomen:
- Orale opname van vb.
resten fungicide die overblijven
- Slechte dosering Cu in
varkensvoeder
Bronnen:
- Cu-bevattende GM
(groeipromotoren)
- CuSO4: Bordelese pap
(fungicide)
- Kopernaftenaat:
houtbewaringsmiddel
- Ionair koper
Cu 2+
(ionair koper):
- Lokaal: GI → irritatie +
prikkeling vagus → hogere motiliteit + reflectorische bradycardie → diarree, koliek + sterfte
- Resorptie: extreme
vasodilatatie door vaatverlamming → daling bloeddruk → shock → sterfte
Symptomen:
- Donkergroen gekleurde
- Gestold bloed
- Stuwing GI kanaal
faeces en urine
Diagnose:
- Cu
- Zodanig acuut, dat er geen
2+ bepaling in faeces / urine
tijd is om veel te resorberen (70% van Cu nog in de darm)
Antidoot:
- Kaliumferrocyanide 1%
oraal: Cu → Cuferrocyainde +K
+ • MAAR nergens op voorraad
- Na2S2O3 25% IV
Behandeling: symptomatisch
(!)
- Purgeermidelen (laxidatief)
- Emetica
- Cardiotonica
Fotosensibiliserende planten (primair)
= De plant zelf bevat de fotodynamische stof
Etiologie:
Boekweit of Fagopyrum esculentum
- Bevat fagopyrine
(fotodynamische stof)
Waar zit de toxiciteit:
Boekweit of Fagopyrum esculentum
- Verse én gedroogde
plant bevatten het toxine
Welke reactie ziet men:
- Directe actie (rechtstreeks)
→ fluorescerend pigment → bloedbaan → huidcapillairen → UV activatie → vorming ROS → fotodermitis
Symptomen:
- Roodheid
- Necrose
- Verlies soepelheid,
- Pijn
perkamentachtige huid (vooral witte delen)
Behandeling:
- Analgetica tegen pijn
- Olie om huid te
- Anti-histaminica tegen
- AB (lokaal en/of syst)
- Corticosteroïden
- Bevat hypericine
versoepelen
jeuk
Sint-Janskruid of hypericum perforatum
Sint-Janskruid of hypericum perforatum
- ‘perforatum’: zwarte
kliertjes die het toxine bevatten 2 / 4
3 / 42
Fotosensibiliserende planten (secundair)
= Plant bevat stof die lever beschadigt
Brassica of kruisbloemigen
- raap-, kool-, mosterd-
- Voor olie, biodiesel
zaad
Probleem?
- Voor diervoeding: men
wil minder glucosinolaten (toxisch)
- Biodiesel: meer
glucosinolaten
Toxiciteit:
- Residu (koeken, schroot)
bevat glucosinolaten
- In aparte plantencellen
zitten enzymes (thioglucosidase, myrosinase) die glucose gaan afknippen → toxische stof
Wat gebeurd er:
- Lever is beschadigd →
galgangobstructie → metabolisatieproducten niet meer via gal, maar via bloed → huidcapillairen → UV-activatie → fotodermitis
Symptomen:
- Lokale inwerking thv GI
• Etsing: koliek, diarree
• Verdikking penswand
- Rechtstreeks op huid:
irritatie
- Degeneratie lever: icterus
- Nefritis: albuminurie en
hematurie
- Hemolyse door spruitjes
- Thyroïd remming
- Vorming methemoglobine
Senecio of samen- gesteldbloemigen
- Jacobskruiskruid
- 2-jarige plant
- Vaak in biohooi of bij
(1j rozet, 1j bloem)
paarden op natuurlijke weide
Advies voor paardeneigenaars?
- Op zoek gaan naar
bloem/ rozet in de weide (verwijderen met wortel + niet laten liggen, want droogt op en wordt smakelijk)
- Goede, dichte grasmat
- Paarden bijvoederen
en/of niet te veel paarden op weide
- Onkruidbestrijding
Wat gebeurd er:
- Inhoudstof geeft
- Fylloerythrine,
leverschade → galgangobstructie → galpigmenten in bloed → fotodynamisch
metabolisatie-product uit chlorofyl → in bloedbaan → normaal via gal afgevoerd, maar nu accumulatie in bloed → fotodynamisch
Symptomen:
- Ataxie
- Zwakte, depressie,
- Speekselen, zweten,
- Agressie, excitatie
- Deshydratatie, milde
vermageren, lethargie
tremor
koliek
Bloedonderzoek:
- ϒ-globuline T,
bilirubine, galzouten, ammoniak
- ureum
- AP en AST normaal
Behandeling: ondersteunend
- NSAIDs (flunixine)
- AB (ceftiofur, trimethoprim x
sulfo, enrofloxacin)
Diagnose:
- Echo lever: grootte
- Leverbiopsie: karyo-
megalocyten, vooral periportaal/centrolobulair, want CYP450 (omzetting gifstof naar toxische metaboliet)
- Post-mortem: vergrote,
bleke lever met fibrose
- / 4
4 / 42
Stof Etiologie/Bron Toxiciteit Pathogenese Symptomen/Letsels Diagnose/Behandeling Nitraten en nitrieten
Differentiaaldiagnose:
- Vorming MetHb:
chloraten, sulfa’s
- Stoornissen in O2-
verbruik: cyanide, H2S,
CO
- Hemolytische stoffen:
Cu
Bronnen:
- DGK: kunstmeststoffen
- HGK: pekelzouten
- Herkauwers:
accumulatie nitraat in wintergroenten (knollen, rapen, spinazie, bieten)
• Pens: nitraat → nitriet
→ ammoniak
• MAAR 2
de is snelheidslimiterende stap, dus indien te veel nitraat opname, accumulatie van nitriet → toxiciteit
- Monogastrica (varken, kip):
vooral opname vanuit (boorput)water/voeding
Opname:
- Opname in plant wordt
bevorderd door een zure grond en lage gehaltes aan Mb, S en P
Algemeenheden:
- Nitrieten: 10x toxischer
dan nitraten
- Doorheen placenta-
barrière: foetale RBC
blokkeren
Redoxreactie:
- Oxidatie: Fe
2+ → Fe 3+
- Reductie: nitraat →
nitriet
- Is zelflimiterend!
Gevolg inname:
- > 70% MetHb = ✞
- < 40% MetHb = KT
Hyperacuut:
- Zeer hoge D
- Geen vorming MetHb
- Directe werking op
- Verlamming vasomot
- Shock + sterfte
gladde spiercellen bv → hypotensie
cortex → hersenanoxie
Acuut:
- Vorming MetHb →
werkt in op RBC (geen O2 kunnen transporteren)
- Compensatoir: reductie
van Fe 3+ → Fe 2+ door endogeen enzym (diaphorase I)
Subacuut:
- Lage D
- Licht irriterend voor
maagdarmmucosa
Hyperacuut/acuut:
- Plotse dood
Acuut/subacuut:
- Dyspnee, cyanose
- Incoördinatie
- Convulsies, paralyse
- Soms braken, diarree
- Typisch bruine,
en coma
en koliek
chocolade kleur van het bloed
Waarom bloed koel bewaren?
- Warmte: bacteriële
contaminatie → omzetting van nitraat naar nitriet (niet meer correcte gehaltes voor diagnose)
Diagnose:
- Bloed nemen (onstolbaar
maken met EDTA/heparine, koel bewaren, niet invriezen) (spectro-fotometrie → bepalen gehalte aan MetHb (%) )
- Bepaling nitrietgehalte in
bloed/pensinhoud
- Bepaling nitriet/nitraat in
water
Behandeling:
- Antidoot: 1-2%
methyleenblauw IV • 5% indirecte omzetting van Fe 3+ → Fe 2+ via diaphorase II met NADPH als e — donor • (daarnaast 95% directe omzetting via diaphorase I met NADH als e — donor)
- / 4