• wonderlic tests
  • EXAM REVIEW
  • NCCCO Examination
  • Summary
  • Class notes
  • QUESTIONS & ANSWERS
  • NCLEX EXAM
  • Exam (elaborations)
  • Study guide
  • Latest nclex materials
  • HESI EXAMS
  • EXAMS AND CERTIFICATIONS
  • HESI ENTRANCE EXAM
  • ATI EXAM
  • NR AND NUR Exams
  • Gizmos
  • PORTAGE LEARNING
  • Ihuman Case Study
  • LETRS
  • NURS EXAM
  • NSG Exam
  • Testbanks
  • Vsim
  • Latest WGU
  • AQA PAPERS AND MARK SCHEME
  • DMV
  • WGU EXAM
  • exam bundles
  • Study Material
  • Study Notes
  • Test Prep

Vakdidactiek 1 Moderne vreemde talen MVT in de onderbouwe

Class notes Dec 26, 2025 ★★★★★ (5.0/5)
Loading...

Loading document viewer...

Page 0 of 0

Document Text

Vakdidactiek 1 – Moderne vreemde talen (MVT) in de onderbouwe

H1: Inleiding en achtergronden

1.1 Doel en leeswijzer

De vier taalvaardigheden:

  • lezen
  • luisteren/kijken
  • spreken/gesprekken voeren
  • schrijven
  • Vankvimmte–l(Tc)kiebcr1–M k–ekbckmibcreckuwrccmbcke(tice

De grammatica-vertaalmethode:

Tot 1968 was het onderwijs vooral gericht op het bijbrengen van kennis van het taalsysteem, in het bijzonder kennis van grammatcale structuren en vocabulaire. Er was veel aandacht voor geschreven, formele taal en nauwelijks voor mondelinge producte en informele) communicate.

De auwdiolinguwale methode:

Vanaf 1968 moesten de eindexamenprogramma’s van havo en vwo aan vier vaardigheden voldoen: lezen, luisteren/kijken, spreken/gesprekken voeren en schrijven. Ook het programma voor de mavo veranderde. Er kwam meer aandacht voor luisteren en spreken. Het was een duidelijke verandering in de richtng van communicateve benadering.

Basisvorming:

Vanaf het begin van de jaren negentg liet het Ministerie van Onderwijs specifeke richtlijnen opstellen voor het onderwijs in de onderbouw.

Eindtermen:

Duiden van tevoren een vast eindniveau aan. Dit is het geval voor mavo, havo en vwo.

Kerndoelen:

Deze geven geen eindniveau aan en zijn vooral bedoeld om richtng te geven aan een onderwijsprogramma. In 1993 werden er voor het eerst kerndoelen voor de MVT gepubliceerd. De eerste generate kerndoelen werd in 1997 herzien en vervangen door een tweede generate kerndoelen. In 2006 werden de kerndoelen geglobaliseerd. De derde generate geef een korte algemene beschrijving van de leeractviteiten die van leerlingen in de onderbouw verwacht worden.Er staat niet vermeld welk niveau leerlingen aan het eind van de onderbouw moeten bereiken. De belangrijkste doelstelling is het leren communiceren met gebruikers van de vreemde taal.

Drempelniveauw (B1-niveauw):

In opdracht van de Raad van Europa zijn drempelniveaus ingevoerd. Hiermee wordt het niveau aangeduid dat vereist is om in alledaagse situates te kunnen communiceren met gebruikers van de vreemde taal. Het geef aan wat leerlingen met de taal moeten kunnen doen om zich te kunnen redden in dagelijkse contacten.

Euwropees referentiekader (ERK) / Common Euwropean Frameeork of Reference:

De raad van Europa heef het systeem ERK ontwikkeld. Het ERK beschrijf de niveaus van de beheersing van de vreemde taal A1 t/m C2). De nadruk komt bij dit systeem te liggen op wat leerlingen al beheersen en niet op wat zij nog moeten leren. Zelfevaluate speelt bij het ERK een belangrijke rol.

1 1 / 10

1.3 Ondereijs in de onderbouwe

1.3.1 Algemene kenmerken

Docenten proberen bij het onderwijs in de onderbouw recht te doen aan de ontwikkelingsfase waarin leerlingen zich op dat moment bevinden. Er wordt een brede ontwikkeling gestmuleerd bij leerlingen. In de onderbouw zijn er drie sleutelwoorden die als een rode draad door de kerndoelen van alle vakken lopen: toepassing, vaardigheid, samenhang. Onderstaande aspecten zijn

kenmerkend voor het onderwijs in de onderbouw:

  • De leerling leert actief en in toenemende mate zelfstandig
  • Zelfstandig leren levert een hoger rendement op dan het traditonele klassikale onderwijs. Dit punt sluit aan bij de wens en behoefe aan zelfstandigheid van kinderen in deze ontwikkelingsfase.

  • De leerling leert samen met anderen
  • Kinderen leren sneller als ze samenwerken. Het levert een hoger leerrendement op en helpt leerlingen om hun sociale en communicateve vaardigheden te ontwikkelen.

  • De leerling leert in samenhang
  • Voor een leerling is het soms moeilijk om samenhang te zien tussen verschillende vakken in het vo.Leren in samenhang helpt leerlingen om relates te leggen tussen de inhoud van verschillende vakken en/of leergebieden en dat zij werken vanuit het geheel naar het deel en vice versa.

  • De leerling oriënteert zich
  • De leerling dient zicht te krijgen op de mogelijkheden die zijn schoolloopbaan biedt en op verschillende soorten beroepen die in het verlengde daarvan liggen. Leerlingen leren om keuzes te maken tussen de mogelijkheden die zij hebben in de samenleving waarin zij leven. Deze mogelijkheden kunnen zij aanpassen aan hun eigen interesses, capaciteiten en ambites. Zij oriënteren zich op waarden, normen en opvatngen die in onze maatschappij voorkomen.

  • De leerling leert in een uwitdagende en veilige leeromgeving
  • Onderdelen van een uitdagende en veilige leeromgeving zijn: een klimaat dat aanzet tot leren, een sfeer waarin fouten gemaakt mogen worden en contexten die realistsch, betekenisvol en voor leerlingen herkenbaar zijn.

  • De leerling leert in een doorlopende leerlijn
  • Het onderwijs in de onderbouw wordt gekenmerkt door de zorg voor een doorlopende leerlijn die de leerling over de breuken heen voert die het Nederlandse onderwijsstelsel nu eenmaal met zich meebrengt: van bo naar vo. Het gaat erom dat onderwijs en begeleiding erop zijn gericht de leerling zo goed mogelijk over de breuklijnen heen te helpen en elke leerling een positeve groei-ervaring te geven.

1.3.2 Engels in het basisonderwijs

In het bo staan verstandelijke, emotonele ontwikkeling, ontwikkeling van de creatviteit, het verwerven van sociale, culturele en lichamelijke vaardigheden centraal. De bedoeling is dat het vo zich verdiept in deze doelen, op de vakspecifeke inhouden en vaardigheden. Voor de MVT geldt dit met name voor het vak Engels verplicht op het bo sinds 1986). Het is niet eenvoudig om een goede

aansluitng te maken tussen EIBO en Engels in het vo. Kerndoelen voor EIBO:

  • De leerling leert vertrouwed te raken met de klank van het Engels door veel te luwisteren naar
  • gesproken en gezongen teksten.

  • De leerling leert strategieën te gebruwiken voor het uwitbreiden van zijn Engelse eoordenschat.

2 2 / 10

  • De leerling leert strategieën te gebruwiken bij het vereerven van informatie uwit gesproken en
  • geschreven Engelstalige teksten.

  • De leerling leert in Engelstalige schrifelijke en digitale bronnen informatie te zoeken, te ordenen
  • en te beoordelen op eaarde voor hemzelf en anderen.

  • De leerling leert in spreektaal anderen een beeld te geven van zijn dagelijks leven.
  • De leerling leert standaardgesprekken te voeren om iets te kopen, inlichtingen te vragen en huwlp
  • te vragen.

  • De leerling leert informeel contact in het Engels te onderhouwden via e-mail, brief en chaten.
  • De leerling leert eelke rol het Engels speelt in verschillende soorten internationale contacten.

Verschillende vormen van onderwijs Engels op het bo:

  • Reguwliere EIBO: lessen Engels in groep 7 en groep 8, gemiddeld een uur per week.
  • Versterkt talenondereijs (vto): meer dan een uur Engels per week in groep 7 en groep 8.
  • Vervroegd EIBO: Engels wordt al voor groep 7 gegeven, bv in groep 5 of groep 6.
  • Vroeg vreemdetalenondereijs (vvto): vanaf de kleuterleefijd al een vreemde taal geven.

5. Teeetalig primair ondereijs (tpo): tweetalig onderwijs.

EarlyBird project:

Een pilot van Bestuur Openbaar Onderwijs Roterdam BOOR) met als doel beter en eerder Engels op het bo aan te bieden. Het project is uitgegroeid tot een natonaal kenniscentrum dat samenwerkt met het Europees Platorm en experts op het gebied van vroege taalverwerving. De gedachte is dat burgers met een goed ontwikkelde talenkennis meer kansen hebben op de Europese en mondiale arbeidsmarkt.

Content and Languwage Integrated Learning (CLIL):

Sinds de introducte van het tweetalig onderwijs to) volgen steeds meer leerlingen op het vo tweetalig onderwijs. Vanaf de brugklas wordt de helf van de vakken dan in het Engels aangeboden.Natonaal coördinator van het to is het Europees Platorm.VaHaHkB–eI(eI steecekuw(ekbr–ckIcecr(Tc kgcrebictice De communicateve gebruiksfuncte staat centraal. Kennis van en over de taal is bij de kerndoelen van ondergeschikt belang. De kerndoelen hebben eenzelfde kerninhoud voor alle onderbouwleerlingen en vermelden geen precies beheersingsniveau. In het aanbod van MVT in de

onderbouw neemt Engels een bijzondere posite in:

  • In tegenstelling tot andere moderne vreemde talen in Engels een verplicht vak
  • Engels is een kernvak (samen met Nederlands en Wiskuwnde)
  • Engels is op het bo een verplicht vak
  • Er eordt een hoger niveauw van Engels vereacht dan bij de andere talen
  • Groeiend aantal scholen dat to of CLIL aanbiedt vanaf de bruwgklas
  • Nederlandse kinderen eorden al vroeg blootgesteld aan de Engelse taal
  • 1.4 Kenmerken van commuwnicatief vreemdetalenondereijs Communicatef vto richt zich op de ontwikkeling van functonele communicateve vaardigheden, zowel mondeling als schrifelijk, zowel receptef passief) als productef actef). Het doel is om dingen te doen met taal. Kennis van en inzicht in vocabulaire, structuren en regels worden slechts belangrijk gevonden voor zover deze kunnen helpen bij het leren gebruiken van de vreemde taal.Leerstrategieën zijn de technieken die een leerling bewust gebruikt om zijn of haar leerdoel te bereiken en de eigen leerprestates te verbeteren. Een efciënte en succesvolle leerling beschikt over

3 3 / 10

een groot strategisch repertoire. Binnen de taalleerstrategieën zijn er twee algemene soorten te onderscheiden die leerlingen in de onderbouw moeten ontwikkelen.

  • Commuwnicatieve strategieën die direct betrekking hebben op taalvereerving
  • Deze worden door de leerling gebruikt om een lacune in kennis of taalvaardigheden te compenseren en om communicateproblemen te vermijden. Strategieën die hier betrekking op hebben zijn: leesstrategieën, luisterstrategieën, spreek- en gespreksstrategieën etc.

  • Leerstrategieën met een meer algemeen of indirect karakter
  • Deze zijn nadrukkelijker dan de eerste categorie strategieën. Het is gebaseerd op refecte op het eigen leerproces en op de wijze waarop kennis wordt verwerkt. Deze strategieën hebben een metacognitief karakter. Hierbij kan je denken aan brainstormen over een thema waarbij voorkennis wordt geactveerd, voorspellingen doen over de inhoud van een tekst of de inhoud samenvaten. Er kan gebruik worden gemaakt van allerlei hulpmiddelen zoals een woordenboek. Evaluate valt ook onder deze strategie.

    1.5 Leerplanaspecten

1.5.1 Een op taken gebaseerd leerplan

We gaan uit van een op taken gebaseerd leerplan. In dit leerplan komen twee soorten taken voor:

  • Commuwnicatieve taken
  • Zinvolle communicateve handelingen die in een concrete communicateve situate kunnen voorkomen. Het accent ligt op het gebruik van de taal om de taal te verwerven. Het trainen van vaardigheden staat centraal.

  • Leertaken
  • Taken die als een hulpmiddel dienen en die de leerling nodig heef om communicateve taken te kunnen uitvoeren. Voorbeelden zijn het aanleren van diverse strategieën, het verwerven van een grotere woordenschat en het aanleren van grammatcale structuren.Een op taken gebaseerd leerplan is gericht op het werken aan de ontwikkeling van communicateve vaardigheden van de leerling. De aard en moeilijkheidsgraad bepalen de opbouw van het programma. De leertaken worden daarop afgestemd.VaEankK( cemibctikuwiirklimmte–l(Tc)kuwrccmbce(ticeiebcr1–M Er zijn verschillende fasen modellen ontwikkeld waarmee we de opbouw van het onderwijs in de moderne vreemde talen kunnen structureren. Leerlingen worden door diverse fasen geleid: van begrijpen tot spontaan gebruik van een vreemde taal. Het model dat breed wordt toegepast in het onderwijs is van Neuner 1981). Het model leent zich goed voor de ontwikkeling van gespreksvaardigheid binnen communicatef vto. Neuners oefeningentypologie kent vier fasen ABCD). Het sluit aan bij het principe van een opbouw die begint bij recepteve vaardigheden en

vervolgens via reproducte naar vrije producte leidt. De verschillende fasen:

  • A-fase: gericht op het begrijpen van gesproken en geschreven teksten. Er wordt geen productef
  • taalgebruik verwacht. De vaardigheden lezen en luisteren/kijken staan centraal. Er wordt geen of slechts een gering beroep gedaan op spreek- en schrijfvaardigheid voorbeeld p.32 illustrate 1.3).

  • B-fase: taalmiddelen worden aangeboden en geoefend die nodig zijn voor communicate, zoals
  • woorden, stukjes van zinnen en grammatcastructuren. De oefeningen zijn vooral reproductef en sterk gestuurd. Leerlingen herhalen veel en ze hoeven niet veel in te brengen bij het voeren van gesprekken en schrijven voorbeeld p.33 illustrate 1.4).

4 4 / 10

User Reviews

★★★★★ (5.0/5 based on 1 reviews)
Login to Review
S
Student
May 21, 2025
★★★★★

This document featured practical examples that helped me ace my presentation. Such an outstanding resource!

Download Document

Buy This Document

$1.00 One-time purchase
Buy Now
  • Full access to this document
  • Download anytime
  • No expiration

Document Information

Category: Class notes
Added: Dec 26, 2025
Description:

Vakdidactiek 1 – Moderne vreemde talen (MVT) in de onderbouwe H1: Inleiding en achtergronden 1.1 Doel en leeswijzer De vier taalvaardigheden: - lezen - luisteren/kijken - spreken/gesprekken voere...

Unlock Now
$ 1.00