Wat is wetenschap? – belangrijke punten
Hoofdstuk 1: Wat is wetenschap?
Het common sense-beeld van wetenschap = het algemene beeld van de wetenschap: ‘onderzoek leidt naar theorieën over de werkelijkheid die getoetst worden aan de hand van feiten. En omdat feiten verkregen zijn door de wetenschappelijke methode te volgen, neemt men aan dat de wetenschap het bij het juiste eind heeft.’ Wetenschappers spreken dus met gezag.-Wetenschappelijke kennis is objectief.-De (unieke) wetenschappelijke methode is ‘de’ manier om kennis over de wereld te verkrijgen.-Wetenschap is (maatschappelijk) waardevrij = neutraal (de keuze mag niet beïnvloed worden door andere belangen) en onafhankelijk (bij acceptatie speelt morele oordelen en ideologische opvattingen geen rol).-In wetenschap spelen externe invloeden geen rol en is daarom autonoom (alleen onderzoekers bepalen welke onderzoeksvragen de moeite waard zijn): alles draait om (empirisch) bewijs.-Wetenschappers zijn op zoek naar de waarheid = niet normatief (onderzoekers zijn niet verantwoordelijk voor de toepassing in de maatschappij).Dit leidt tot het systematisch testen van hypotheses en theorieën.Wetenschappelijke artikelen volgen een standaardopbouw en bevestigd (altijd) het common sense-
beeld. Hierbij wordt passief taalgebruik gehanteerd en bestaat het uit een:
1.Samenvatting
2.Inleiding: beschrijft de vraagstelling en de aanleiding voor dit onderzoek
3.Materialen en methode 4.Resultaten
5.Discussie: hier worden de resultaten geanalyseerd en geïnterpreteerd
6.Conclusie 7.Referenties 8.Dankwoord
De geschiedenis van wetenschap in het kort:
Aristotelis was de eerste persoon die dmv empirisch waarnemen een zoölogische classificatie opstelde. Het classificatiesysteem zoals we die nu kennen is opgebouwd door Carl Linnaeus. Charles Darwin verklaard in de negentiende eeuw dat de natuur continue onderhevig is aan veranderingsprocessen en die processen worden niet gekenmerkt door ‘sturing’ maar door selectie (survival of the fittest). Mendel verklaard later, na Darwin’s dood, de erfelijkheidsleer. De samenvoeging van de theorieën van Darwin en Mendel wordt dan de ‘neodarwinistische synthese’ genoemd. Door Watson en Crick kwam het genetische onderzoek naar DNA op gang. Dankzij Descartes mechanistische mensbeeld, kon Harvey het beeld van het hart als de pomp van het menselijk lichaam verwezenlijken. Louis Pasteur liet in de negentiende eeuw zien dat kennis van pathofysiologische mechanismen kan leiden tot belangrijke therapeutische verbeteringen. Dit leidde echter alleen tot ideeën voor behandelingen en niet tot garantie. Op basis hiervan zijn aanvullende onderzoekstradities opgericht, zoals de klinische epidemiologie. De statistische epidemiologie 1 / 3
probeert getalsmatig de effectiviteit van geneesmiddelen aan te tonen door verbanden aan te tonen (Evidence based medicine).Om een nieuw denkraam te kunnen ontwikkelen waarin verandering van soorten als uitgangspunt genomen wordt, moest er een overgang worden gemaakt van een empirische naar een reflectieve houding.Wetenschappelijke kennis staat erg hoog aangeschreven in onze samenleving. Sommige beweren zelfs dat als behandelingen die niet wetenschappelijk onderbouwd zijn, geen plaats mogen hebben in onze samenleving. Deze houding wordt een sciëntistische visie genoemd: er is maar 1 vorm van kennis en dat is wetenschappelijke kennis en als iets niet wetenschappelijk aangetoond kan worden dan bestaat het niet of is het ongeldig. Er zijn dus geen grenzen aan wat er met wetenschap bereikt kan worden.-Wilson: ‘Alles wat onderzocht kan worden is gebaseerd op materiële processen en daarom uiteindelijk te herleiden tot de wetten van de fysica.’ Robert Merton heeft in 1942 ongeschreven regels van de gedragscode opgesteld om de wetenschappelijke ziel objectief te houden.-Communism: alle onderzoeken moeten toegankelijk zijn voor iedereen die daar interesse in of belang bij heeft.-Universalism: de beoordeling van wetenschappelijke kennis is onafhankelijk van ras, geslacht, sociale positie, nationaliteit, religieuze identiteit, enz… -Disinterestedness: de persoonlijke opvattingen en gevoelens van de onderzoeker mogen geen invloed uitoefenen op de resultaten.-Organized scepticism: in de wetenschap is systematisch wantrouwen ten opzichte van elk resultaat geboden.
Hoofdstuk 2: De ontwikkeling van penicilline
Wetenschap draait weliswaar om methodologisch onderzoek naar de werkelijkheid, maar dat onderzoek is gebaseerd op aannames die nooit helemaal vrij zijn van persoonlijke belangen of cultureel bepaalde waarden.Niet Flemming, maar Florey en Chain toonde de werking van penicilline tegen ernstige infecties aan en brachten de massaproductie op gang. Flemming kreeg de erkenning om dat hij wel in de publiciteit wou staan, bovendien had het ziekenhuis waar Flemming werkte geldnood en konden zij de media-aandacht goed gebruiken. Die verhaal leverde Flemming juist de goede aandacht: het imago van wetenschappers had in WOII een aardige deuk opgelopen omdat wetenschappelijke uitvindingen (als de atoombom) veel mensen het leven kostten. Flemmings ontdekking redde juist veel mensen van die dood romantische ontdekkingsverhaal van de eenzame wetenschapper.Een aantal jaar eerder had een groep onderzoekers dezelfde waarneming gedaan met deze schimmel en hadden er diverse onderzoeken mee gedaan. Helaas zonder positief resultaat. Het enige verschil tussen Flemming en de andere onderzoekers is dat bij Flemming sprake was van een zeldzame
schimmel binnen dat soort: degene die hoge concentratie penicilline produceert.
15 jaar na de toevalsbevinding kwam de verklaring voor de werking van penicilline: penicilline verhindert de vorming van nieuwe celwanden bij bacteriën die zich net in tweeën hebben gedeeld.Echter hielpen eerdere ervaringen met de stof lysozyme Flemming de situatie herkennen. Maar doordat lysozyme zijn beperkingen had ging Flemming er vanuit dat penicilline ook zijn beperkingen 2 / 3
had. Testen om zijn hypothese dat penicilline niet als bruikbaar geneesmiddel gebruikt kan worden deed hij niet eens meer. Florey en Chain hielpen Flemming later om grotere hoeveelheden in een stabiele vorm te produceren, Flemmings bewering dat niemand hem hielp klopt dus niet.De bijdrage van Florey en Chain was dus onmisbaar. In de eerste jaren van hun onderzoek was er geen contact met Flemming waardoor zij ook niet konden profiteren van het ongepubliceerde werk van Flemming en moesten zij dus zelf opnieuw uitzoeken hoe je penicilline het beste kunt winnen en bewaren. Nadat ze dit gedaan hadden, hadden ze de werkzaamheid aangetoond maar nu moesten ze nog fabrikanten vinden die voor hun wouden produceren. Florey slaagde hierin in Amerika.Kortom, ontdekken is niet een duidelijk aanwijsbare gebeurtenis maar een proces. En in plaats van 1 ontdekker heb je vaak een groep betrokkenen die een grotere of kleinere rol spelen in dat proces.Hierbij is heb niet 1 helder moment dat doorslaggevend is, maar gewoon proberen en kijken wat eruit komt. Mocht je dan iets hebben gevonden dan moet de rest van de wereld hier wel potentie in zien, anders stokt de ontdekking.
Flemming en de schending van de Normen van Merton:
-Communism: ‘Florey en Chain konden niet profiteren van het ongepubliceerde werk van Flemings biochemici. Zij moesten opnieuw uitzoeken hoe je penicilline het best kunt winnen en bewaren.’ Onderzoeksgegevens moeten beschikbaar zijn voor andere (i) ter controle en (ii) om op voort te kunnen bouwen, echter moet een laboratorium niet als openbaar terrein worden gezien.-Universalism: Hooguit: Fleming wordt gezien als held en daarom wordt zijn werk niet erg kritisch onderzocht.-Disinterestedness: Fleming zoekt de publiciteit omdat zijn werkgever (een ziekenhuis in financiële nood) de aandacht goed kan gebruiken -Organized scepticism: De verklaring voor het feit dat bacteriën in de buurt van de schimmel niet konden groeien, werd pas gevonden vijftien jaar nadat penicilline zijn intrede had gedaan als geneesmiddel. Penicilline doodt geen kolonies van volwassen bacteriën. Wel verhindert het de vorming van nieuwe celwanden bij bacteriën die zich net in tweeën hebben gedeeld. Er bestaat niet een eenduidig criterium om te bepalen of een hypothese ‘voldoende’ is getest. 100% zekerheid bestaat niet in de empirische wetenschappen!
Hoofdstuk 3: De evolutie van de mens
Consensus over wat wel en wat niet gezien moet worden als ‘goede’ wetenschappelijke kennis zou uitsluitend afhangen van de ‘objectieve’ feiten die verkregen zijn door de ‘onbevooroordeelde’ methoden van de wetenschap in acht te nemen. Echter is het in de werkelijkheid zo dat allerlei waarden en gewoontes die in onze maatschappij een zekere vanzelfsprekendheid hadden/hebben, geprojecteerd worden op bijv de Neanderthalers zonder dat de ‘makers’ zeker waren van deze impressie. Volgens de common sense spelen persoonlijke opvattingen bij het onderzoek naar de mens een storende rol.
Waarden in verschillende fasen van onderzoek:
1.De fase voordat het wetenschappelijk onderzoek start = operationaliseren 2.De fase waarin het wetenschappelijk onderzoek plaatsvindt = empirisch onderzoek a.Rol epistemische waarden bij de evaluatie van hypothesen en theorieën (bv precisie en reikwijdte).
- / 3